Laïs - The Ladies' Second Song
Bang distribution
Tom Weyn — 8 november 2008

Dat Laïs een andere weg op moest, kon iedereen zien. Moeilijk viel echter te voorspellen dat de drie dames zulk een koerswijziging gingen maken. Met Elko Blijweert en Bjorn Eriksson aan hun zijde verkende Laïs de paden van de new weird folk en vooral de elektronica met als resultaat hun vierde langspeler: ‘The Ladies’ Second Song’.
Wat de titel doet vermoeden, wordt bevestigd bij de eerste luisterbeurt. Gedaan met de kannekes, Mariekes en klachten. Hier is een groep te horen die zichzelf duidelijk in vraag stelde en een groep met nieuwe vooruitzichten. Toen Laïs dertien jaar geleden naar buiten kwam, ontketenden ze als het ware een kleine revolutie. Ze maakten folk weer populair bij een groot publiek dankzij hun traditionele maar toch vernieuwende kijk erop. Nu lijkt het er op dat ze dat opnieuw kunnen doen, maar deze keer tonen zij de folkies hoe het anders kan.
Dat ze op deze nieuwe weg bijzonder veel trouwe aanhangers zullen afstoten is een onomkeerbaar feit. De Radio 1-luisteraar zal hoogst waarschijnlijk zijn wenkbrauwen eens fronsen daar waar de Studio Brussel-luisteraar voor het eerst zijn oren zal spitsen. Ook het artwork laat niet veel aan de verbeelding over. Drie uitdagende jongedames in een roze kader met doodskoppen. Tegenstellingen alom.
Op ‘The Ladies’ Second Song’ horen we grotendeels Engelstalige nummers. Opmerkelijk gezien de dames hun voormalige aversie van de taal. Ook wordt er openlijk geprutst met teksten van Yeats, Verlaine en Neruda. De opener en tevens ook het titelnummer zet onmiddellijk de toon: een met elektronica doorspekte folksong met een neurotisch refrein en ritme. Leda en de Zwaan, samen met Serenade Portugaise het enige nummer dat nog naar de oude Laïs neigt, vormt al snel een oersaaie dip en Tumbling haalt de vaart helemaal uit de plaat.
Gelukkig wordt onze aandacht al snel terug getrokken door de poppy Engelstalige versie van Leda en de Zwaan, het lugubere Item-Sortilegium (je zou er haast bang van worden), het naar CocoRosie ruikende Joskesong en het dromerige Before the World Was Made. Jammer genoeg verslapt onze aandacht opnieuw naar het einde van de plaat toe. Alleen de elektrische gitaar van Elko Blijweert in Pandora doet ons nog even rechtveren.
