Goldfrapp - Seventh Tree

Mute Records

Koen Van Dijck8 november 2008

Seventh Tree

Alison Goldfrapp houdt van verrassingen, of beter, eigenlijk doet ze gewoon haar eigen zin. Samen met Will Gregory maakte ze haar feeërieke debuut ‘Felt Mountain’, dat opgevolgd werd door ‘Black Cherry’, dat tegen alle verwachtingen in een elektroknaller van formaat was. Ook ‘Supernature’ ging dezelfde toer op en hield de beats staande. Die beats zijn Alison en Will nu duidelijk weer beu: ‘Seventh Tree’ duikt terug de sprookjesachtige wereld van ‘Felt Mountain’ in.


Echt rouwig zijn we daar niet om. Dankzij ‘Felt Mountain’ kwamen we acht jaar geleden de winter door en sindsdien ligt deze plaat traditiegetrouw elk jaar weer op vanaf het moment dat de bomen beginnen te ruien. Dit vierde album van Goldfrapp zou wel eens een goede handlanger kunnen zijn. Vaak ingetogen en met het opzet ons te doen snakken naar lentetaferelen, maar – en laat dat dan het belangrijkste verschil zijn met haar debuut – even vaak met een extra folktrekje. Er wordt gezongen over vogels, happiness en clowns, en de akoestische gitaar mag samenspelen met de harp en de viool.

 
De eerste single die op ons wordt losgelaten is A&E. Even doet het nummer ons denken aan de bluespop hit American Pie van Madonna, maar laat dat even snel gepasseerd zijn als het kwam. Wel heeft het evengoed een feelgoodgehalte om u tegen te zeggen en kunnen we het makkelijk meezingen, hoewel we veel moeite zullen hebben met de toonhoogtes die Alison haalt. Meer feelgood in Happiness. Deze song lijkt nog het dichtst aan te sluiten bij haar twee vorige albums, maar dan met echte instrumenten in plaats van synths en software.
 
Een van onze favorieten op ‘Seventh Tree’ is ongetwijfeld Little Bird. Het leest niet alleen als een mooi stukje poëzie, het is ook nog eens voorzien van verdomd goede muziek. Will Gregory heeft zich met co-producer Flood duidelijk geamuseerd met kleine en grote effectjes. Zo begint Little Bird met wat reverb op een viool zou kunnen zijn. Ook Cologne Cerrone Houdini springt ons meteen in het oor. Dit is wat Prins Thomas “cosmic lo-fi space disco” zou noemen. Een groovy bass, een koppel strings die een leuke kwinkslag geven en de stem van Goldfrapp die alles nog een extra niveau hoger tilt.
 
Aan goede nummers geen gebrek op ‘Seventh Tree’, al kunnen we ons inbeelden dat fans van ‘Supernature’ en ‘Black Cherry’ een beetje zuur zullen opkijken. De stoeipoes op de hoes is vervangen door clowns en uilen en de synths hebben plaats moeten ruimen voor de akoestische gitaar. Maar dat is dit album alleen maar ten goede gekomen. Van intiem tot uitbundig, wij zijn alvast blij met deze carrièrewending. Benieuwd waar Goldfrapp ons de volgende keer naartoe zal leiden.
← Terug naar overzicht