Yo La Tengo - Todavía la tienen

Ancienne Belgique, 16 april 2023

Yo La Tengo - Todavía la tienen

Een band die achtendertig jaar bestaat, maar toch eigenzinnig elke avond een andere wending probeert te geven aan optredens? Het Amerikaanse trio Yo La Tengo is het levende bewijs dat het kan. In een goed gevulde Ancienne Belgique speelde de cultband een straf concert met de goesting van een stel jonge veulens dat net pakweg 'De Nieuwe Lichting' had gewonnen.

Die drang om te spelen bleek ook uit het voorprogramma van de avond. Dat was er namelijk niet. Yo La Tengo begon eraan om kwart voor acht en zou tweeënhalf uur, twee sets en een handvol anekdotes later rustig afronden met een elementaire versie van Big Day Coming uit 1993.

Daartussen blikte de band lukraak terug op het uitgebreide oeuvre. Een luxeprobleem als je meer dan twintig albums op de teller hebt. De eerste set was vooral opgebouwd rond het puike recentste album ‘This Stupid World’. Titeltrack en opener van het concert This Stupid World was een song die werd geschilderd, terwijl je erop stond te kijken. Likje na likje, laagje na laagje. Sinatra Drive Breakdown was dan weer uitgebeende eighties-no wave, met de droge, maar warme drumpartij van Georgia Hubley als strakke houvast. Na het ingetogen Awhileaway (uit ‘Stuff Like That There’) nam Hubley de microfoon over van echtgenoot Ira Kaplan voor een breekbaar Aselestine, waarna bassist James McNew – nog maar eenendertig (!) jaar bij de band – harmonieus met Kaplan de tweede stem mocht verzorgen op het mooie 1 PM Again. Die onregelmatige estafette rond de instrumenten ging het hele optreden door, hoewel Kaplan vooral de gitaar bleef geselen. Enkel voor The Weakest Part in de tweede set zou hij even pauzeren achter het keyboard.

Het verst terug in de tijd keerde Yo La Tengo met Alyda. “We spelen deze song al lang, ook toen we de eerste keer in België waren in 1989”, (in het intussen ter ziele gegane Netwerk in Aalst). Nowhere Near, uit 1993, werd op een herkenningsapplausje onthaald, maar ook een nieuwe song als Apology Letter werd op gejuich vergast. Heden en verleden vloeiden moeiteloos in elkaar over alsof we in een tijdcapsule rondkaatsten doorheen (bijna) vier decennia Yo La Tengo. De slotsong van ‘This Stupid World’ maakte ook de eerste set rond, maar waar Miles Away op plaat meer iets heeft van een outro, ontpopte het liedje zich in de AB tot een brok heerlijk dromerige shoegaze met aanvankelijk enkel Hubley aan de microfoon, maar gaandeweg uitmondend in verbluffende dreampop. Het leek heel even een machtig einde van het concert, maar dit was natuurlijk nog maar “het voorprogramma”.

Het tweede deel van de avond kondigde zich van meet af aan iets minder subtiel aan met twee gitaren in de aanslag voor Stupid Things (uit ‘Fade’, het album met de boomkruin). Ook de nieuwe songs misstonden niet tussen het gevestigde oudere materiaal. Waar Fallout nog frivool rockte, werd Brain Capers een rusteloze apoteose die naadloos opborrelde uit het zevenentwintig jaar oudere 'Artificial Heart'. Kaplan en McNew evoceerden een zee van gitaren, waar Hubley met het drumstel doorheen probeerde te beuken. Het leverde mateloos onstuimige indierockmomentjes op. Dat was nog maar het voorgeborchte voor de schier eindeloze finale die Kaplan tijdens afsluiter I Heard You Looking gesticulerend uit de gitaar zou persen.

Alsof de taak daarmee volbracht was, stond de boog tijdens de bisreeks weer iets minder gespannen. Erg spraakzaam was de band niet, maar Kaplan haalde graag herinneringen op. Zo verwees hij naar een avond in de AB in 1992 met zowel Giant Sand, Wreckless Eric, The Feelies als Big Dipper op de affiche (Yo La Tengo was daar niet bij. Dus hij moet ’s middags in de AB-archieven geneusd hebben) of naar een festival in 1990, waar ze de affiche deelden met The Jesus And Mary Chain: “Wij speelden daar om elf uur ’s ochtends, te gek”. Toen de persoon naast ons instemmend de hand in de lucht zwierde, reageerde Kaplan verbaasd: “Jij was daar? Zo cool!” (het ging over Neurorock in Nieuwerkerken, waar dat jaar ook nog Nova Mob, The Chills, New Model Army en That Petrol Emotion aantraden, maar dit geheel terzijde).

Maar goed, er moest nog gebist worden. En de draad werd opgepikt bij het eerder vermelde Big Dipper, want uit de coulissen kwam Steve Michener van wijlen Big Dipper tevoorschijn om als vierde bandlid te bassen op een cover van het obscure bandje The Monochrome Set (He’s Frank). Om de popencyclopedie-cirkel rond te maken, droeg Michener ook nog eens een T-shirt van dat bandje. Nog meer popgeschiedenis volgde met een cover van She’s My Best Friend van The Velvet Underground (de band waaraan Yo La Tengo ontegensprekelijk schatplichtig is), gezongen door James McNew. De band keek een laatste keer achterom door Big Day Coming op te dragen aan Espers, een bandje uit Philadelphia dat in 2006 voor hen opende in de AB maar waarvan niemand ooit nog iets vernam.

Hoewel Yo La Tengo grotendeels onder de radar van radiostations blijft, slaagde het trio erin om de AB ei zo na vol te laten lopen. Geheel terecht, want de intussen zesenzestig- en drieënzestigjarige echtelijke tandem Kaplan en Hubley bewees "het" anno 2023 nog steeds "te hebben" (van yo la tengo naar todavía la tienen) en moeiteloos de brug te leggen tussen de huidige en jongere zelf. En bij uitbreiding ook tussen ons eigen huidige en jongere zelf.

Foto: Yvo Zels

18 april 2023
Christophe Demunter