Tindersticks - The Hungry Saw
Domino
Lene Hardy — 8 november 2008

Stuart Staples kerfde de cover van ‘The Hungry Saw’ in zijn keukenmuur, zoals hij al jaren zijn liedjes in het hart van zijn publiek brandmerkt. Nochtans was Tindersticks op sterven na dood na ‘Waiting For The Sun’. Er volgde een stilte van vijf jaar, waarin de leden steeds meer hun eigen weg leken te gaan. Met ‘The Hungry Saw’ toont de Engelse groep zich herboren en terug hongerig naar meer.
Het simpele, instrumentale Introduction is al meteen raak. Fragiel en minimalistisch schetst de groep het frisse begin van de plaat. Qua ritme en opbouw ligt het heel dicht bij de soundtrack die Tindersticks voor ‘Trouble Every Day’ maakte, maar de sfeer is heel anders. Daar was de sfeer melancholiek en onheilspellend, hier is ze fris, voorzichtig aftastend en vol verwachting.
Lentekriebels vind je ook terug in het titelnummer en in The Flicker Of A Little Girl. De single komt muzikaal erg dicht bij The Divine Comedy, maar Stuart Staples’ unieke stem smoort die vergelijking in de kiem. Toen we Mother Dear op de hoes zagen staan, dachten we eerst dat Tindersticks zich aan een cover van die andere band had gewaagd, maar bij een eerste luisterbeurt bleek het om een volledig ander nummer te gaan. Jammer genoeg ook een van de mindere van de plaat. Het liedje lijkt nooit echt tot leven te komen.
Net zoals verlangen en tristesse nooit ver uit elkaar liggen bij Tindersticks, maakt de band van dit minder nummer ook feilloos de overgang naar een van de beste nummers van ‘The Hungry Saw’. Boobar Come Back To Me bewees zich tijdens het concert al als instant-klassieker en moet op de plaat niets van zijn kracht inboeten.
Staples’ breekbare bariton is altijd het handelsmerk van de band geweest, maar hier laten ook de instrumentale nummers zich in positieve zin opmerken. E-Type heeft genoeg aan een orgeltje, wat blazers en een neuriënde achtergrondzangeres. Ook The Organist Entertains kan in zijn eentje moeiteloos de sfeer van een afscheid in een nachtelijke straat in Parijs oproepen.
Het geluid van Tindersticks lijkt simpeler geworden. Natuurlijker, naakter en ontdaan van alle ballast. De momenten waar toch een bescheiden orkestratie wordt bovengehaald beklijven als vanouds. Yesterday’s Tomorrows klampt je aan en laat je niet meer los. Deze song had probleemloos op ‘Curtains’ kunnen staan. Evenals het meeslepende en uitnodigende Come Feel The Sun.
‘The Hungry Saw’ verenigt zowat alle aspecten die we voorbije decennia bij Tindersticks tegenkwamen in één coherent geheel. Sfeervolle filmmuziek vindt een plaats naast minimalistische miniatuurtjes, dramatische vertellingen naast tedere popliedjes. De band lijkt zijn puberteit achter de rug te hebben en is er zachter, bescheidener en vooral gelukkiger uitgekomen.
