Death-Static - Red Fire In The Open

Sound In Silence

Johan Giglot25 augustus 2026

Red Fire In The Open

Hood, Canvas, The Unpleasants, Jerstice, Royal-Librarian, Memory Drawnings, The Declining Winter, Western Edges, Soar Throat … en soloproject Death-Static. Het lijstje bands waarin de Leeds based gitarist en componist Gareth S. Brown actief was, lijkt maar niet op te houden. We gaan meteen eerlijk zijn: we waren niet echt overdonderd door de man zijn wel erg minimalistisch solodebuut vorig jaar. Maar met ‘Red Fire In The Open’ heeft Brown zich – wat ons betreft – prima herpakt.

“Meditatief”, laten we die term in ons hoofd houden bij de tweede langspeler van Death-Static. Te beginnen vanaf de eerste lange, repetitieve mantra waarbij een doezelend stemmotief ontdubbelt en als basis dient voor een spannend ambientverhaal. Stemlaag na stemlaag, drone na drone, gitaarklank na gitaarklank stapelt zich op tot een duizelingwekkend, gelaagd geheel dat zo’n twintig minuten rond één zelfde grondtoon kronkelt. Van doezelend tot noisy, intiem tot extravert, waarbij zelfs piepende en schurende tramrailgeluiden doorheen de meditatie krijsen. Over een imposante improvisatie compositie gesproken!

… om meteen in de stilte te duiken van The Last Days Of Light: enkele doffe, donkere en statische pianotoetsen die langzaam meer galm en diepgang krijgen. Van onrust tot rust, van industrie tot melancholie: dit korte interbellum op het album met drie tracks brengt een welkome verpozing.

Na deze rustpauze beweegt Death-Static zich tot Red Fire In The Open. Met zo’n vijfendertig speelminuten eigent de Brit zich alle tijd en ruimte toe om zijn magnum opus te openbaren. Een doezelende grondtoon, wat vervaagde stads- en straatgeluiden … minutenlang blijft het nummer hangen in een mysterieuze waas. Na een kleine tien (!) minuten van dromerigheid worden tonen meer standvastig en begint traag een melodie op te bouwen. Met meer klemtoon op “traag” dan op “melodie”. Iets meer pieptonen, iets meer galm, een eenzame, donkere reflectie en tenslotte vogelgeluiden van zwartkop, roodborst en koolmees, waarmee het laatste woord aan de natuur gegeven wordt voor elke voeling met de realiteit volledig vervaagt. Toch komen ook nu weer in de laatste episode drones ofte eindeloze zoemtonen de natuurlijke harmonie verstoren.

Ondanks slechts drie tracks, is dit dus een klepper van een avontuur voor wie een boon heeft voor minimale ambientmuziek. Gareth S. Brown maakt de vele credentials die hij bij het begin van deze review scoorde hier meer dan waar. We nodigen je hierbij graag uit om dit met eigen oren te ervaren.

← Terug naar overzicht