Kristiaan Art Botanique, Brussel — 8 november 2008
Het heeft Elbow achttien jaar, vier albums en veel zweet en tranen gekost om de erkenning te krijgen die ze verdienen. Gedeeltelijk althans. Want wat niveau betreft kunnen ze zich meten met tijdsgenoten als Radiohead en Coldplay, maar toch blijven ze in vergelijking met die bands een van de best bewaarde geheimen van het genre. Bij hun vorige zaaloptreden slaagden ze er in de AB uit te verkopen, maar nu stonden ze ineens weer in de bescheiden Orangerie van de Botanique. Hun plaatsje op de Pukkelpop-affiche zal daar waarschijnlijk wel voor iets tussen zitten. Het geluk van de fans die op tijd waren om een kaartje te kopen kon niet op. Een groep van dit kaliber in zo'n intieme setting resulteert in een droom van een optreden.
De vaste kern van Elbow –vijf onopvallende mannen- wordt aangevuld met twee strijkers. Het akoestisch afgeschermde drumstel is een eerste indicatie dat er geluidstechnisch niets aan het toeval over gelaten zal worden. Al van bij het eerste nummer Starlings, waarbij het merendeel van de band een trompet ter hand neent om de hard- zachtdynamiek van het nummer kracht bij te zetten, is het geluid loepzuiver. Alle instrumenten zijn perfect te onderscheiden, en de zang van Guy Harvey is woordelijk te volgen.
Met Guy Harvey heeft Elbow geen Thom Yorke of Chris Martin in huis. De man profileert zich niet als wereldverbeteraar of grote entertainer. Hij geeft Elbow echter een menselijk gezicht en is voor een groot deel verantwoordelijk voor de eenvoudige, bereikbare charme van de groep. Zo poëtisch en fijngevoelig als hun muziek klinkt, zo down to earth en komen ze over op en naast het podium.
Harvey ziet er uit als een bouwvakker, maar hij beschikt over een hese engelenstem die zowel de hoge als lage regionen verkent. Als een masseur die alle gevoelige plekjes op je lichaam weet te vinden, gaat hij met zijn stem op verkenning, en wikkelt hij de luisteraar in een warm deken. Bij nummers als Bones of Mirrorball staat hij te wiegen van het ene been op het andere, en sleurt hij je als luisteraar mee in een bedwelmende cadans.
Tussen de nummers door komen de muzikanten niet alleen even op adem. De zanger slaat een praatje met wat kinderen op de eerste rij, of haalt hij herinneringen op aan vroegere optredens in de hoofdstad. Maar de sfeer blijft intact zodat er mooi naar een hoogtepunt toegewerkt kan worden.
Newborn wordt vakkundig en geduldig opgebouwd tot een orgastisch hoogtepunt, en afsluiter One Day Like This zorgt voor een meezingmoment dat het ontbreken van Grace under Pressure in de set aanvaardbaar maakt. Enkele persoonlijke favorieten als Switch Off en Station Approach sluiten de avond af op het zelfde magistrale niveau als ze begonnen was. Een perfect parcours noemt men zoiets.