Dour Festival

Stofdouches en muzikale uitspattingen

Patrick Van Gestel
Festivalterrein, Dour13 juli 2006

We hadden onze handdoek aan het zwembad kunnen leggen en languit genieten van het vrouwelijk schoon dat zijn opwachting maakte, maar genadeloos als we zijn geven wij er de voorkeur aan om stof te vreten in een onooglijk dorpje in het zuiden des lands om daar kennis te maken met wat de alternatieve scene dezer dagen zoal te bieden heeft.

Dour Festival
Foto: Patrick Van Gestel

Verdeeld over zes podia geven zo’n 250 groepen, artiesten, dj’s, you name it, het beste van zichzelf voor de 34.000 mensen per dag die er vier dagen lang hun gading zoeken. Een goed uitgestippeld parcours is dus geen overbodige luxe.

Donderdag

Met 32.000 betalende bezoekers op donderdag breekt het Dour Festival nog maar eens een record. Het wordt stilaan een gewoonte voor organisator Carlo Di Antonio en zijn trouwe kompanen. Voor de critici onder ons een duidelijke bewijs dat de Waalse hoogmis voor alternatieve muziek populairder is dan ooit.

Ondanks het onwaarschijnlijke vroege uur laten we ons verleiden door de Belgische band Montevideo. Nog niet veel over gehoord, wel al kilometers over gelezen. Deze heren liggen duidelijk in de smaak bij de (vooral Waalse) pers. Of ze al die aandacht verdienen is echter de vraag. Zanger Jean Waterlot waant zich nu al op het hoogste schavot in de Afrekening. Jean if you read this, er is nog werk aan de winkel.

Alsof het nog niet warm genoeg was in de Dance Hall betraden drie mooi ogende Zwitserse punkmeiden het podium. The Delilahs zijn geen katjes om zonder handschoenen aan te pakken. Met hun energieke muziek proberen ze de aandacht van hun welgevormde buste te houden. Lukken deed dit amper, vermits de grote hamvraag bleef of het nu de gitariste of de drumster was die het lekkerst voor de dag kwam.

In de warme Club-Circuit Marquee voelen de meesten zich misschien als een versgebakken wafel, toch is het uitkijken naar Peter Pan Speedrock. Dit trio mixt alles wat nog maar mixbaar lijkt in het brede muzieklandschap. Het bekomen goedje doopten ze om in Speedrock. Met een ADHD-achtige show werd alles wat vandaag de revue passeerde van de kaart geveegd, schrijf Peter Pan Speedrock maar op het lijstje van toppers op Dour 2006.

Het Gentse surfcollectief Fifty Foot Combo maakte al snel duidelijk waarom het was afgezakt naar dit festival: to thrash the place. Vooral de energieke vrouw aan de synthesizer liet met haar bewegingen meer dan een man het noorderlicht zien.

Rond 21 uur was het tijd voor de D 'n B fans om eindelijk uit hun tent te kruipen. Planet Pendulum, een snel stijgende waarde in zijn genre mocht de keet opwarmen, voor zover dat nodig was natuurlijk. Hun debuutalbum 'Hold Your Colour' ging wereldwijd als zoete broodjes over de toonbank en of we dat geweten hebben. Het nummer Slam werd bijna letterlijk een regelrechte klap rond de oren. Een tot nog toe ongezien tafereel op deze editie, de Eastpak-tent puilde uit. Er wacht dit drietal een grote toekomst.

Dat het muzikaal talent niet allemaal uit het westen komt bewijst Messer Chups. Het uit Sint Petersburg afkomstige duo toont aan dat die koude Russen ook best kunnen rocken. Met hun surfmuziek die recht uit een oude Scooby Doo film kan komen wisten ze veel aanwezigen te verrassen. Niet enkel muzikaal een opsteker, ook visueel was er aan gewerkt. Vergezochte video-effecten uit een oud en stoffig Russisch archief haalden de aandacht van het tweetal, wat je als positief mag omschrijven.

