Stereophonics
Routineuze klasse
Kevin Vergauwen
Ancienne Belgique, Brussel — 7 juni 2010
Eind vorig jaar leverde Stereophonics hun zesde studio-album ‘Pull The Pin’ af, opnieuw een schijfje dat naar goede gewoonte bol staat van rauwe rocknummers die worden gedragen door melodieuze gitaarlijnen, uiterst overstuurde baspartijen en loeiharde snaredrums. Dit alles wordt netjes aangevuld met Kelly Jones’ schelle en schreeuwerige stem die doorheen de jaren zowat hét handelsmerk van de band is geworden. De ideale ingrediënten dus om de grote zaal van de AB (alweer) in geen tijd uit te verkopen.
Dat de band in eigen land een heldenstatus geniet, bewijst de bijzonder grote Britse aanhang die we voor het optreden in de foyer van de Brusselse cultuurtempel aantreffen. De meerderheid van diezelfde over het algemeen behoorlijk beschonken die-hards heeft het achteraf voornamelijk over “an amazing gig” en “a fookin’ lame audience”. Maar laten we niet op de feiten vooruit lopen.

Nog voor Stereophonics op het strijdtoneel verschijnen, mogen de heren van Hero de binnendruppelende massa een twintigtal minuten van spierballenrock voorzien. Bij de outro van zowat elk nummer houden wij ons hart even vast. Zal Whatever You Want van Status Quo nu volgen of wordt het dan toch een nummer van één of andere foute eighties would-be metal band? De looks om uit dit tijdperk van de muziekgeschiedenis te komen hebben de heren alvast mee. Gelukkig houdt dit kwartet het bij eigen nummers waarbij de geproduceerde decibels een losgeslagen mengelmoes van Europe, Nickelback en (met veel goede wil) Fischer-Z zijn. Wij herinneren ons bij één van de vorige doortochten meer gepaste voorprogramma’s zoals ons eigen Venus In Flames.
Alsof het gisteren was, zien we de drie groentjes, met bijpassende vissershoedjes, op het grote podium van Rock Werchter in 1999 dolenthousiast een sterke maar onzekere set spelen. Op dat moment hebben ze net hun tweede (en bovendien sterkste) album ‘Performance And Cocktails’ op de markt gegooid. Wat in de Lage Landen meteen voor de definitieve doorbraak zorgt.
Anno 2008 bestijgen de heren de bühne als een standvastige en trefzekere band die het klappen van de zweep ondertussen wel kent. Eén die we bovendien gedurende het hele optreden haast nooit op een muzikale fout kunnen betrappen. Zowel de evenwichtige setlist als de imposante lichtshow, extra gitarist en toetsenist dragen bij tot een kwalitatieve hoogstaande rockshow. En toch missen we iets. Is het de typische Britse no-nonsense arrogantie van Kelly Jones, de routineuze uitstraling waarmee de andere bandleden het geheel rondmaken of gewoon de apathische houding van het publiek? We raken er niet echt uit.
Anno 2008 bestijgen de heren de bühne als een standvastige en trefzekere band die het klappen van de zweep ondertussen wel kent. Eén die we bovendien gedurende het hele optreden haast nooit op een muzikale fout kunnen betrappen. Zowel de evenwichtige setlist als de imposante lichtshow, extra gitarist en toetsenist dragen bij tot een kwalitatieve hoogstaande rockshow. En toch missen we iets. Is het de typische Britse no-nonsense arrogantie van Kelly Jones, de routineuze uitstraling waarmee de andere bandleden het geheel rondmaken of gewoon de apathische houding van het publiek? We raken er niet echt uit.
Wat we wel weten is dat het gezelschap op safe speelt en – mits enkele uitzonderingen – voornamelijk put uit hun rijk gevulde back catalogue van singles. Bank Holiday Monday trapt loeihard de deur in waarop songs als The Bartender And The Thief (inclusief gesmaakt Ace Of Spades-uitstapje), Superman, Just Looking, Vegas Two Times, Mr. Writer en Pick A Part That’s New het mooie weer (zouden moeten) maken.
Jammer genoeg sleept de set zich wat voort en duurt het tot de finale vooraleer de vlam echt overslaat. “I know it’s Monday, but you should do some dancing right now.” spreekt Jones zijn publiek uiterst vriendelijk en geduldig toe. Uitstekende versies van More Life In A Tramps Vest en A Thousand Trees (beiden van debuutalbum ‘Word Gets Round’) krijgen het grootste deel van de zaal dan toch nog in beweging. Waarop een sterke bisronde het perfecte verlengstuk hierop vormt. Maybe Tomorrow wordt uit volle borst meegekeeld, waarna Roll Up And Shine en Dakota een punt zetten achter deze anderhalf uur durende oerdegelijke maar routineuze rock-‘n-roll show.
Jammer genoeg sleept de set zich wat voort en duurt het tot de finale vooraleer de vlam echt overslaat. “I know it’s Monday, but you should do some dancing right now.” spreekt Jones zijn publiek uiterst vriendelijk en geduldig toe. Uitstekende versies van More Life In A Tramps Vest en A Thousand Trees (beiden van debuutalbum ‘Word Gets Round’) krijgen het grootste deel van de zaal dan toch nog in beweging. Waarop een sterke bisronde het perfecte verlengstuk hierop vormt. Maybe Tomorrow wordt uit volle borst meegekeeld, waarna Roll Up And Shine en Dakota een punt zetten achter deze anderhalf uur durende oerdegelijke maar routineuze rock-‘n-roll show.
