Mercenary - Architect Of Lies
Century Media Records
David Ardenois — 8 november 2008

Na een eerste EP op ons te hebben losgelaten in 1996, oogst Mercenary succes met hun tweede album, ‘Everblack’ uit 2002, goed onthaald door de pers. Hun sound hadden we onder de brede paraplu van heavy shit geklasseerd. Dat wil zeggen: snijdende gitaren, beukende drums en rauwe gruntrochels. Tussen hun jongste boreling en hun debuut-EP liggen vier studioalbums, dus van luiheid kunnen we deze Denen niet beschuldigen. Met dit alles in het achterhoofd, wordt onze promo de cd-speler ingepleurd.
Sferische keyboards weerklinken, om na luttele seconden aan flarden te worden geblazen door een scheurende ritmegitaar. Wanneer de stem inzet, doet het geheel erg denken aan Soilwork anno 1999 bij de release van ‘The Chainheart Machine’. Nerveuze trash met dito grunts, compacte ritmegitaren, flitsende solo’s, en veel dubbelbasdrumwerk. Groot is dan ook onze verbazing als in openingsnummer New Desire na een goede minuut cleane zang weerklinkt. En dan nog wel cleane zang van het soort waarvan men zich afvraagt “Waar heeft men die castraat nu weer uit opgeduikeld?”. Om maar te zeggen dat het contrast tussen de grunts, de screams en de cleane zang nogal groot is.
Wanneer we teruggrijpen naar ‘Everblack’ om te checken of dit indertijd ook al het geval was, moeten we vaststellen dat er tussen 2002 en het heden niet zoveel veranderd is. Aan de muziek zelf valt niet veel aan te merken, maar er is ook niet echt iets waardoor de band zich van het pak onderscheidt.
Het feit dat deze band is blijven steken in de subtop, wijten we aan de vreemde combinatie hoge zang - rauwe gitaren waar we zelf eerlijk gezegd niet zo gek op zijn, en die vaak ook het tempo van de songs naar beneden haalt.
Laat dat de fans van Mercenary echter niet afschrikken: de band gaat verder op het ingeslagen pad. Met andere woorden: als je hen vroeger al best te pruimen vond, zal dit nu zeker nog het geval zijn. Diegenen die geen fan zijn, zullen ook nu niet bekeerd worden door dit laatste werkstuk. Diegenen die dwepen met heavy metal en trash kunnen dit schijfje wel eens aan een luisterbeurt onderwerpen.
