Pama International - Love Filled Dub Band
Rockers Revolt
Youri Van Driessche — 8 november 2008

We schrijven 1979: punk beleeft zijn hoogdagen in het conservatieve Engeland en zorgt voor een zoveelste muzikale spin-off. Arbeidersjongeren en rasta’s vinden elkaar en een nieuw muziekgenre breekt door: de 2-tone, of het Engelse antwoord op de Jamaicaanse ska. Voortrekkers Madness, The Selector en The Specials toeren volop en trekken volle zalen over het hele land. Na veel muzikale omzwervingen ontmoet Lynval Golding, bezieler van The Specials, in 2002 Finny en Sean Flowerdew met wie hij Pama International opricht.
De eerste cd van Pama International brak een aantal potten in de plaatselijke pub, tot filmregisseur Guy Ritchie de band oppikte en ze op de soundtrack van ‘Lock, Stock & Two Smoking Barrels’ verschenen. De band, die op dat moment op splitten stond, omringde zich met een aantal rasmuzikanten en gaf zichzelf een tweede kans.
Ondertussen zijn we 2008, Pama Internationals vijfde album, ‘Love Filled Dub Band’ ligt net in de winkel en zou de grote doorbraak op het vasteland moeten inluiden. In Engeland speelt de groep zalen en festivals plat maar zoals zo vaak blijkt Europa niet echt te volgen. Trojan, het legendarische reggaelabel dat hun vorige release uitbracht, wordt in dit opzicht wandelen gestuurd en de band richt met Rockers Revolt zijn eigen label op. Het valt te bezien of dit de beste keuze is, maar normaal gezien kan het niet mislopen want met artiesten aan boord die vroeger hun brood verdienden bij Madness, Galliano, Bentley Rhythm Ace, Steel Pulse, Style Council en Pop Will Eat Itself vermag je toch al wat.
Ondertussen zijn we 2008, Pama Internationals vijfde album, ‘Love Filled Dub Band’ ligt net in de winkel en zou de grote doorbraak op het vasteland moeten inluiden. In Engeland speelt de groep zalen en festivals plat maar zoals zo vaak blijkt Europa niet echt te volgen. Trojan, het legendarische reggaelabel dat hun vorige release uitbracht, wordt in dit opzicht wandelen gestuurd en de band richt met Rockers Revolt zijn eigen label op. Het valt te bezien of dit de beste keuze is, maar normaal gezien kan het niet mislopen want met artiesten aan boord die vroeger hun brood verdienden bij Madness, Galliano, Bentley Rhythm Ace, Steel Pulse, Style Council en Pop Will Eat Itself vermag je toch al wat.
Pama Int. omschrijft zichzelf als “a soul injected ska, rocksteady & dub sensation for the 21st century” en eigenlijk kunnen we daar weinig aan toevoegen. We horen vleugjes Stax, lekker zwoele reggae en ska en dromerige dub. Opener ‘Whenever you Lead’ zet meteen de toon. Opzwepende rocksteady, warme blazers en de opvallende soulstem van zanger Finny, weliswaar met een zwaar Engelse tongval. Het tempo houdt aan in Lovely Wife, de eerste track waar Sean zich mag onderscheiden op zijn Hammondorgel. Ook de inbreng van Rico Rodriguez laat zich opmerken. De man die bij The Specials reeds verantwoordelijk was voor het herkenbare trombonegeluid mag zich hier volledig uitleven. En dat is nu net zo sterk aan Pama Int. De band heeft zoveel muzikaal talent dat ego’s zich al vlug voor de voeten kunnen lopen, maar laat dit nu net hun sterkte zijn. The Race For Inner Space is er ook zo eentje, een rustige dub met een glansrol voor de anders zo terughoudende reggaegitarist Steven ‘Marli’ Wright.
Highrise is ontegensprekelijk het beste nummer op deze release en wat ons betreft de reggaesingle van het jaar. De "cherry oh baby" riddim van King Jammy en Eric Donaldson is straatoud, maar ontdekking Michie One geeft het nummer een verse injectie. Zwoel, sexy, zomers… Maar de kracht van deze song schuilt ook in zijn aanklacht tegen het recente geweld onder jongeren in de UK. Een betrokkenheid die we ook in andere songs terugvinden: Tomorrow’s News Today over het dreigende terrorisme of nog Throwaway Society over ons wegwerpgedrag. Afsluiter Be My Guest doet ons echter alle ellende vergeten. Goeie oude Motown met een scheutje ska. Meer moet dat niet zijn.
We zagen Pama International vorig jaar aan het werk in de befaamde Jazz Club in het Londense Camden. De energie en vreugde van dat concert heeft de groep perfect weten te bundelen in deze ’Love Filled Dub Band’. Het is nu vooral wachten welke Belgische promotor deze groep een kans geeft?
