Kevin Morby City Music

Dead Oceans
City Music

Kevin Morby staart zielloos naar de spiegel terwijl buiten het verkeer raast als een gek en auto’s toeteren alsof hun leven ervan afhangt. Morby zal bij het buitenkomen overrompeld worden door ander leven, maar toch voelt hij zich alleen. Als je in de spiegel kijkt, ben je dan niet meer alleen? Of zie je dan alleen maar je eenzaamheid verdubbelen? 

Kevin Morby heeft een stem uit de duizend; die zachte huig, dat midwestern dialect het stof dat opwaait wanneer hij van bariton tevergeefs naar tenor probeert te gaan. Wie Morby reeds kent van zijn werk bij Woods en The Babies of van zijn vier soloalbums, kan bij het lezen van de titels al in het hoofd horen hoe die woorden uit Morby’s keelholte zullen komen. De klinkers worden steevast vervangen door a’s en woorden worden halverwege ingeslikt en later sierlijk terug uitgebraakt. Mooiste voorbeeld: bij de  constante herhaling van Dry Your Eyes zou je haast denken dat hij het over droge rijst heeft. Zijn stem blijft het fraaiste en meest vermakelijke instrument dat hij bezit.

Maar rond die prachtige stem, met al die verschillende dimensies en klankkleuren creëert Morby terug schitterende, muzikale belevenissen. Titeltrack City Music bijvoorbeeld, is een zeven minuten durende autotrip die start in een rustige buitenwijk, zachtjes ontspoort, wanneer hij de drukte van het centrum ervaart en terug gaat liggen wanneer hij de auto parkeert in een rustig straatje. Zelden werd chaos van een grootstad zo treffend in klank weergegeven als hier.

‘City Music’ is het muzikale equivalent van opwaaiende sigarettenas en constant bijgevulde tequilashots in een broeierige bar. Of van een fles rode wijn die eenzaam opgedronken wordt op de rand van een brug, terwijl achter hem het leven voorbijraast aan hartslag honderdtachtig. Crybaby en Pearly Gates hebben zelfs iets poppy's en bijzonder aanstekelijks in zich en zijn ontegensprekelijk één van de betere tracks uit zijn gehele repertoire.

Morby’s solodebuut ‘Harlem River’ was een ode aan New York, terwijl ‘Singing Saw’ wortels had in de schaduw van Mount Washington. ‘City Music’ is niet zozeer vastgepind op één specifieke locatie, maar is eerder een samenraapsel van indrukken uit verschillende steden. Of zoals hij het zelf beschrijft in de perstekst: "'City Music’ is a love letter dedicated to those cities that I cannot get rid of”. Steden, die krioelen als een mierennest, met menselijk verkeer dat voortkomt uit de constante angst om alleen te zijn.

Eenzaamheid is nergens zo tastbaar als in het gezelschap van een grote groep mensen en laat die eenzaamheid nu net de rode draad zijn op deze plaat. Tijdens de opener Come To Me Now beschrijft hij hoe hij smacht naar het ondergaan van de zon en de rust die daarmee gepaard gaat, terwijl hij zich tijdens Dry Your Eyes alleen voelt in de druktes van de grootsteden: “I go to a city square just to see who, or what I’m gonna find there / But there ain’t no soul I know”.

Een andere vorm van eenzaamheid is herinneringen hebben en er met niemand over kunnen praten. Tenzij je het in een liedje giet, zoals het uiterst genietbare Aboard My Train, waarin hij al zijn memoires een zitplaats geeft op de stoomtrein van zijn leven: “I have loved many faces, many places / All aboard my train but depart at different stations”.

Laat je inpakken door ‘City Music’, Kevin Morby’s zoveelste kanjer van een plaat. Hiermee bewijst hij nogmaals dat hij zijn plaatsje verdient bij de beste singer-songrwiters van deze tijd. ‘City Music’ is er eentje voor de eindejaarslijstjes. En als je ons nu wil excuseren Wij gaan de eenzaamheid even opzoeken. Wie gaat er mee?

Kevin Morby speelt deze zomer op het Cactusfestival, op Dourfestival en in het najaar in Muziekclub De Zwerver en in de Botanique.


19 juni 2017
Joris Roobroeck