Na de Nederlanders van Peter Pan Speedrock eerder op de dag was het nu de beurt aan Junkie XL om zich te bewijzen. Tom Holkenborg scoorde een paar jaar geleden een belachelijk grote hit met zijn Elvis remix A little less conversation. Met het grof verdiende geld trok hij zich geruime tijd terug richting Amerika. Maar na die lange periode van stilzwijgen blijkt dat hij de knopjes op de draaitafel nog perfect weet staan. Een zelfzekere Junkie kwam, zag en blies alles omver.

Omdat reporters ook maar mensen zijn blijkt dat deze dag stillaan zwaar begint door te wegen. Als slaapmutsje van dienst gaat de set van Nathan Fake er nog net in. Zijn debuutalbum 'Drowning in a Sea of Love' laat je wegdromen naar plekken ver buiten dit zonnestelsel. De typische dromerige Nathan-sound kwam live minder sterk over dan verwacht. Toch was dit de perfecte afsluiter van een wondermooie Dourdag. Dour blijft verbazen, dat is de conclusie na dag 1.
[pagebreak]

Vrijdag

Dat zwembad mag dan nog zo aantrekkelijk lijken, wij blijven de hitte trotseren om verslag uit te brengen van het meest gedurfde Belgische festival. 

Wij beginnen met Piano Club, een groep uit het Luikse met een CD op hun palmares, die op het Red Frequency Stage de feestelijkheden mocht openen.  Mooi assorti gekleed (iets wat wel vaker opviel tijdens dit festival) laten de heren duidelijk blijken dat zij de huidige golf Britpop best kunnen smaken.  Ze doen hun ding trouwens geanimeerd, hetgeen ook door het reeds aanwezige (nog eerder beperkte) publiek wordt op prijs gesteld.

In de Clubcircuit Marquee gaat Al Dente intussen zijn gang met een feestelijke potpourri van operette, zuiderse muziek en een fikse scheut Manu Chao-achtige gekheid.  De blazers (trompet en sax) dragen bij tot de sfeer en de zanger weet het aanwezige publiek zelfs op dit vroege uur al warm te krijgen voor zijn muziek.

Absoluut de moeite was The Birthday Massacre, een Canadese band met een duidelijke voorkeur voor gothic.  Frontvrouw Chibi weet het publiek dat de weg naar The Last Arena heeft gevonden, geboeid te houden terwijl de jongens een lekkere gitaarmuur rondom haar massieve vocals opbouwen.  Aan alles is gedacht : de groep is geheel uitgedost in oogverblindend zwart/wit, er is het prachtige logo dat het podium siert, maar het gaat hem vooral om de muziek, die je van je sokken blaast.  Ongetwijfeld het eerste hoogtepunt van de dag. 

Iets verderop geeft The Hickey Underworld, de revelatie van Humo’s rock rally 2006, het beste van zichzelf in de Clubcircuit Marquee.  Ze staan duidelijk nog wat onwennig op het podium, maar laten de muziek voor zich spreken.  Snel en uiterst pittig wordt een mix van rock, ska en punk gebracht.  Hier zit wat in, dat kan niemand ontkennen, alleen de podiumprésence ontbreekt nog op dit moment.

Dour hecht duidelijk ook veel belang aan de evoluties binnen genres als dub en reggae.  Transdub Massiv, ondersteund door Jovi Rockwell, verkent de grenzen van de dub met twee DJ’s waar Rockwell overheen zingt.  Dit wordt duidelijk gesmaakt door het publiek.  La Petite Maison dans la Prairie zit goed vol en de reacties zijn laaiend enthousiast.
Dat dub erg veel succes kent, blijkt ook al wanneer even later op hetzelfde poduim Brain Damage (DJ + bassist) eenzelfde warm welkom krijgen van het publiek. 

Een erg gering aantal stofvreters is getuige van de passage van Le Nombre, een groep uit Montréal, die een idee geven van hoe Iggy Pop & The Stooges zouden geklonken hebben indien zij de Franse taal hadden gebezigd.  Ludwig Wax gedraagt zich aanstekelijk arrogant op het podium en komt er lekker mee weg.  De rest van de band legt daarvoor een strakke basis neer.  Ongetwijfeld gaan zij het gezien hun voorkeur voor het Frans nooit helemaal maken in België, maar de groep weet in ieder geval van wanten en is zeker een kijkje waard.

