Calexico - Garden Ruin
Quarterstick Records
Tuur Van Braeckel — 8 november 2008
Enkele Werchters geleden zagen we ze voor het eerst live. De dag en het uur zullen we u wegens acute Korsakoff tijdens het eerste weekend van juli schuldig moeten blijven, maar wat we ons wel kunnen herinneren is dat ze op de affiche in een ietwat denigrerend klein lettertype stonden vermeld tussen onder meer Sonic Youth, The White Stripes, Queens of the Stone Age, Black Rebel Motorcycle Club, en Red Hot Chili Peppers. Calexico was hun naam, feesten hun faam.
Wat we toen in Werchter hoorden was echte Yankee-muziek, maar dan met een hoop invloeden van elders. Portugese fado, spaghetti-westerns, fifties jazz, alternatieve country blues, mariachi en zelfs woestijnsurf waren allemaal wel op een of andere manier terug te vinden in hun hete muziek. Dit alles vonden we nadien ook terug op hun tot dan toe verschenen oeuvre en ook hun latere werk bleef in dezelfde sfeer.
Met ?Garden Ruin? hebben de heren Joey Burns en John Convertino het roer echter kwansuis helemaal gekeerd. Als we het gehele Calexico vroeger op hetzelfde avontuurlijke bergpad konden plaatsen waar ook bijvoorbeeld Buenas Tardes Amigo van Ween wandelde, dienen we nu te concluderen dat de muziek compleet middle of the road is geworden. Ze kent veel minder extremen en lijkt met opzet te zijn gericht op een breder publiek. ?Garden Ruin? is het resultaat van een stel getalenteerde en geschoolde artiesten die hun vindingrijkheid even op half-actief hebben gezet en enkel uitvoerden wat de partituur had voorgeschreven. Een mens zou er haast commerci?le drijfveren achter zoeken.
Een beetje fletser dan vroeger, zonder de gebruikelijke toeters en bellen, maar daarom niet minder lekker. Het plaatje bevat heus mooie, dromerige popsongs, zij het allemaal wat meer ingetogen. Mocht Buscemi, die ook al Crystal Frontier in een nieuw jasje stak, toch op zoek zijn naar een nieuw Calexico-nummer om te remixen, zouden wij Letter to Bowie Knife durven voorstellen. Het klinkt als een rockende zigeuner met up-tempo ballen. De enige song die ons het vroegere werk even voor de geest kan doen halen, is Roka (Danza de la muerte) waar de alomtegenwoordige semi-akoestische gitaren eindelijk nog eens het gezelschap krijgen van trompettisten die wat te veel mezcal hebben gedronken. De knapste prestatie is naar onze mening onbetwistbaar All systems red, een voorzichtig startende ballad die uitmondt in een hemelvaart ? la Ryan Adams of, dichter bij huis, Joost Zwegers. Jammer genoeg de enige keer dat de partituur per abuis op de grond waaide en dat emotie de rede mocht leiden en niet vice versa.
