AI Phoenix - The Light Shines Almost All The Way

Glitterhouse Records

Tom Wouters8 november 2008

The Light Shines Almost All The Way

Al anderhalve maand ligt ‘The Light Shines Almost All The Way’ van AI Phoenix op onze bureau rond te slingeren. Daar is een reden voor, en die gaan we je in 2.400 tekens proberen te vertellen.


Soms krijg je als recensent albums die je wel iets lijken, maar die dan toch niets blijken te zijn. Die kraak je dan tot op het bot af, gewoon omdat je er dan toch nog een beetje plezier aan beleefd hebt. Maar heel af en toe zit er een cd’tje tussen dat niet slecht genoeg is om de grond in te boren, maar evenmin goed genoeg om er iets zinnigs over te schrijven.

 
AI Phoenix dus, een groep uit Noorwegen met een zangeresje en een zanger, die elkaar afwisselen, en af en toe samen zingen. Zoals in Peter Pan. De deuntjes die ze brengen zijn pop en folk door elkaar en zijn af en toe zelfs mooi te noemen. Helaas is het allemaal ook zo nietszeggend.
 
Het grootste probleem van deze band is dat ze compleet futloos klinkt. Nergens klinkt er enthousiasme of liefde voor muziek. Ze maken muziekjes, omdat hun “ouders dat ooit zo gewild hebben” of “omdat ze dat nu ooit eenmaal gedaan hebben”. 'Inspiratieloos' heet zoiets, en dat is altijd zo verdomd jammer. We weten een beetje waarover we het hebben - soms overkomt ons dat - want we zijn namelijk ook in het bezit van ‘Lean That Way Forever’, een van hun vorige albums dat ons wel kon bekoren. Die muziek verschilt nauwelijks van die van dit album, maar het klonk allemaal met liefde gemaakt. Misschien is dit een toegift aan de platenmaatschappij, stond in hun contract dat ze nog één album moesten maken en daarna met een gerust hart op muzikaal pensioen mochten. Zo klinkt het althans.
 
“Is ‘The Light Shines Almost all the Way’ dan een slecht album?”, horen we een bezorgde lezer vragen, uit angst dat hij zijn tijd aan het verdoen is met het lezen van deze recensie. Nee, niet echt. Het is gewoon een saai album, met saaie liedjes, die misschien nog wel even zouden opvallen als je ze in de metro zou horen, maar ook weer uit je hoofd zouden verdwijnen met het sluiten van de deuren. Alleen Broken Bones is wat ons betreft echt slecht. Het slechtgestemde gitaartje dat iets moet spelen wat op een triestige ballade klinkt: het lijkt echt nergens op.
 
Ben je geïntrigeerd door de naam of door het feit dat het Noren zijn en je alles uit Noorwegen toch minstens één keer wil proberen, dan raden we je aan om even in hun verleden te gaan graven, te beginnen met het al eerder vermelde album. Wij beloven dat dat veel nuttiger is dan op zoek te gaan naar dit album, dat daarna wellicht jarenlang in de platenkast stof zal liggen verzamelen.
← Terug naar overzicht