The Germans - Elf Shot Lame Witch
Bang distribution
Sanne De Troyer — 8 november 2008

Het debuut van The Germans is verpakt in een stijlvol kartonnen hoesje en is een donker geval met op de voorkant een fotografisch hoogstandje waar Ann Van Elsen best jaloers op mag wezen. Het viertal heeft een paar jaar de tijd genomen om onder het goedkeurende producersoog van Pascal Deweze en met het fingerspitzengefühl van Boris Wilsdorf – de vaste mixer van Einstürzende Neubauten – aan hun eerste album te sleutelen. Om het helemaal compleet te maken, kreeg het ook nog de titel ‘Elf Shot Lame Witch’ mee.
De band laat meteen zien dat ze niet vies zijn van een portie ironie. De eerste song op de plaat werd Waiting For The Band gedoopt. Meteen zo’n nummer dat je onmiddellijk uit je zetel blaast. Naar het schijnt houden ze er niet van om vergeleken te worden met Evil Superstars, maar het is wel een vergelijking om in het achterhoofd te houden. The Germans maken niet zomaar de eerste de beste simpele popmuziek. Het is eerder een aaneenschakeling van noisegeluiden en snerende gitaarriffs met daartussen het geluid van enkele synthesizers die als een sneltrein voorbij denderen. De invloed van bands als Sonic Youth, Liars en Pixies is nooit ver weg terwijl de stem van Jakob Ampe het geheel nog eens fijn aan elkaar schreeuwt.
Elf zorgt voor een origineel en volledig instrumentaal intermezzo, maar het is wachten tot het vijfde nummer vooraleer we echt op adem kunnen komen. Na al dat noisegeweld is Bones een verademing voor het oor, maar duidelijk niet voor het hart. Het klinkt te mysterieus en creepy om een fleurig liefdesliedje te zijn. Producer Pascal Deweze krijgt hier trouwens een rolletje als backing vocalist.
Zus en broer – Hong Kong Dong - Zeebroek mochten hetzelfde doen als Deweze op de donkere en bezwerende ritmes van Witch. Veel van de songs zijn trouwens nogal aan de zwarte kant. De titel, ‘Elf Shot Lame Witch’, haalden ze uit Rosemary’s Baby, een prent van Roman Polanski. Het sfeertje van die film past behoorlijk goed bij de muziek, of was het omgekeerd?
Lalaliar is naast een songtitel waar menig mens zijn tong over breekt ook een nummer met van die scheurende gitaarriedels en daartussen nog een baslijntje dat behoorlijk hard doet denken aan een portie vettige funk. “Hoe blijven ze het vinden”, vragen wij ons dan af.
Toch is het niet al muziek met een experimenteel kantje wat de pot schaft. Carolife Daisy is een nummer dat meer in de buurt van de doorsnee popsong komt, maar ook hier weten ze er een draai aan te geven zodat het niet zomaar als ‘gewoontjes’ overkomt. Naast kartonnen hoesjes volgen The Germans ook de mode van ‘the hidden track’. Zo’n tien minuten eenzame ruis vullen de kamer vooraleer Pornographic Blue het geheel met klasse en een vleugje blues mag afronden. We hopen nu al stilletjes dat ze met dat tweede album iets sneller zullen volgen, maar dit is er alvast eentje waar we een tijd zoet mee zijn.