Als je weet dat Oomph! al sinds 1989 bestaat , dan is het meteen duidelijk waar Rammstein de mosterd vandaan haalde. Live blijkt dat niet enkel de inhoud maar ook de pot en het etiquette van dezelfde makelij zijn. Technisch zat niet alles even snor, hun glansprestatie van Dour 2004 konden de Duitsers jammer genoeg niet overdoen. Hoge verwachtingen doen wel vaker groepen de das om.

Het echte werk lijkt te beginnen met A Brand die, ook al getooid in dezelfde zwarte ritssluitingjasjes, het succesvolle optreden op Werchter nog eens overdoen en er met radiohits als Riding Your Ghost, Killer Queen en Hammerhead (nog steeds hun beste nummer) de toeschouwers van overtuigen dat de zon geen enkel bezwaar is om uit je dak te gaan.  Ook de medley van twee klassiekers als Block Rockin’ Beats (Chemical Brothers) en Poison (Prodigy) dragen bij tot een supersfeer.  Er wordt zelfs een bisnummer afgedwongen, waarin drummer Frederik Heuvinck zijn ding mag doen.

Het is Iers, folk en heeft punkinvloeden, maak de som en je bekomt Flogging Molly. Ierse feestkwaliteit die hoog staat aangeschreven. Deze band is door velen beschouwd als vaandeldrager van de hedendaagse folkrock. Nummers als Drunken Lullabies en andere hits werden opgehaald en luidkeels meegezongen. Flogging Molly is duidelijk al langer dan vandaag naar voor getreden als één van de smaakmakers in het sing-a-long folkgenre. Enkel de Dropkick Murphys kunnen hen nog evenaren. Na hun laatste Guinness keerden de kerels ons hun rug toe, we wisten dat het goed zat. Goed zat?

Gezien Annie haar materiaal is kwijtgeraakt in de luchthaven, wordt haar optreden in de Dance Hall afgelast.  Jammer, want wij waren toch wel een beetje benieuwd naar dit Scandinavische Anniemal.

Het indrukwekkendste optreden van de dag (en misschien zelfs van het weekend) wordt gegeven door Battles.  Wij zijn heus niet de enigen die bij momenten met open mond staan toe te kijken hoe de heren de meest onmogelijke klanken uit hun instrumenten halen, terwijl de drummer  het geheel met strakke roffels bij elkaar houdt.  De combinatie van postrock, progrock, freejazz, hiphop, beatbox en ongetwijfeld nog een aantal andere genres die we over het hoofd zien, is ongelooflijk boeiend en gaat nergens uit de bocht.  Wij zitten ons steeds af te vragen waar de improvisatie stopt en het ingestudeerde begint of omgekeerd.  Wie de kans heeft om deze heren aan het werk te zien, moet zeker een kijkje gaan nemen.  Zelfs al zegt de muziek je niets, dan nog ben je onder de indruk van het professionalisme van deze groep.

Sommige bands zijn niet weg te denken op een festivalaffiche. Soulfly is hier één van. Max Cavalera en co bestoken ons festivallandje nu al enkele jaren op rij, met wat je steeds een sterke rockshow mag noemen. Het enkele jaren geleden klinisch dood verklaarde Soulfly bespeelde de Dourwei met veel professionaliteit in zowel vingers als stem. Hun nieuwste release 'Dark Ages' is tevens ook hun zwaarste, en dat zullen we geweten hebben. De oscar van mooiste stofwolk gaat alvast naar hen.

Bij de woorden ska & reggae denkt 99,9 % van de bevolking aan zuiderse landen als Spanje en Jamaica. Maar ook België draagt zijn steentje bij in deze scène onder de naam van The Internationals. Al kan je dat steentje stilaan beginnen te vergelijken met een diamant. Met de derde cd 'Wonders Of The World' kleuren ze alvast stevig buiten de lijntjes. Hun eigen mix van jazz, r&soul en allerhande exotica, overgoten met een eigen ska groove werd live gebracht met zin voor spektakel en grenzeloos enthousiasme.

