John Hiatt

Don't Smash a Perfecly Good Guitar !

Jan Heyse
Ancienne Belgique, Brussel8 november 2008

John Hiatt zakte afgelopen weekend alleen af naar de AB. Geen band, enkel de man, zijn stem en de muziek die hij met zijn twee handen te voorschijn <st1:place w:st="on"><st1:state w:st="on">kan toveren uit gitaar en piano. Omdat het al een tijdje geleden was dat we hem in België solo aan de slag konden zien, gingen we vooraf even kijken op zijn website. Dit om te ontdekken wat Hiatt zoal uitspookte de laatste tijd. Tot onze verbazing is het eerste wat je op John’s site tegen het lijf loopt een advertentie voor een muzikale cruise begin februari 2008. Van Miami naar Mexico, Grand Cayman en Jamaica, en waarop je naast van de zon en ongetwijfeld lekkere overprized cocktails, ook van de muziek van John Hiatt, Lyle Lovett en Emmylou Harris kan genieten. Tjonge. Zouden Nicole en Hugo dan toch gelijk hebben?

John Hiatt kwam het podium opgewandeld in simpele jeans, gitaar om de nek, bedankte het publiek "for coming out" en stak van wal met Driving South. Al van bij dit eerste nummer maakte Hiatt met zijn krachtige stem en gitaarspel duidelijk dat hij geen band nodig heeft om een podium te vullen. Bij Thirty Years of Tears haalde de brave man zijn mondharmonica boven, vanaf Your Dad Did was de zaal volledig verkocht.



Hoewel Hiatt vooral putte uit zijn repertoire tussen einde jaren 80 en 2000, was er in de set met Let’s Give This Love a Try ook plaats voor een prachtig nieuw nummer. Tijdens Perfectly Good Guitar volgde op de zinsnede "Now he just sits in his room all day, Whistling every note he used to play" de daad bij het woord en gaf Hiatt prompt een fluitsolo ten beste. Dat willen we de eerste de beste jonge, gitaarvernielende muzikale god hem nog wel eens na zien doen. Tussen Every Stone en Crossing Muddy Waters door, overrelativeerde Hiatt zijn eigen kunnen door te stellen dat het voortdurend wisselen van gitaar niets anders was dan zijn manier om het showelement tijdens zijn solo-optreden wat op te krikken. Vervolgens verkondigde hij niet anders te doen dan "play the same three chords on all guitars",  hetgeen hij onderstreepte door na Cry Love zijn elektrische gitaar ter hand te nemen om I’ll Never Get Over You te spelen.



Voor Is Anybody There ? kroop John Hiatt achter de piano. Een stevige "thank you" vervolgens aan het adres van Andrew Lauder van Demon Records voor het vertrouwen dat hij toonde in Hiatt toen die down & out was nadat hij voor de zoveelste maal bij zijn platenfirma aan de deur was gezet. "Hey John, you can sing in the shower and we’ll put it on record", had die verkondigd. En inderdaad, een paar maand later stond Hiatt in LA in de studio met o.a. Ry Cooder, Jim Keltner en Nick Lowe om zijn langverwachte commerciële doorbraak met het album 'Bring the Family' (1987) te forceren. Deze opmerking was de aanzet voor een rij love-songs met A Thing Called Love uit dat album, Real Fine Love and Ice Blue Heart gevolgd door een muzikaal tripje door de USA met Tennessee Plates en Memphis in the Meantime.



Alle aanwezigen hielden hun adem in tijdens de sobere, sterke versie van Have a Little Faith in Me, waarna de set werd afgesloten met Slow Turning. John Hiatt bewees vanavond dat de tijd tot nader order nog geen vat heeft weten te krijgen op zijn ijzersterke stem. Hij kan nog steeds moeiteloos stevige rocknummers combineren met het betere singer-songwriter-werk en heel de zaal meeslepen zonder band. Toch nog maar eens de spaarcentjes bij elkaar rapen en kijken in onze agenda of we geen weekje vakantie kunnen nemen begin februari volgend jaar.

John Hiatt
← Terug naar overzicht