George Clinton - George Clinton And His Gangsters Of Love
Sanachie Records
Bram Beelaert — 8 november 2008

George Clinton, ooit grootmeester van de funk, is de laatste jaren vooral een parodie van zichzelf. Het valt te betwijfelen of hij er in slaagt om dat beeld bij te stellen met met ‘George Clinton And His Gangsters Of Love’, een collectie covers met prominente gasten als Sly Stone, The Red Hot Chili Peppers, The RZA en Carlos Santana.
Het funkuniversum kent twee opperwezens. Er is de onlangs overleden James Brown, kampioen van de strak geregisseerde soulrevues, wiens bandleden voor elke fout op een geldelijke boete werden getrakteerd. En er is vrijbuiter George Clinton: experimenteel, chaotisch en extravagant. In de jaren zeventig drukte hij met Parliament en Funkadelic zijn onuitwisbare stempel op de muziek van zwart Amerika, bijgestaan door enkele vluchtelingen uit de dictatuur van Brown.
Als soloartiest en met de P-funk Allstars lukt het de laatste decennia heel wat minder. Zijn herwonnen populariteit in de jaren negentig dankte Clinton voornamelijk aan DJ’s die zijn ouder werk sampelden. Ook zijn live-shows teren voornamelijk op vroeger.
Nu is er ‘George Clinton and his Gangsters Of Love’. De plaat begint meer dan behoorlijk. Met Ain’t That Perculiar, een relatief obscure instrumental van Marvin Gaye uit 1965, krijgen we meteen de chaotische maar aanstekelijke funk waar we Clinton zo om eren. De bas van het origineel is grondig vertimmerd en klinkt diep en groovy. Barry White’s klassieker Never Gonna Give You Up krijgt van Clinton een lichtvoetig arrangement dat ontegensprekelijk op de dansspieren werkt.
Daarna loopt alles echter fout. Met de middernacht-jazz van Mathematics of Love gaat Clinton een eerste keer volledig uit de bocht. Let The Good Times Roll is een volledig overbodige cover, zelfs met de medewerking van de Red Hot Chili Peppers. Een lichtpunt is evenwel John Frusciantes solo, die doet denken aan wat Jimi Hendrix tijdens optredens met Johnny B. Goode uithaalde. Een schril contrast met Carlos Santana’s gitaarwerk op Gypsy Woman: het is absoluut niet goed, maar jammer genoeg wel alomtegenwoordig.
Our Day Will Come is een totaal mislukt experiment met lounge, van het soort dat we tegenwoordig op onze regionale tv-zender maar al te vaak horen als achtergrondmuziek bij rubrieken over lifestyle en wonen, maar dan slechter. Volgt Sway, misselijkmakende latin-kitsch, compleet met voorgeprogrammeerde synthesizerblazers. Absoluut dieptepunt is de schaamteloos sentimentele doowop A Thousand Miles Away.
Heaven met The RZA is aanvaardbaar, maar kan de meubelen bijlange niet redden. We veronderstellen dat George Clinton vooral nog cd’s maakt om financiële redenen, want een artistieke ziel is ver te zoeken. Bij deze dan ook een warme oproep aan iedereen om de man te steunen, en iets van Parliament of Funkadelic te kopen. Dát is waar voor je geld, zoveel is zeker.