Voor het eerste optreden ooit van Peeping Tom heeft bezig baasje Mike Patton een indrukwekkende line-up opgetrommeld, met daarin onder andere Rahzel, Immani Coppola en Dan The Automator.  Ondanks dit groot aantal muzikale persoonlijkheden klinkt de groep toch als een hecht geheel.  De recente CD passeert uiteraard grotendeels en Patton is nog steeds de manipulator die hij al was toen Faith No More op zijn hoogtepunt stond.  Bij momenten wordt er trouwens aan die groep gerefereerd, zonder ooit een platte kopie te worden.  Het resultaat van dit allegaartje zijn verschrikkelijk funky nummers met occasionele uitschieters naar metal en hiphop.  Een excellente DJ krijgt ook nog de kans om even zijn kunsten te vertonen en schrikt er daarbij zelfs niet voor terug om fanfaremuziek op de draaitafel te gooien.  Wie deze show zag, weet gewoon dat deze editie van Dour al de moeite is geweest.


Als zijn gewone exuberante zelf mag Jonathan Donahue met Mercury Rev zijn opwachting maken.  Zoals steeds gedraagt hij zich als een jonge god met brede gebaren, daarbij ondersteund door de breed uitwaaierende muziek van zijn kompanen.  Dat de groep nog steeds populair is, wordt aangetoond door de goede bezetting van het plein voor de Red Frequency Stage. 

Gekke combinaties, Dour kent er iets van. Apocalyptica kan je hier als perfecte voorbeeld gebruiken. De cellisten werden bekend met het spelen van covers (Metallica, Slayer en Sepultura). Maar sinds de release van zelfgeschreven nummers traden ze uit de schaduw en hijsten ze zich op bijna hetzelfde niveau als hun grote idolen. Al bij al waren het  vanavond wel die covers die de toppers van hun set bleken. Apocalyptica verbaasde en toonde dat zelfs de harde metalwereld een gevoelig en broos kantje heeft.

Omdat het festival jaarlijks garant staat voor leuke ontdekkingen, was het als afsluiter van de dag het geschikte moment om de vreemde kaart te trekken. Aavikko bewijst dat het niet alleen rond metal, gothic en ABBA draait in het Scandinavische muzieklandschap. De band, waarvan de naam "woestijn" betekent in het Fins, zorgde voor allesbehalve een droog feestje. Een live-drummer en twee toetsenisten zetten een vette rock 'n roll show neer zonder dat er een gitaar aan te pas kwam. Disco, surf-rock, electro en punk gingen hier hand in hand.

Met Peeping Tom, Apocalyptica en Battles in het achterhoofd legden wij als gelukkige mensen ons uitgedroogde lijf te rusten, dromend van al het moois dat nog komen moest.
[pagebreak]

Zaterdag

De kenners zijn het unaniem met elkaar eens, deze derde Dourdag is qua namen op de affiche de meest prestigieuze. Of die verwachtingen ook ingelost werden... 

In La Petite Maison dans la Prairie mag Dosh als één van de eersten zijn ding doen. Dat ding bestaat erin om met een half drumstel, een keyboard en een sampler heerlijke soundscapes te scheppen.  Hij samplet zijn eigen drumspel waarover hij een subtiel toetsenspel weeft. Mooi en erg gesmaakt door het publiek.

Voor wie dacht dat Ska-P dood was ... je hebt volkomen gelijk. The Locos feat. ex-singer of Ska-P zijn een flauw afkooksel van wat ooit groots en feestelijk was. Het best te omschrijven als een snel samengesteld groepje dat zin had in een Europese tournee en een vettere bankrekening. Voeg aan hun snel vervelende set de platte en verkrachtte covers toe en je weet dat het slecht zat. Frontman Pipi (ex Ska-P) geeft zijn carriere duidelijk een kleine deuk. Hopelijk draait het niet uit in een perte-totale.

Iets later mag Ms John Soda aantonen dat er niet alleen metal wordt gemaakt in Duitsland.  Deze groep past eerder tussen moeilijk plaatsbare bands als The Notwist.  Met twee bassen, toetsen en drums wordt fluisterpop gebracht, die heerlijk weghapt bij dit warme weer.

