Les Ardentes

Met zware voeten de nacht in

Tom Weyn
Parc Astrid van Coronmeuse, Liége8 november 2008

Dag twee van Les Ardentes stond in het teken van de dansbare muziek. De ene zal het vervloekt hebben, anderen maken wilde rondedansen bij het aanhoren van al dat elektrogeweld. Wij hielden vooral ons hart vast, bij wat sommige acts zouden doen op klaarlichte dag op een veel te groot podium. Bovendien lag er voor dat podium dan ook nog eens een enorm modderveld (de organisatie had het duidelijk niet nodig geacht daaraan iets te doen) waar niet al te gemakkelijk op te dansen viel.

De samenwerking tussen de Waalse rockband Montevideo en de elektro-producer Compuphonic, samen MVSC, zag er op papier veelbelovend uit. Op het grote openluchtpodium kwam het geheel echter iets minder vlot over. Muzikaal zat het allemaal nog relatief snor, al moesten we net iets té veel aan The Rapture denken om goed te zijn. Het schoentje knelde vooral bij zanger Jean Waterlot, zowat de meest irritante frontman die we ooit aan het werk zagen. Niet enkel moest hij de tijd tussen de nummers voltetteren met overbodige commentaar en probeerde hij tevergeefs het (geringe) publiek op te hitsen, ook zijn stem lag ons niet. Dus: een ander opperhoofd, en het komt wel goed met MVSC.

 
De compleet overbodige en onoriginele hiphop van Cool Kids lieten we graag aan ons voorbij gaan en zo hadden we nog even de tijd om onze benen nog wat rust te gunnen alvorens we ons weer in de modder begaven om Shameboy aan het werk te zien. Ook al wisten we ons kostelijk te amuseren op de dreunende beats van het duo Jimmy Dewit en Luuk Cox, hun shows zijn zo goed als altijd dezelfde. Ook Shameboy kwam niet volledig tot zijn recht in de buitenlucht en tot overmaat van ramp begon zelfs de zon te schijnen tijdens hun optreden. In één van de zalen was dit een bom geweest. Buiten beperkte de show zich tot veertig minuten aangenaam vermaak.
 
Als u het ons vraagt is Yelle de definitie van wat hip is anno 2008. Dit zowel qua voorkomen als qua muziek. Normaal gezien staan we bijzonder sceptisch tegenover zogenaamde hippe acts, maar voor de sympathieke française maken we graag een uitzondering. Live werd ze vergezeld door een drummer en een elektronicaman. Meer had deze dame niet nodig om het publiek naar haar hand te krijgen. Uiteraard konden de hitjes Je Veux Te Voir en A Cause des Garçons op het meeste bijval rekenen, maar ook de rest van de set hield gelukkig stand. Wel moet gezegd dat het niet langer had moeten duren dan de veertig minuten die het drietal gekregen had op Les Ardentes.
 
De eerste échte groep van de dag kregen we met Cansei De Ser Sexy. Dit was eveneens zowat de eerste keer dat we gitaren op het podium zagen verschijnen. Na hun doortocht op Pukkelpop vorig jaar en hun tour in het voorprogramma van Gwen Stefani hadden we onze verwachtingen iets te hoog gelegd voor dit geschifte sextet. De nummers uit de binnenkort te verschijnen plaat ‘Donkey’ zaten nog niet helemaal juist en het contrast met ouder en bekender werk als de explosieve afsluiters Let’s Make Love and Listen to Death from Above en Alala was bij momenten te groot. Desalniettemin is het steeds een plezier om CSS aan het werk te zien. Niet in het minst door de volledig dolgedraaide zangeres Lovefoxxx, een podiumbeest in de ware betekenis van het woord.
 
Net voor Booka Shade de bühne zou beklimmen brak er een tweede apocalyptische storm los waardoor het er even op leek dat het feest zou moeten uitgesteld worden. Arno Kammermeier en Walter Merziger gaven er echter niet aan toe en wisten alsnog behoorlijk wat volk het slijk, of eerder moeras want het hele terrein stond zo goed als onder water, in te sleuren. Ook wij hadden niet al te veel moeite om ons over te geven aan de opwindende mish mash van techno en elektro die het Duitse duo voortbracht. Dit deden ze ‘live’, al is dat begrip natuurlijk relatief. Percussie en elektronica waren de enige ‘live-instrumenten’ die we konden bespeuren op het podium. Booka Shade zorgde voor een simpelweg mooi en vlak geluid, voor een keer niet negatief te interpreteren.
 
Helemaal anders was de retestrakke liveshow van ons eigen Goose, niet onterecht headliner, zelfs op een Waals festival. De band zette een quasi hysterisch optreden neer dat ons op geweldadige manier van het ene hoogtepunt naar het andere sleurde. De nummers die ze brachten uit de te verschijnen plaat leunen naadloos aan bij tot wat intussen heuse klassiekers mogen genoemd worden (Black Gloves, Bring It On, Good Times, Audience, British Mode). Ook nu kon Goose de invloed van Soulwax niet onder stoelen of banken steken, maar dat hoeft helemaal geen schande te zijn. Met een rotvaart die dit weekend zijn gelijke niet kende, scheurde het Kortrijkse viertal door de set en we kunnen dan ook stellen dat een uur zelden zo snel voorbij gevlogen is als tijdens dit meesterlijk klasseconcert.
 
Hetzelfde kan gezegd worden over Dr. Lektroluv die met gemak alle, dikwijls gerenomeerde, concurrentie naar huis speelde. Een kleine twee uur had onze favoriete Hulk met telefoon gekregen om zijn ding te doen. Als het aan ons gelegen had, mocht de man gerust tot ’s morgens doorgaan. Geen enkele van zijn elektronische collega’s die we later op de nacht aan het werk zagen, gaande van Gui Boratto over M.A.N.D.Y. tot zelfs Derrick May, kwamen zelfs maar in de buurt van wat de dokter teweeg gebracht had. Alweer een zegetocht rijker. Met kilo’s modder in en aan onze schoenen (de kostprijs van een hele dag heftig shaken in het moeras) trokken we uitgeput tentwaarts.
← Terug naar overzicht