TW Classic

Fogerty rules

Patrick Van Gestel
Werchter Weide, Werchter8 november 2008

De combat boots worden van onder het stof gehaald.  De Status Quo-t-shirts lijken iets te zijn gekrompen. Het is weer tijd voor de TW Classic met andere woorden. Dus loopt de wei één week na het jonge geweld opnieuw vrolijk vol. Deze keer is de zon wel van de partij. Ongetwijfeld zullen enkele aanwezigen vanavond op de blaren moeten zitten.

Wanneer wij het strijdtoneel betreden, is Tom Helsen al bezig zijn greatest hits ten beste te geven. De man heeft intussen dan ook al heel wat radiohits bijeen gesprokkeld. Het aanwezige publiek deint gewillig mee op de tonen van Slowly of When Marvin Calls. Het zijn gewoon goede popsongs, die hem terecht een plaats op dit evenement hebben opgeleverd. Bovendien is Helsen een prima entertainer, die zijn toeschouwers terloops meedeelt dat hij Out Of Something opdraagt aan zijn vrouw –het koppel trouwde op 7 juli 2001- en dus vanavond ongetwijfeld “in natura” zal beloond worden.



Ook muzikaal zit zijn set goed. Zijn stem leent zich voor dit soort nummers en zijn groep begrijpt dat hij het is die met de aandacht zal weglopen. Je zou hem kunnen verwijten dat hij enkel een best of speelt, maar je moet ze toch nog altijd schrijven, nietwaar ?


Voor OMD is dan weer een ander publiek opgedaagd. Precies daarin ligt uiteraard de charme van een dergelijk gebeuren. Orchestral Manoeuvres In The Dark kende zijn hoogdagen ten tijde van de new wave en klonk toen behoorlijk fris. Dat frisse is intussen misschien wat belegen geworden en de stem van Paul Humphreys laat af en toe te wensen over, maar Andy McCluskey stuitert nog steeds dartel het podium over en danst nog steeds de toendertijd o zo hippe molenwiekdans.

Enola Gay
wordt temidden van andere klassiekers uiteraard herkend. Er zijn dan ook zo’n drieëndertig verschillende verzamelalbums van OMD verschenen, waarvan zowat iedereen er één in huis heeft.Toch hadden wij liever, net als tijdens hun optreden in de AB, de integrale uitvoering van ‘Architecture & Morality’ gezien. In die achtentwintig jaar dat het voor OMD geduurd heeft om op Werchter te geraken, hebben ze immers heel wat beter materiaal geschreven dan pakweg Talking Loud And Clear. Gemiste kans dus, al zijn de hits-adepten meer dan tevreden met deze show, die uiteraard perfect past binnen het classic-concept.

Voor P!nk is er een jonger publiek opgedaagd. De lippiercings en extravagante oorbellen zijn niet te tellen wanneer klappers als Trouble of I’m Not Dead volmondig worden meegekweeld. Maar haar band speelt met overgave en P!nk is haar uitermate coole zelf, al struikelt ze een beetje stuntelig over haar microfoonstandaard. Haar fans blijven met open mond en wijd opengesperde ogen naar het podium staren om toch maar geen ogenblik van hun hoogtepunt te missen. Nog even uithalen naar meneer Bush –kwestie van politiek correct te blijven – en de voorste rijen gaan volledig overstag. Geen mens die de geeuwende reporter aan de pizza-stand heeft opgemerkt.

Ook Anouk is niet echt aan ons besteed en valt eveneens eerder binnen de interessesfeer van wat jongere toeschouwers, maar haar band laat zien dat ze een aardig potje kunnen rocken. Bovendien kan de Nederlandse dame nog steeds prima met haar stem overweg. Ook voor haar zijn de nodige bakvissen opgedaagd. Blijkbaar is girrrl power nog steeds aan de orde van de dag.

Wat wel voor haar pleit, is dat ze durft af te wijken van de hitjesstandaard. Uiteraard komen Nobody’s Wife en Girl Girl Girl (als afsluiter) aan bod, maar even vrolijk kiest ze voor wat minder bekende nummers tussendoor. Dat verdient absoluut respect.

Een heel ander soort respect dient opgebracht te worden voor John Fogerty. Al met Creedence Clearwater Revival (CCR voor de vrienden) mixte hij uit een combinatie van swampblues, country en rock-'n-roll een cocktail die leidde naar haast perfecte popmuziek. Nummers als Have You Ever Seen The Rain en Bad Moon Rising staan gebeiteld in ieders muzikaal geheugen. Fogerty heeft trouwens heel wat moeite gehad om de rechten van zijn songs terug in eigen handen te krijgen, maar is sindsdien als bevrijd. Hij heeft de pensioengerechtigde leeftijd inmiddels bereikt, maar tourt nog vrolijk rond en beleeft daar duidelijk veel plezier aan.

Het is hiervoor dat het overgrote deel van het wat rijpere publiek is gekomen en er wordt algauw luidkeels meegebruld. Toch durft Fogerty zonder problemen een nieuw nummer als Don’t You Wish It Was True tussen de set te gooien om zijn nieuwe plaat ‘Revival’ die in september gaat verschijnen, te promoten.

Er zit behoorlijk wat afwisseling in de set. Zo speelt hij Déjà Vu All Over Again solo, terwijl hij tijdens I Heard It Through The Grapevine een gitaarduel uitvecht met zijn backing gitarist Billy Burnett. Voor Down On The Corner haalt hij zelfs zijn twee zoons op het podium om te laten zien dat zij duidelijk dezelfde weg als hun vader in willen slaan.

Daarenboven slaagt hij erin om een bisronde af te dwingen waarbij het publiek met veel plezier het “And I Like It” uit Rockin’ All Over The World voor zijn rekening neemt. Afgezaagd, zegt u ?  Misschien, maar wel verdomd lekker om dat deuntje met enkele duizenden mee te zingen.

Het is duidelijk dat John Fogerty zijn publiek nog weet in te pakken.

Elton John
krijgt dan de ondankbare taak om hierna deze zonnige festivaldag af te sluiten, maar het wordt al snel duidelijk dat hij niet het enthousiasme van de voorgaande grootheid weet over te nemen. De reacties van het publiek zijn eerder lauw. Ongetwijfeld heeft ook hij zijn grootste krakers gespeeld, maar daarop hebben wij niet meer gewacht.

Het is John Fogerty die deze TW Classic heeft gemaakt. Al het overige was slechts bijzaak, al krijgt Tom Helsen nog wel een eervolle vermelding.

← Terug naar overzicht