In de Dance Hall wordt intussen heel wat koelere (coolere, zo u wil) muziek geserveerd door Colder, het alter ego van Marc Nguyen Tan, duidelijk erfgenaam van zwartrokken als Joy Division en New Order.  Uiteraard volledig gekleed in het zwart en met puntschoenen wordt zijn uiterst donkere new wave ondersteund door hoekige bewegingen.  De meisjes op de eerste rijen zijn uiteraard in de ban van deze nieuwe jonge held en ook wij lieten ons met veel plezier terugvoeren in de tijd toen het nog hip was om als man lippenstift te gebruiken.

Op het hoofdpodium (The Last Arena) worden we teruggebracht naar een ander tijdperk op de muziektijdlijn. Mudhoney doet de hoogdagen van de grunge herleven en doen daarbij zowaar de eerste stofwolken opwaaien.  De heren zijn duidelijk wat meer op leeftijd sinds de tijd dat zij met Nirvana dit genre op de muzikale wereldkaart zetten, maar hebben duidelijk nog plezier in het spelen.

De mannen van Janez Detd doen met hun pretpunk dan weer de toeschouwers uit de bol gaan voor de Red Frequency Stage.  Er wordt volop gecrowdsurft.  De onderbroekenlol van Nicolas is dan misschien wat overbodig, hij weet het publiek toch te entertainen en springt van links naar rechts over het podium. 


Van een heel ander kaliber was het optreden van Islands, voorheen Unicorns, die met onder andere mensen van Arcade Fire en Wolf Parade een erg happy show bracht.  Volledig in het wit gehuld (het is weer eens wat anders) geeft de band het beste van zichzelf in een energiek optreden, waarbij de bandleden veelvuldig van instrument wisselen.  De violen krijgen hier net als bij Arcade Fire een vooraanstaande plaats in de mix, net als de sax.  Helaas zijn de nummers nog iets te nieuw om het publiek helemaal op hun hand te krijgen, maar ze bezitten ongetwijfeld potentieel.

Ook voor een nostalgisch stukje reggae zijn wij steeds te vinden en de organisatoren van Dour hadden daarvoor Delroy Williams met gasten uitgenodigd.  Het publiek gaat uit zijn dak op klassiekers als Three Little Birds, You Don’t Love Me van en met Dawn Penn en Let Your Yeah Be Yeah van en met The Pioneers.  De onverwachte dood van Desmond Dekker (die ook geboekt was voor dit festival) was daarnaast de aanleiding voor deze artiesten om hem een ode te brengen.  Op hits als Israelites en Ashanti Town wordt geheupwiegd dat het een lieve lust is. 

De avond valt over de mythische doursite 'Plaine de la Machine a Feu'. Het geschikte moment om bij een ondergaande zon weg te dromen met An Pierlé & White Velvet. We zagen de protagoniste, gehuld in smaakvol goud, de wei inpakken. Op imposante wijze wist mevrouw Pierlé vanop haar skippybal of gewoon achter de microfoon het talrijk opgekomen publiek aan haar lippen te kluisteren.  White Velvet deed daarbij precies wat het moest doen : de dame in kwestie met veel smaak en netjes op de achtergrond ondersteunen. An Pierlé heeft duidelijk veel geleerd sinds zij voor het eerst haar opwachting maakte op de rockscene en daar zijn wij erg blij om.

De naar Mali verbannen Ivoriaan Tikken Jah Fakoly windt er geen doekjes om. Hij drukt ons meteen met de neus op de problemen in Afrika. 'Coup de Gueule', zijn laatste goedgemikte mep levert bovenal eerlijke en strijdvaardige muziek. Als wereldverbeteraar laat hij er ons aan herinneren dat reggae muziek met een belangrijke boodschap is. De meegereisde zangeresjes bleven op de achtergrond maar konden schudden met hun cultureel erfgoed dat het een lieve lust was.

Dit was alweer een mooie dag en zondag oogt nog veelbelovender... of toch maar dat zwembad ?
[pagebreak]

Zondag

De laatste dag van Dour fesitval. Er staat weer heel wat lekkers op het programma, en voor je het weet ben je via een stoffig kasseibaantje op weg naar huis.

