Nile - Ithyphallic

Nuclear Blast

Kris Hadermann8 november 2008

Ithyphallic

Stel je voor: je staat putje zomer in de woestijn. Het zand schroeit je voetzolen, de zon brandt met haar beste UV-stralen je skeletbeleg weg en tot overmaat van ramp zie je achter je een zandstorm opduiken. Die zandstorm neemt de gedaante van een dierlijke kop aan (wat erop wijst dat je met een Egyptische god te maken hebt) die met opengesperde muil op je af komt. Het slokt je op en de hete zandkorrels slaan op je in als zijn het versgeslepen messen en verteren op die manier wat nog over blijft van je torso. De storm trekt weg en er ligt een kaalgevreten karkas op de plaats waar jij net stond.


Welkom in de wereld van Nile. Zij wenden al veertien jaar de kracht van de Egyptische woestijn aan en baseren hun death metalvariant daarop. Een ongeziene sound was het resultaat en na enkele jaartjes stromen kreeg de Egyptische rivier een onaantastbare reputatie. Alleen live ging het wel eens mis, omdat die oosterse sound een perfecte afstelling van de gitaren vereist. Gelukkig komt zoiets nooit voor op een album – of je moet al een heel slechte producer hebben – en dus wisten we al op voorhand dat dit vijfde hoofdstuk van de Egyptische mythologie smullen ging worden.

 
Lees de inleiding nog eens en probeer een soundtrack op dat tafereel te plakken. Een gitaar die oosterse solo’s zingt, terwijl een ander exemplaar haar bovenste snaren diep laat grollen en blasten. Dat alles ontstellend snel onderbouwd door de god van de drumkit George Kollias. Hij is de perfecte drummer voor Nile, dat bekend staat om haar explosieve tempodrives en peesonvriendelijk slagwerk. Ook nu weer grossiert de band daarin zonder in herhaling te vallen. Gitaarfarao’s Karl Sanders en Dallas Toler-Wade vullen hun riffs met meedogenloze blasts en die dikke grolklanken. Die kunsten komen er onder andere perfect uit tijdens As He Creates, So He Destroys, zowat een portotype van een perfect Nile-nummer. Veelal in het Engels, maar traditiegetrouw ook in het oud-Egyptisch martelen de heren hun tong door als hogepriesters met een in muntthee borrelende keel hun bezweringen te spuien.
 
Duidelijk toegenomen in hoeveelheid zijn de slome doom-momenten, waaraan ze zelfs een heel nummer besteden. Eat of the Dead behoudt die unieke sound, maar trekt zich voort als een hondje op twee poten. Een soort oosterse doom is het totaalprentje, iets wat aan de staart van het album nog eens wordt overgedaan met een heus marathonnummer dat tien minuten nodig heeft om de meet te halen. Een afwisseling die zeker niet misstaat tussen die brommende turbosongs, waarvan Laying Fire upon Apep, de klaft (hoofddeksel van de farao) draagt.
 
‘Ithyphallic’ is een pure machtsplaat. Het steekt als een schorpioen, brult als een panter en bevat de kracht van alle Egyptische goden samen. De machtige Nijl stroomt weer door heel de wereld en zelfs Moses met zijn staf zal die stroom nooit breken.
← Terug naar overzicht