Modest Mouse
The Caboose Is Waiting
Tom Wouters
Ancienne Belgique, Brussel — 8 november 2008
Isaac Brock, frontman van de geweldige band Modest Mouse, zei tijdens het optreden dat “The Caboose is waiting”. Een caboose -wij zijn het ook moeten gaan opzoeken- is het laatste deel van een trein, waar de treinbegeleider zit. De plaats waar niemand wil zitten. Toch bleek die plaats wel mee te vallen.
Sinds kort wordt Modest Mouse bijgestaan door legende Johnny Marr, ooit lid van The Smiths. Wij vroegen ons af hoeveel verdwaalde Smiths-fans er in de AB te vinden waren en hoeveel er nooit meer zijn thuisgeraakt, want waar The Smiths een typisch Engelse band waren, is Modest Mouse duidelijk uit de VS. Met hun hoekige ritmes en schreeuwerige gezang zullen veel van die fans snel de zaal verlaten hebben.

Hedendaagse rockbands zijn eigenlijk een moderne variant van het vroegere rondreizende circus. Het publiek wil dus vooral geëntertaind worden, iets wat Isaac Brock en de zijnen goed begrepen hadden. Met twee drummers, opgesteld zodat het leek of ze elkaars spiegelbeeld waren (dat ze dezelfde kledij droegen, maakte de illusie compleet), was de band duidelijk van plan helemaal voluit te gaan.
Het meeste materiaal kwam van de laatste twee albums ‘Good News For People Who Love Bad News’ en ‘We Were Dead Even Before The Ship Sank’ , met singles Dashboard en Float On al vrij vroeg in de set. Misschien een beetje jammer, omdat het voor ons toch de ideale Modest Mouse nummers zijn, met een goede combinatie tussen power en melodie. Ook spijtig dat oudere nummers haast niet aan bod kwamen.
Een vroeg hoogtepunt was Bury Me With It, een nummer waarbij het publiek stevig te keer ging. Iets te, zo bleek iets later, toen Brock bij het volgende nummer de boel plots stillegde, en het publiek aansprak. Met een stem als die van Jack Nicholson, als die weer eens iemand speelt die stilaan gek wordt, maande hij de hevig dansende jongeren aan, om op de voeten van hun buren te letten. Hij was bezorgd om zijn publiek en wou niet dat er iemand met een slecht gevoel naar huis ging. Het leek een beetje een ingestudeerd nummertje, maar dat maakte er het niet minder leuk op.
Na dat korte intermezzo ging de set gewoon door. Met Little Motel lastte de band een rustpauze in, al had dat niet gemoeten. We houden wel van de rustige Modest Mouse songs, maar het leek alsof Isaacs stem de afwisseling tussen roepen en rustig zingen niet zo goed verwerkte. Elk rustig nummer klonk daardoor wat rommelig, met een heel laag brommende Brock.
Isaac Brock, die tijdens het zingen er af en toe als een bezetene uitziet, begon zich steeds meer in te leven, en ontspoorde na een tijdje helemaal. Hij besliste met zijn gitaar het publiek in te wandelen, en het klankgat als microfoon te gebruiken. Nog erger werd het vervolg, toen hij terug op het podium klom, en, bijgestaan door een lawaaierige klankbrij, met de microfoonstatieven begon te gooien. Echt een rol voor Jack Nicholson dus, al had dat voor ons niet gehoeven.
Gelukkig was de bisronde dan wel weer geweldig. Met een erg lange versie van Tiny Cities Made Of Ashes en een nummer dat we niet onmiddellijk herkenden sloot Modest Mouse dit wisselvallige optreden af. Toch hebben we, ondanks het wat mindere middenstuk,genoten van onze rit op de Caboose.
