Clinic - Do It!

Domino

Kristiaan Art8 november 2008

Do It!

Zowel Radiohead als Arcade Fire zijn grote fans van Clinic. Beide bands namen de heren al meermaals mee op tournee, en Arcade Fire coverde zelfs een van hun nummers. Wie zich de vreemde verschijningen met hoge hoeden en chirurgische maskers in het voorprogramma van deze laatsten in Vorst Nationaal herinnert, weet ook dat Clinic niet de meest toegankelijke muziek maakt.


We betwijfelen of Clinic met deze vijfde langspeler uit de obscuriteit tevoorschijn zal komen. Het viertal blijft trouw aan zijn typische blauwdruk van ouderwetse garagerock met psychedelische invloeden, een minutieus uitgebeend en bevreemdend geluid. De evolutie die deze band in ruim tien jaar tijd heeft doorgemaakt is verwaarloosbaar, maar bij vrijwel alle songs krijgen wij al na enkele seconden de onmiskenbare Clinic smaak in de mond. Het is als drop, je bent er voor of niet, maar het leidt geen twijfel dat de fans deze 'Do It!' zullen lusten.

De cd begint beloftevol met Memories, een stampende garagerocker met een contrasterend liefelijk refreintje en een sixties orgeltje dat meteen herinneringen aan dat andere kwartet uit Liverpool naar boven haalt. In Tomorrow horen we een akoestische gitaar en een Morricone-achtige mondharmonica. The Witch (Made To Measure) is een goedgekozen en representatieve single die drijft op een hallucinogene groove. Shopping Bag ligt in dezelfde lijn, maar schakelt een versnelling hoger en doet ons denken aan The Cramps.
Er wordt verschillende keren gas teruggenomen, soms binnen de nummers zelf, zoals bij Free Not Free, maar er staan ook een paar nummers op de plaat die het de hele song door wat trager aan doen. Corpus Christi klinkt redelijk braaf tot een ontaarde saxofoon roet in het eten gooit, en met Emotions komt Clinic - op geheel eigen wijze - nog het dichtst in de buurt van het ballad-genre: de gitaren doen denken aan het geluid van chirurgische boren, maar er is wel een duidelijke romantische ondertoon aanwezig.
Het toepasselijk getitelde Coda blijft een instrumentaal walsje met een kabbelend orgeltje en bluesy gitaarsolo, tot zanger Ade Blackburn in zijn typische halfverstaanbare stijl kort een hommage brengt aan een zeshonderdjarige middeleeuwse oorkonde uit Bristol. Net als de rest van de cd een beetje geheimzinnig allemaal en dat past perfect bij deze vreemde snuiters.
← Terug naar overzicht