Port O' Brien

Waarachtige visserszielen

Kevin Vergauwen
Ancienne Belgique, Brussel5 februari 2011

“Van zalmkweker tot rockster!”. Het zou ons niet verbazen mochten we dit binnen afzienbare tijd in onze favoriete muziekmagazines lezen over Port O’Brien, genoemd naar de gelijknamige baai in Alaska. In thuisland Amerika wordt het vijfkoppige gezelschap al op handen gedragen en ook Europa lijkt stilaan warm te lopen voor de jonge folkies. Met hun voortreffelijke debuutplaat ‘All We Could Do Was Sing’ op zak, pakken ze haast probleemloos een halfvolle AB Club in.


We waren al behoorlijk enthousiast over bovengenoemd debuut, maar het moet gezegd dat er live zowaar nog meer te beleven valt met Van Pierszalowski en zijn charismatisch gevolg. Star, gedreven en bij momenten haast manisch legt de man het diepste van zijn ziel bloot. Samen met vriendin Cambria Goodwin, het bloemenmeisje dat op het podium met bijzonder veel ontzag afwisselend de toetsen en de banjo bespeelt, schudt hij de woede en frustratie over het luizige vissersbestaan in Californië van zich af.

Port O' Brien
Al bij opener Don’t Take My Advice blijkt waarom de band vaak wordt vergeleken met Fleet Foxes. Ook deze bende slaagt er in om wat op het eerste gehoor oubollige folkmuziek zou kunnen genoemd worden te transformeren tot bijzonder scherpe en hedendaagse intelligente pop-rock en indie-folk. Bovendien is het niet geheel onterecht dat we hen vaak in een adem horen noemen met pakweg Arcade Fire en My Morning Jacket. Ook hier wordt het experiment immers niet geschuwd. Van intieme a capella stukjes over ratelende banjo’s en zeemzoete strijkers tot wilde, niets ontziende gitaarpartijen. Allemaal ingrediënten die bijdragen tot een bijzonder begeesterd concertuurtje.
Uiteraard zijn het vooral de songs uit ‘All We Could Do Was Sing’ die de toon zetten. Wij denken in het bijzonder aan het naar de nek grijpende Fisherman’s Son. Voor de gelegenheid gebracht zonder de op één been pikkelende bassist (hij kreeg begin deze tournee en basstandaard op zijn voet) Ryan Stively. De brave man weet immers in al zijn enthousiasme een bassnaar af te pingelen. En ook die andere zielenknijper Stuck On A Boat steekt live in een bezwerend kleedje. Naarmate de set vordert wordt de elektrische gitaar omgegespt en ruimt melancholie plaats voor noise. De dampende riffs die Pigeonhold voortstuwen doen ons even denken aan Pixies in hun glorietijd, terwijl de vulkanische uitbarstingen in Close The Lid dan weer bijzonder sterk naar The Raconteurs ruiken.
De absolute climax vinden we echter in hekkensluiter I Woke Up Today. Potten, pannen en ander keukengerij wordt uitgedeeld. Enkele enthousiastelingen beklimmen het podium en wat volgt is een uitbundig volksfeest gedragen door een spervuur aan “ooh" en "aah’s”. Het mag hen dan allemaal wel al eens voorgedaan zijn. De gedrevenheid waarmee dit gezelschap op het podium staat zal hen wellicht bijzonder ver brengen. We beschouwen het dan ook als een voorrecht ze als eerste op Belgisch grondgebied te hebben gezien in de intieme setting van de AB Club.
← Terug naar overzicht