Path of no Return - The Absinthe Dreams
Epitaph Records
Kris Hadermann — 8 november 2008

Heb je wel eens van die dagen dat je gewoon alles even opzijschuift en een avondje gaat zuipen? Dan wil het wel eens gebeuren dat je ’s nachts uitgeteld in de goot eindigt. Hetzelfde krijg je als je enkele glaasjes absint naar binnen slaat. Net dat drankje en de bijhorende hallucinaties verklaren de titel van het tweede album van het Zweedse Path of No Return. De maagpomp stond alvast klaar...
Een van de laatste trends in muziekland is het verbroederen van metalcore en metal. Kijk maar naar het succes van bijvoorbeeld Sonic Syndicate en Dead To Fall. Bovendien moest Path of No Return voor haar tweede werkstuk op zoek naar een nieuw paar stembanden en die vonden ze in de keel van Patrik Jakobsson. Nieuwe zang, nieuw album, een genuanceerder genre: qua vernieuwingsdrang kan je ze daar in het Scandinavische Noorden niets verwijten.
Snel verspringende, melodische snaren. Dat is zowat het enige dat de band uit het metalgenre plukt en aanvult met duidelijke hardcore. Finaal draait alles uit op een ‘kaïetende’ gitaarmoes met de agressie van een platgereden kikker. Wat nog meer op je zenuwen werkt is de monotone, gecastreerde kraaienvocal. Dat je uiteindelijk uitkomt op een ongerijpte citroen als je twee krachtige genres combineert, lijkt onmogelijk, maar aanschouw hier het bewijs. Kreunende gitaren, lekgeslagen drumpotten en breakdowns die naam niet eens waardig, gevuld met die fijngeknepen stem, zorgen ervoor dat zelfs de meest gepeste nerd dit plaatje zo in elkaar mept.
Ultieme ramp is de titelsong. Vergelijkbaar met de staat van ons land, lijken zowel de vocals als de instrumenten afstand te nemen van elkaar. De minste samenhang tussen beide ontbreekt, alsof de ene de Marseillaise en de andere de Brabançonne zingt. Vloekende riffs en stroeve melodieën maken ons werk tot een tantaluskwelling. Heel even vluchtten we weg, op zoek naar aspirine, maar bij terugkomst zaten we nog maar halfweg onze lijdensweg. Om ons verdraagzaamheidsgevoel wat op te laden bezochten we dan maar de latrine. Ook daar geen geluk. Naast de geur– en geluidshinder bleef de verstoteling aan onze lichaamsbekleding kleven. Enkele sierlijke schudbewegingen bevrijdden ons dan wel van dat bijkomende probleem; hoe hard we ook aan de stereo of het hoesje schudden, daar kwam geen beterschap in.
Dat er zo af en toe eens een slechte plaat tussen onze te recenseren albums zit, kan je voorzien. Veel slechter dan ‘The Absinthe Dreams’ hebben we ze echter nog niet gehad. Dapper als we zijn doorkruisten we desalniettemin ook een tweede luistersessie, maar het enige wat deze keer vlotter verliep was het toiletbezoek. Met excuses voor de gedetailleerde verslaggeving daarover, maar wees gerust, zelfs onze sanitaire stops brachten prettigere klanken voort dan dit album.
