Pukkelpop 2018 - Dag 2: klassiek op meer dan één manier

Festivalterreinen Kiewit, 14 augustus 2018 - 17 augustus 2018

Kiewit, rustpunt in het mooie Limburg, dat één keer per jaar davert op de grondvesten. Wij laten ons de komende dagen met plezier meeslepen in het muzikale feest dat Pukkelpop is en u mag mee genieten.

Nieuw dit jaar op Pukkelpop was de Marquee Ouverture: Jef Neve kreeg de vraag van Chokri Mahassine om de dag als allereerste te starten met een stukje klassieke muziek. Een primeur zowaar, maar dat was met dance toch ook ooit het geval. Neve had een aardige band van een vijfentwintigtal strijkers, blazers, een drummer, een sopraanzangeres en zijn echtgenoot op toetsen rond zich verzameld en loodste ons op de hem toebedeelde tijd vlot doorheen De Vier Seizoenen van Vivaldi, eigen werk en meer obscure zaken van de Noor Ola Gjeillo, die Neve aankondigde als “een componist met een geile naam”. Chokri keek ernaar en zag, net als wij, dat het goed was. (pb)

Het was alvast bij BROCKHAMPTON dat de eerste vermoeidheid uit de benen geblazen werd. Het zeskoppige groepje rappers vlamde de ene na de andere plaat door de speakers terwijl ze woedend heen en weer stampten over het podium. En terwijl Gold en Summer de al pijnlijke heupen genadeloos los schudden, kregen we een onhoudbare stroom aan selfies en video's te zien. Narcisme of gewoon jaloersmakende vakantiekiekjes? Afijn, BROCKHAMPTON bracht verfrissende, achteloze, soms ietwat melige hiphop. Ok, af en toe schuurde het wat of liep het hier en daar stroef, maar steeds wisten The Brocks hun hachje te redden met oerdegelijke nummers. (jp)

Dua Lipa deed net het omgekeerde. Waar BROCKHAMPTON van elk nummer een topnummer maakte, wist popqueen Lipa enkel uit te pakken met de grootste hits. Ze is gelukkig lang niet meer zo schuw als enige tijd geleden, maar echt overtuigen deed ze niet. Natuurlijk juichte iedereen bij elk nummer, maar dat was dan eerder voor de wiegende heupen en betoverende glimlach. Niet dat ze het niet kan, hoor. Dua Lipa heeft een vocaal bereik om U tegen te zeggen, zoals ze bewees met IDGAF, New Rules en Be The One. Aan power ontbrak het dus niet, maar een popnummer heeft nu eenmaal meer nodig dan enkel dat. En daar schort het. De popqueen leek maar geen balans te vinden tussen breekbaarheid en kracht, waardoor de tekst eigenlijk niet veel meer is dan enkele uitroepen. (jp)

De Castello werd geopend door Tin Fingers. De set was voornamelijk opgebouwd rond de ep ‘No Hero’, een plaatje vol dromerige, maar catchy popsongs. Frontman Felix Machtelinckx bediende zich van zijn melancholische stemgeluid waardoor de songs naast dansbaar ook best geladen waren. Toch kwamen wij, in tegenstelling tot bij hun set op We Are Open dit voorjaar, nooit helemaal in de stemming. Een geval van wrong place, wrong time wellicht. (pb)

Reeds vijftien jaar lang en tien platen doet Dirty Projectors vierkant zijn goesting. Na vijf jaar trokken ze met nieuwe plaat ‘Lamp Lit Prose’ weer op tournee. Ook op Pukkelpop lieten ze zich van hun meest eigenzinnige en bij momenten ondoorgrondelijke kant zien. Break Through was meerstemmig en dwars, Beautiful Mother was als een engeltje en een duiveltje die in je oor fluisterden en I Feel Energy was consequent vrolijk te noemen. Vaak kwam je bovendien zoals in Cool Your Heart oren tekort om de vele richtingen, die de band in een song uitging, bij te benen. Dirty Projectors liet je een beetje verweesd achter na deze muzikale rollercoaster, maar dat was ongetwijfeld de bedoeling. (pb)

