Strand Of Oaks - Fijn vertoeven in de bubbel

Trix, 26 mei 2019

Strand Of Oaks</b> - Fijn vertoeven in de bubbel

Hoewel muziekbeleving er los van zou moeten staan, was de politieke consternatie waarin het land zich bevond na verkiezingsdag ook hét gespreksonderwerp in Trix voor de start van het optreden. Tot onze goede vriend Timothy Showalter het podium betrad en we voor anderhalf uur konden verdwijnen in een prachtige muzikale bubbel. Want muziek kan troosten en helen. Dat weet Sholwater als geen ander.

Dit jaar bracht hij ‘Eraserland’ uit, een plaat waarvan hij zelf had gedacht dat ze er nooit meer zou komen. Hij was een beetje uitgekeken op het muziekwereldje, voelde zich er minder en minder thuis. Zoals hij zelf zingt in Weird Ways: “The scene isn’t my scene anymore.” Tot zijn vrienden van My Morning Jacket hem de studio in duwden en mee aan het opnemen sloegen.

Weird Ways was dan ook het logische openingsnummer van deze uitverkochte avond in Trix. Showalter bleef spelen. Het ene nummer na het andere. Af en toe een “Thank you”, prevelend of de titel van het volgende nummer, maar meestal gewoon niets. Tot hij net voor Shut In – we zaten dan al negen nummers ver – uitlegde waarom. “I feel so connected”, zei hij. België ligt Showalter nauw aan het hart: het was het eerste land waar hij echt doorbrak in 2014. En dat wil hij vooral laten horen via de muziek. Terwijl hij dat probeerde uit te leggen, brak hij zachtjes, pinkte hij een echte traan weg. En wij wilden naar voren snellen om hem een knuffel te geven, maar deden dat toch maar net niet.

Voor de setlist putte Strand Of Oaks uit de drie meest recente platen, de rockplaten dus. Toch was het concert in de eerste nummers misschien net dat beetje te braaf. Een nummer als Final Fires was aardig, maar zweefde toch nog iets te gemakkelijk voorbij en van Ruby bleef alleen de gitaarsolo in de outro bij. De eerste kopstoot kwam van For Me waarbij Timothy, gitarist nummer twee en de bassist richting finale steeds luider speelden, in een driehoek, verbroederd door de muziek. Het was prachtig om te zien en om te horen.

Even mooi was de intieme pianoballade Wild And Willing die daar meteen op volgde en dat op zijn beurt weer werd gevolgd door het naar Pink Floyd zwemende Visions. Echt groots werd het concert in de finale met de moderne klassieker Shut In waarin de drijfveren van Showalter het meest letterlijk verwoord werden: “And we try in our own way to get better / Even if we're alone / I hate talking about money / I don't wanna talk about luck / I hate thinking I'm not the same as I was.”

En dan moest JM nog komen: zevenenhalve minuut op plaat, maar nog veel langer in de live uitvoering met naar het einde toe zelfs een nieuwe uitbarsting die op gang werd getrokken door Showalter die de eerste sprongetjes van de avond maakte. JM kreeg iets van een edm-song, die opbouwt naar een ontploffing (maar dan aan het andere uiteinde van het muzikale spectrum) en die dan gelukkig ook meekrijgt.

Het bewees wat we al wisten: Strand Of Oaks is het sterkst in van die lang uitgetrokken nummers. En dus deed hij het gewoon nog een keer en nog straffer met Forever Chords, de laatste bis en het mooiste nummer dat we dit jaar al hoorden. Het werd tot ruim een kwartier uitgerokken, waarbij ook voorprogramma Frankie Lee nog wat mondharmonica mocht komen spelen. Het duurde geen seconde te lang.

Wanneer de laatste noten weggestorven waren en Timothy een aantal keer “You hope it never ends”, had herhaald, kwam bij ons het besef dat we weer naar buiten moesten, de wereld in. Terwijl het zo fijn vertoeven was in die muziekbubbel. Strand Of Oaks bewees in Trix waarom hij op dat podium moest blijven staan en wat de grote kracht is van muziek: het doet je al het andere vergeten. Merci, Timothy en tot op Rock Werchter.

27 mei 2019
Geert Verheyen