Queens of the Stone Age Villains

Matador Records
Villains

Wie artiesten jaar na jaar en plaat na plaat volgt kan, mits een beetje research, hun leven in hun werk lezen. In de vier jaar, die er tussen ‘…Like Clockwork’ en ‘Villains’ zat, kunnen we de weg horen die Joshua Homme van Queens Of The Stone Age heeft afgelegd: van depressie tot levensvreugde. Het is hem van harte gegund; alleen hadden we ook gehoopt dat het een betere plaat had opgeleverd.

We zullen het verhaal nog een keer doen: wat in 2011 een standaard ingreep aan de knie moest worden, werd voor Joshua Homme bijna het einde van zijn leven. Na de operatie was hij noodgedwongen vier maanden aan bed gekluisterd en vocht hij met een depressie. Die periode mondde uit in ‘…Like Clockwork’, een zwarte plaat waarop Joshua Homme – misschien wel voor het eerst – zijn ziel blootlegde. Van de negen songs is er één nummer dat nog uit die periode dateert: de slotsong Villains Of Circumstance.

Naar eigen zeggen waren het de opnames en de tournee met Iggy Pop (ze maakten samen de uitstekende plaat ‘Post Pop Depression’ in 2016) die Homme de levensvreugde opnieuw deden ontdekken. Door de samenwerking, door Iggy elke avond alles te zien geven, besefte hij dat je maar één leven hebt en dat je het nu moet leven. Die levensvreugde wilde hij op plaat vatten en, na Uptown Funk te hebben gehoord, wist hij zeker dat Mark Ronson de aangewezen producer was om hem en zijn groep daarbij te helpen.

De vernieuwing, die we nu op ‘Villains’ horen, was geen toeval, maar een missie die Joshua wilde ondernemen om enerzijds de fans uit te dagen en anderzijds de groep te moderniseren. Die missie brengt hij letterlijk onder woorden in het openingsnummer Feet Don’t Fail Me: “Me and my gang come to bust you loose.” Voilà, dan is dat ook duidelijk. Tegelijkertijd blikt hij nog terug op die moeilijke periode, zet hij het verschil in de verf met hoe goed hij nu in zijn vel zit.

In Feet Don’t Fail Me gaat het weer over dat dansen, maar wel als metafoor voor het leven, “One foot in the gutter, one in the clouds.” Fortress, heeft Joshua, naar verluidt, geschreven voor zijn kinderen en in dat nummer zingt hij “I pray you won’t feel alone as I have.”

Meer dan twintig draaibeurten verder kunnen we de plaat een plaats geven, maar ergens blijft die twijfel; kunnen we er niet voluit enthousiast over zijn. Als we de vinger op die twijfel proberen te leggen, komen we tot de conclusie dat er nu ook weer niet zo gek veel veranderd is. Er is een nieuwe sound, – saxofoon in Un-Reborn Again! - maar tegelijkertijd is er Domesticated Animals met die vertrouwde zware baslijn en zijn er nog steeds de gitaren.

Vaak komt het erop neer dat we tijdens het luisteren het gevoel hebben dat het nummer beter had kunnen zijn. Er zijn de gitaren in The Way You Used To Do, een nummer dat overigens in albumversie een stuk beter is dan de radio-edit, maar ook in die versie komt het nooit verder dan een soort softe versie van Sick Sick Sick. Fortress begint mooi, maar Homme durft vervolgens niet voluit voor de ballade te kiezen en lijkt ook niet voluit te durven rocken om toch duidelijk te maken dat hij zijn ziel aan het blootleggen is. Het resultaat is softe rock met een mooie tekst.

Hetzelfde bij Domesticated Animals: zeer degelijk, maar we komen niet van het gevoel af dat Queens Of The Stone Age nooit voluit gaan. En zelfs The Evil Has Landed, dat toch het meest doet denken aan de oude Queens, kan qua kopstootkracht niet naast pakweg A Song For The Dead gaan staan. The Queens gaan nooit voluit voor wat ze vroeger deden, maar tegelijkertijd kiezen ze ook niet voluit voor de nieuwe sound en vallen dan vaak tussen twee stoelen.

Het best komt ‘Villains’ nog uit de verf als Homme helemaal voor de popsong kiest (Hideaway) of als ze het dan helemaal anders doen, zoals in Head Like A Haunted House, de track waarin de hand van Mark Ronson nog het meest hoorbaar is. Helaas is dat te weinig gebeurd.


18 september 2017
Geert Verheyen