Unheilig

Kristallen kracht

Kris Hadermann
Dommelhof, Neerpelt8 november 2008

In ons Wackenverslag kon u al lezen dat we Cannibal Corpse prompt opzij schoven om een band te zien die - zo dachten we - nooit naar België zou komen: Unheilig. Onze woorden waren nog niet koud of Unheilig voegde onze stuurloze sloep, ooit bekend als een land, toe aan hun tourschema, voor het eerst in hun achtjarige bestaan. Misschien wilden ze eens komen genieten van ons “goed bestuur”. Of waren het de bergen kritiek die ze elders krijgen, omdat ze én op metalfestivals én op gothicfestivals spelen, die hen naar hier lokten?


Na een rit van een uur en drie kwartier naar Neerpelt, zonder avondeten, was het eerste wat we binnenstapten een restaurant, dat ook op het provinciaal domein Dommelhof staat. Heerlijke spaghetti hebben ze daar! Net daarvoor hadden we ons nog verkeerdelijk aangemeld aan de sporthal Dommelhof, ook al deel van het provinciaal domein. Toch nog mooi op tijd onderscheidden we alsnog het juiste gebouw: een niet eens zo klein zaaltje, waar zeker 200 man in moest kunnen. Voor die avond mocht er één nulletje van dat getal weggelaten worden.

Unheilig
 
Het vel van de soep was voor Full of Averice en we hopen dat ze zich daar eens flink in verslikt hebben. Hoe die jonge kerels en hun frontbarbie daar verzeild geraakt waren, leek ook voor de band zelf een raadsel. Ze stonden daar maar wat rond te kijken, als versteende actiefiguurtjes. Tijdens de talentenjacht in bejaardenhuis ‘De Stille Dood’ hebben we al intensievere optredens gezien. Hun wel erg vlakgegumde rock kreeg alleen ma en pa Full of Averice in extase. Het publiek bleef beleefd, waarvoor het dan nog niets eens bedankt werd.
 
Van jonge snaken ging het naar oude krokodillen. Star Industry draait al lang mee, al laat hun ondermaatse naambekendheid iets anders vermoeden. Het is zo’n band die het internationaal beter doet dan nationaal. Hun knappe puzzel van snerende gitaren, rustiek drumwerk en fijne samples kon het zeer tamme publiek verleiden om naar de voorste regionen van het podium te komen. Daar plaatsgenomen zag en hoorde het waarom Star Industry wel eens het Belgische antwoord op Rammstein wordt genoemd. Dat niveau haalden ze niet, omdat de snaren de keyboards in een ondoordringbare houdgreep namen. Covers Enjoy the Silence (Depeche Mode) en Sweet Dreams (Eurythmics) kregen een flinke gitaar in zich geramd en het eigen werk, met Nineties voorop, rockte harder dan op cd. Wat meer variatie in zowel de gitaren als de weinig opvallende zang had wenselijk geweest, maar niettemin een interessante band om eens te checken.
 
“Willkommen in meiner Leben”, zo eindigde de in elkaar geflanste intro waarin al de titels van hun grootste hits al eens opgesomd werden. Vanaf het moment waarop hij het podium opliep, schaarde oppergod ‘Der Graf’ het publiek – de helft meegereisde fans uit Duitsland, de rest vermoedelijk Belgen – achter zich. Ietwat verrassend zette Unheilig in met Eva, een van hun zwakkere nummers. Daarna volgden echter alleen nog kanjers. Geluidstechnisch klopte het plaatje: de hoofdmoot was voor de uitgekiende bassequenties, het heldere keyboardspel en de uitgestrekte sampleoceanen. De machtige gitaarslagen, constant zonder plectrum, ademden de duisternis uit de lyrics uit. De diepe, kraaknette zang zat perfect, maar zakte naar het einde toe wat weg.

En zo was het dansen geblazen tijdens de rockende elektrobeats van onder andere Ich will alles en Maschine, ofwel de ogen sluiten en wegzweven, zoals tijdens Astronaut. Meezingen kon ook – zeker als der Graf je de micro in het gezicht duwde – met het pakkende Schutzengel en het wat hardere Auf zum Mond. Hoe stijf de kale frontman er ook uitzag in zijn smoking, zijn heupwiegende danspassen en dynamische uitbarstingen maakten zijn podiumact uniek. Met de gouden driehoek Freiheit, Sage Ja! en Mein Stern als bisnummers sloot Unheilig af met hun signatuur: kristalheldere en toch krachtige industrial metal.
← Terug naar overzicht