Tyler The Creator - Goblin

XL Recordings

Frederic Heymans12 september 2011

Goblin

Tyler The Creator en zijn maatjes van Odd Future zijn met hun beruchte liveshows, hun attitude en vulgariteit een van de opvallendste nieuwkomers dit jaar. Maar is de hype ook de moeite waard? Tyler, een van de spillen van OFWGKTA, treedt met zijn tweede soloalbum 'Goblin' als eerste ganglid op de voorgrond en bewijst dat de hype geen luchtbel is.


Merkwaardig is nog het minst wat je van de hype rond OFWGKTA kan zeggen. Die hype is slechts ten dele veroorzaakt door hun muziek want op hun mixtapes en voorgaande releases is er niks nauwelijks iets nieuws te bespeuren. Wat wel de aandacht trekt zijn hun achtergrondverhalen, hun I-don’t-give-a-fuck–attitude en bijhorende streken waarmee ze tegen veel schenen schoppen.

Met hun spraakmakende live-optredens en shockerende video’s doen ze daar nog een schepje bovenop. Maar genoeg gebluft, met het tweede wapenfeit van Tyler The Creator, het bekendste gezicht van de bende, is het tijd om de kaarten op tafel te leggen.
De rode draad doorheen dit album is een sessie van Tyler bij een psycholoog (hetgeen later zijn eigen onderbewustzijn blijkt te zijn) en een tocht door zijn donkere gedachtegang. Donker is dan nog zacht uitgedrukt want op tekstueel vlak gaat Tyler zwaar tekeer. Hij is grof gebekt, maar het ligt er allemaal zo dik op dat je erom moet lachen.
Het geweldige Tron Cat, met als gast de vrouwelijke Odd Future-dj Syd, blinkt uit in vrouwonvriendelijkheid en in het iets mildere Yonkers liggen zelfs recensenten in de vuurlinie: “Oh, not again! Another critic writing report. I'm stabbing any blogging faggot hipster with a Pitchfork”. Knap is het vooral hoe Tyler the Creator met zijn teksten een postpuberaal gevoel verpersoonlijkt. “Kill people, burn shit, fuck school.” Geef toe: zet het een paar keer op repeat en je bent geneigd hem te volgen.
De duisternis waarin Goblin gehuld is wordt nog versterkt door de lome flow, Tyler’s zware stem en de sobere, monotone beats. De bescheiden stijl kan na vijftien tracks wat beginnen vervelen, maar dat doet 'Goblin' niet. Steeds als de plaat dreigt onderuit te gaan, zorgt Tyler met wat afwisseling dat je bij de les blijft. Hij doet dat met het instrumentale AU79, het op het randje van r&b balancerende She of met bommetjes zoals het subtiele Bitch Suck Dick of Sandwitches.
Tyler doet op 'Goblin' koppig zijn eigen ding en dat heeft zijn charmes. Maar die eigengereide aanpak heeft ook zijn nadelen. Soms wil hij zich iets te graag profileren, waardoor sommige tracks gewoonweg veel te lang zijn. Radicals is daar het perfecte voorbeeld van. De track gaat heel hard in het begin, maar wordt te lang gerekt en laat je achter met een wrange nasmaak. Ook Fish en Window zijn in hetzelfde bedje ziek.
Een meesterwerk of een mijlpaal is 'Goblin' zeker niet. Noem het eerder een ruw schetsboek van een lichtgestoorde adolescent die op een berg talent zit. Met goede dingen, briljant spul, maar uiteraard ook wat gekribbel en afval. Afwachten wat de roem met hem gaan doen, maar als Tyler op het goede pad blijft en koppig zijn eigen ding blijft doen, kunnen we wellicht nog heel wat leuks verwachten. En dan zwijgen we nog over de rest van de Odd Future-club. Tyler en zijn kompanen zorgen voor een fris briesje in het genre en dat kan nooit kwaad.
← Terug naar overzicht