Hackensaw Boys - Love What You do
Nettwerk
Patrick Van Gestel — 8 november 2008

Als je bij het horen van country denkt aan Tammy Wynnette?s Stand By Your Man, vergeet dan niet dat ook grote namen als Johnny Cash of Patsy Cline naam hebben gemaakt binnen dit ietwat verguisde genre. Bovendien is er binnen het genre nog voldoende verscheidenheid. Denk maar aan bluegrass, de op viool gebaseerde voorloper van de country. En bluegrass is wat de Hackensaw Boys brengen.
Wie zich laat leiden door de referenties naar The Ramones op de sticker op de CD van de laatste Hackensaw Boys 'Love What You Do' is er aan voor zijn (euro)centen, want het verband met The Ramones is echt wel ver te zoeken. OK, als ze goed op dreef zijn (en dan vooral op een podium, getuige hun doortocht op Pukkelpop 2005) en in de meer driftige nummers (Cannonball, We Are Many), kan je die vergelijking wel begrijpen: dezelfde overgave, dezelfde no-nonsense. Maar desondanks doen ze ons toch eerder denken aan de andere referentie op die sticker: The Carter Family. Dit is bluegrass ten voeten uit.
Dit tweede album (hun live-album niet meegeteld) van de jongens mag er best zijn. Zelfs voor wie het genre niet echt ligt, is er altijd wel iets te vinden. Zijn het niet de leuke meestampers (Cannonball, Mecklenburg County), dan zijn het wel de luisterliedjes (Sun?s Work Undone, High Faller), die steeds weer intrigeren. Na meerdere luisterbeurten nodigt dit album ook uit om steeds weer op zoek te gaan naar iets nieuws.
Ook de teksten zijn ? voor zover je het zuiders taaltje kan verstaan ? best amusant. Met titels als Kiss You Down There (over een liefde die dieper gaat dan zijn vriendin vermoedt) hebben ze ook de humoristen op hun hand. Bovendien is de bijhorende muziek ook steeds de moeite waard.
Hoewel bluegrass bij uitstek plattelandsmuziek is, brengen zij deze muziek met hun teksten toch naar de grootsteden om daar de zwakke plekken bloot te leggen. Titels als Buildings Are The Cages zijn op dat vlak veelzeggend.
Zwakke punten? Ongetwijfeld zijn ze er, maar wij betrapten ons er voortdurend op deze plaat met een schaapachtige glimlach op het smoelwerk te beluisteren. Jammer dat we hun laatste doortocht net hebben gemist, want de live-reputatie van deze band maakt ons nog nieuwsgieriger. Vergeet die harde gitaren en bonkende drums, lang leve de banjo en de fiddle !
