Marco Bailey & Tom Gades - E=MB²

News

Koen Van Dijck8 november 2008

E=MB²

Het is niet de eerste keer dat de twee grootheden uit de Belgische technoscene samenwerken. Tom Hades zat al vaak achter knoppen van producties onder de naam van Marco Bailey, onder andere bij diens laatste album ‘Rudeboy’, vier jaar geleden. Daarnaast is vooral het I Love Techno Anthem uit 2001 bij velen blijven hangen. Op dit vierde album van Bailey komen ze nu eindelijk ook eens naar buiten als volwaardig duo.


Het technogenre werd een paar jaar geleden voor dood verklaard. Het zag er evenwel eerder naar uit dat het zich na zijn commerciële uitbuiting terugtrok in de ondergrondse kelders van ons muzieklandschap. Om nog interessante en vernieuwende producties te vinden, moest je de laatste jaren wel heel goed zoeken. Veel evolueren deed deze stijl immers niet meer. Maar het gevoel dat de tijd ook bij Bailey en Hades is blijven stilstaan hebben we niet. Er wordt duchtig geëxperimenteerd met beats, field recordings en melodieën.

 
Opener Adult Entertainment kan daar al meteen van meespreken. De beats stuiteren alsof ze door Para One geprogrammeerd zijn en in de break en bij het einde horen we een prachtige sample waarin we krakend vinyl, spelende kinderen en een loop uit klassiek werk herkennen. Qua sfeer scheppen kan dit tellen. Ook in Child Hood en Final Arrival vinden we mooie klanktapijtjes terug.
 
Helemaal uit onze sokken geblazen worden we door Exorcism. De lome beats dragen een fragiele en ijle klank die weet te ontroeren. Denk aan de minimal/elektro-sound van Ellen Allien & Apparat. Ongetwijfeld een van de sterkste Belgische producties in zijn stijl. Nog meer vergelijkingen, want E=MB² brengt funky techno à la Laurent Garniers Man With The Red Face, met een diepe groove, saxofoonsamples en een knoert van een opbouw. Mooi werk.

Ook Saint-Paul gaat diezelfde richting uit, maar keert halverwege van richting in trancy-atmosferen. Met Brightness gaan we de voluit de elektrotoer op. Dj’s als Oxia en Kiko moeten deze plaat al lang in hun platentas hebben zitten. Melodieus, maar tegelijkertijd stomend en opzwepend.
 
Liefhebbers van recht-door-zeetechno komen voldoende aan hun trekken. Vooral Blast vinden we nog een te genieten werkstukje, maar Mad Max en Whistle zijn niet meer geschikt voor ons huis-, thuis– en keukengebruik. Rhythm Is My Life sabelen we zonder pardon neer. Wie vandaag de dag nog met dergelijke kleutertekst afkomt, kan zich beter met instrumentaaltjes bezighouden.
 
Verder is dit een zeer genietbare productie die zich niet laat vangen aan hokjesmentaliteit en daardoor ‘techno’ weer wat ademruimte geeft. Meer van dat, technoheads.
← Terug naar overzicht