James Holden & The Animal Spirits tekenden met ‘The Animal Spirits’ voor één van de meest interessante platen van 2017. We waren dan ook razend benieuwd wat dat live zou geven. Ondanks een sputterende en te resetten computer was dit een bijzonder meeslepende en broeierige set die nu eens intens dan weer ingetogen was met veel oosterse invloeden en momenten van gecontroleerde chaos. Noem het een soort van sexy… (pb)

The War On Drugs mocht op het hoofdpodium de zonsondergang tegemoet spelen en was daar perfect voor gecast. Vier jaar na het concert in de Club mochten ze op de Main Stage bewijzen dat ze ook grote massa’s probleemloos aankunnen. Van bij aanvang stonden Granduciel en zijn maten op scherp en die scherpte zouden ze anderhalf uur, zonder oponthoud, aanhouden.

An Ocean In Between The Waves was een eerste hoogtepunt. Het nummer nam zijn tijd om beetje bij beetje naar een onverbiddelijke climax toe te werken. Red Eyes werd bijzonder hartelijk ontvangen en ontpopte zich tot een tweede topmoment. Under The Pressure nam rustig de tijd om binnen te komen, maar eens op dreef ging de band er voluit voor. In het middenstuk was er ruim plaats voorzien voor een stevig opbouwende saxsolo. Ook in rustige nummers bewees The War On Drugs dat het zonder veel climaxen bijzonder mooi kon zijn. Thinking Of A Place was zo’n wonderbaarlijk hoogstandje dat een weemoedige bries over het terrein voor de Main Stage blies (pb).

Tegelijkertijd was er Aurora, een beloftevolle Noorse act à la Björk. Ze ziet er dan misschien raar uit, maar haar muziek is gewoonweg briljant. Aurora dwarrelde ergens op de grens tussen droom en werkelijkheid, terwijl ze haar pure, hoge keelklanken losliet op een bende trippers. Wie heeft er drugs nodig, als je Aurora hebt? Het ene moment kroop de Noorse jongedame in de rol van strijdlustige krijger (Warrior) om dan via het magnifieke Runaway en Under The Water te reincarneren in een wolf (Running With The Wolves). "Bedankt voor zoveel liefde", piepte ze erna nog, overduidelijk onder de indruk van de volle Club. Wel, beste Aurora, jij verdient een volle Main Stage. Alhoewel, misschien gaat dan een deel van de intimiteit verloren... (jp)

Arcade Fire begon dan weer, net als eerder dit jaar in het Sportpaleis, groots met monsterhit Everything Now. Gelukkig beschikken de Canadezen na vijftien jaar en vier albums over genoeg andere topsongs voor een groot publiek dat dit geen enkel probleem hoeft te zijn. Bewijs daarvan? Neighborhood #3 en Rebellion (Lies) die direct daarop volgden. Maar ook de combinatie van de ultieme popsong The Suburbs met het alles kapot spelende Ready To Start werkte als vanouds. Win Butler en co waren op Pukkelpop met hun ‘Everything Now’-tour en hadden bijgevolg nog wel meer songs dan de titelsong te spelen. We waren bijvoorbeeld bijzonder aangenaam verrast door de liveversies van Electric Blue en Put Your Money On Me, maar vooral het duistere en vurige Creature Comfort lijkt ons op termijn een absolute blijver.

Arcade Fire speelde bijzonder strak en quasi zonder pauze een tot in de puntjes verzorgde set. Je zou hen kunnen verwijten dat het allemaal te clean is, maar wie erbij was, zag de gedrevenheid van een band die er plaat na plaat in slaagt om zijn livereputatie nog wat aan te scherpen. Bovendien blijft het indrukwekkend om zien hoe de muzikanten constant wisselen van instrument en plaats.

Met Wake Up nam de band op euforische wijze afscheid om ons uit te geleiden op de tonen van (You Make Me Feel Like) A Natural Woman van de pas overleden Aretha Franklin die door Butler tijdens de set omschreven werd als: “Aretha Franklin is the actual greatest. Everyone else is a shadow!”. (pb)

Pukkelpop '18 - dag 2

Patrick Blomme & Jeroen Poelmans

17 augustus 2018
Jeroen Poelmans (Foto's: Karel Uyttendaele)