In La petite maison dans la Prairie opende I Love Sarah. Na Messer Chups bewijst deze band dat ook een duo een zeer gesmaakte combinatie kan zijn. Van melodieus tot heel slordig, van een rustige zomerdag naar een helse sneeuwstorm. Muziek en een hyperactieve drummer die dienden als perfect ontbijt. I Love Sarah is sinds dat vroege uur niet meer weg te slaan uit onze gedachten. Met een dijk van een set zou je zelf ook stiekem verliefd willen worden op die ene Sarah.

De lekkerste cross-over ska komt tegenwoordig niet uit Jamaica, of uit Britse achterstandswijken, die komt uit Brussel. Laat de puristen maar zeuren over authenticiteit, want de Skamuraï Munchies stonden er en niet onbelangrijk, ze zullen er nog lang staan. Munchies is Engels voor "vreetbui", en wij waren voldaan.

Het Dour Festival en hip-hop hebben al langer dan vandaag een liefdesrelatie om jaloers op te zijn. Vandaag is de Dance Hall de hele dag lang omgetoverd tot de hip-hop tempel bij uitstek. De fans vergelijken de affiche niet voor niets met een dream team. Om te bewijzen dat ook dit genre leuk kan zijn, kregen we de gouden raad om Le Club des 7 een kans te geven. De MTV-generatie denkt bij dit genre al snel aan Hummers, lekkere babes, oogverblindende kettingen en last but not least af en toe een vettige beat. Neem het van ons aan, er waren geen glimmende wagens, geen babes, geen kettingen en de echte muziek was ook ver te zoeken.

Punk is dead? Niet als het aan Guerilla Poubelle ligt. In tijden van oorlog, Paris Hilton, olie en geld spuwen ze op alles wat er ook maar iets mee te maken heeft. Muzikaal kan je de band niet echt vergelijken met een poubelle. Netjes afgestofte bas- en zanglijnen waren dan ook weer niet aan de orde. Het verrassend jonge Guerrilla Poubelle bewijst met hun punkmuziek dat je in tijden waar bijna alles al bestaat, creativiteit en doorzetting toch nog hun weerslag hebben.

Dat Nada Surf bij iedereen enkel een belletje doet rinkelen door het nummer Popular mag enigzins bizar genoemd worden. Met hun nieuwste release 'The Weight is a Gift' bewijst de band nog maar eens dat ze meer kunnen dan enkel dat catchy popdeuntje oprakelen. Door die nieuwe schijf werd er vandaag dan ook veel verwacht van Nada Surf. Jammer genoeg wist ook deze band live niet te voldoen aan de hoge eisen van het Dourpubliek. Nada surf zal voor velen altijd de groep blijven die enkele hits maakten, niet meer en ook niet minder. Zonde.

Voor sommige bands is het jaarlijks uitbrengen van een nieuwe plaat een must. De Keltische uitziende folkpunkband The Real McKenzies doet hier niet aan mee. Ze touren de wereld rond en die oneindig lange tour moest en zou dus ook Dour op stelten zetten. Heel veel potten werden er echter niet gebroken. Frontman Paul McKenzi schonk meer aandacht aan het ledigen van zijn whiskyfles dan aan het publiek. De zoveelste muzikale teleurstelling op zondag.

De trofee van (hou je vast aan de takken van de bomen) 'enige echte vettige relevante langharige gitaarhelden' op Dour 2006 gaat met grote onderscheiding naar The Datsuns. Het muzikale dipje van deze namiddag werd rijkelijk gevuld met heerlijke gitaarsolo's en een rock'n roll sound om van te snoepen. Dit was af!

Een armada aan rastafarivlaggen palmde al heel de dag de The Red Frequency stage in. Als afsluiter moest Eek-A-Mouse het orgelpunt plaatsen en alle stoppen doen doorslaan. De verdacht zweverige geur op de eerste rijen loog er niet om. De twee meter lange beer die je in een donker steegje liever niet tegen het lijf loopt vermaakte het publiek met hypnotiseerende melodietjes en wazige flows. Thank you for the good vibes.

Dour Festival blijft verbazen, de torenhoge verwachtingen worden keer op keer ingelost. Net als vorige jaren is het weer 360 dagen reikhalzend uitkijken naar volgende afspraak.

← Terug naar overzicht