Jesse Sykes & The Sweet Hereafter - Like, Love, Lust & The Open Halls Of The Soul

Munich Records

Tessa Joris8 november 2008

Like, Love, Lust & The Open Halls Of The Soul

Liefde, lust en de bijbehorende miserie. Het zijn geliefkoosde onderwerpen van menig singer-songwriter. Ook Jesse Sykes & The Sweet Hereafter springt maar al te graag op deze kar. Werp een blik op het hoesje en u weet meteen waar deze cd over gaat. Met de krullerige letters in een uitgebalanceerde compositie en de neerslachtig kijkende Jesse in sepia tinten, schreeuwt het artwork de boodschap uit. Dit is sentiment, beste mensen: pure emotie. Oprechtheid, Weltschmerz, diepdroeve verhalen, troost en raad over de belangrijke dingen des levens.

Mevrouw Sykes is dan ook voorzien van een stem waar je goed mee kan klagen. Haar breekbare stemgeluid zet al deze emotie nog eens extra in de verf. Jammer genoeg zingt ze niet met het soort ontroerende breekbaarheid zoals pakweg Chan Marshall (Cat Power), met wie ze wel eens vergeleken wordt, dat wel doet. Bij het horen van de klanken die ze produceert, denk je eerder “ach mens, zaag toch niet zo”.



‘Like, Love, Lust & The Open Halls Of The Soul’ zit dan ook boordevol bestudeerd sentiment. Alle middelen worden benut om het maximum aan emotie uit de liedjes te halen. De meligheid ligt er vingerdik op, net als de verplichte droefheid. Voor de invulling van de songs wordt gebruik gemaakt van de typische trucjes van de foor. De aanzwellende orchestrering, het bijpassende gitaargetokkel, de meeslepende mondharmonica, ... het is er allemaal zo om gedaan dat het vooral ergerlijk wordt.  Alles past pijnlijk netjes in elkaar. Jesse Sykes zou beter wat meer dwars liggen. Het zou misschien een boeiendere plaat opleveren.



Op het derde nummer The Air Is Thin bereikt Jesse het dieptepunt van de plaat. De achtergrondzang leidt hier tot een would-be climax die je van mijlenver hoort aankomen. De stoptoets van de cd-speler wordt plots erg verleidelijk. Opvolger Spectral Beings brengt weinig verbetering en is zo traag dat hij zou verboden moeten worden tijdens autoritten wegens indommelgevaar. De rest van de plaat blijft steken in hetzelfde prototype:  traag, beladen en zelfs zagerig. In You Might Walk Away gaat Sykes meer de rocktoer op met catchy gitaren. Dit maakt het uptemponummer iets meer te pruimen dan de rest van de plaat.



Voor wie niets beter kent, zou dit ontroerend kunnen klinken. Jesse Sykes wordt namelijk met haar countryneigingen wel eens bij het rijtje van Cat Power, Jenny Lewis, Bright Eyes en Ryan Adams gerekend. De ingrediënten zijn misschien hetzelfde, maar de keuze is snel gemaakt. De dramatiek van haar muziek volgt de regels van het vak. Voorspelbaarheid is troef, maar ontroeren doet het niet. ‘Like, Love, Lust & Thef Open Halls Of The Soul’ is dan ook geen plaat waar de neerslachtigen onder ons troost in vinden. Integendeel, de depressie is nabij. De wereldmoeheid van Sykes druipt er vanaf, maar wij worden vooral moe van haar muziek.

← Terug naar overzicht