Snail Mail - Ricochet
Matador
Marc Alenus — 16 april 2026

De moderne muziekwereld lijkt wel enigszins op het hedendaagse wielrennen: er wordt veel gevallen en er moet vaak gerevalideerd worden. Ondertussen word je een beetje vergeten en is het knokken om terug te komen.
Zo is het ook met Snail Mail, de band van Lindsey Jordan. Eerste album ‘Lush’ bombardeerde haar meteen tot één van de kopvrouwen in het indie-dames peloton, ook al waren wij niet zo lovend. Tweede album ‘Valentine’ kwam dan weer op een vervelend moment in de geschiedenis: de coronaperiode. Uiteindelijk deed ze het nog goed, maar dan kreeg Jordan last van polliepen en - nog erger - werd haar hart gebroken.
Ondertussen is ze van de polliepen en het liefdesverdriet verlost en is er ook, na vijf lange jaren van wachten, een nieuwe plaat. Daarmee bewijst Jordan twee dingen: ze is de songschrijverscapaciteiten niet verloren én ze zingt beter dan ooit. Verrassend is wel dat de gitaar het voetlicht nu moet delen met strijkers, toetsen en blazers (check Cruise voor die laatse). Enkel in het centrale Butterfly toont Jordan nog eens ten volle haar snarenkunsten.
Jordan is nog altijd maar zesentwintig, maar dit derde album klinkt erg volwassen. Het gaat vooral over het besef en de acceptatie dat de wereld gewoon doorgaat, wat er zich ook in je kleine leven afspeelt. Dat zorgde voor heel wat onzekerheid, maar die is bij deze verwerkt met dank aan enkele leden van Momma ook. Etta Friedman van die band is haar nieuwe liefde en bassist Aron Kobayashi Ritch van de band trad op als producer van deze plaat.
Met opener Tractor Beam wordt meteen de toon gezet: luisterrijke strijkers omringen het nieuwe, honingzoete stemgeluid van Jordan en zakken dan weg in rinkelende gitaren. Er wordt nog veel getwijfeld, maar de zon komt op aan de einder. Jordan vliegt erheen met een vliegtuig in My Maker, even snel als de tijd die vervloog de voorbije jaren. Zou ze nog wel relevant zijn?
We kunnen haar geruststellen. Dat komt wel goed. Zowel artistiek als muzikaal is ‘Ricochet’ geen schampschot, maar een schot recht in de roos. Het uitgebreide klankpalet versmacht de nummers niet en laat voldoende ruimte voor de soms intrigerende teksten. Zo is Nowhere geïnspireerd op het gedicht ‘The Two-Headed Calf’ van Laura Gilpins over een dier dat door een afwijking twee keer zoveel sterren kan zien.
Verder klinkt de plaat een beetje als een carrière-overzicht met elementen uit ‘Lush’ en het rockerige ‘Valentine’. Misschien wel omdat Jordan de nummers vaak schrijft op basis van dagboekfragmenten die ze bijhoudt. Zo lijkt Dead End, over het saaie tienerleven in de buitenwijk, van parkeren in een doodlopende straat en roken met vrienden, eerder iets uit haar vroege werk.
Wij kunnen alleen maar zeggen dat we blij zijn met de terugkeer van Snail Mail. Ze komt op 21 juni overigens naar Trix. U weet waar u ons die dag kan vinden.
