I Love Techno

Rock-'n-roll op I Love Techno

Koen Van Dijck
Flanders Expo, Gent8 november 2008

Op zowat het grootste techno-evenement dat in Europa te vinden is, hebben we afgelopen weekend uitgevist of we echt zo van techno houden. Op de pendeltram tussen het Gentse Sint-Pietersstation en Flanders Expo hadden we alvast onze eerste kennismaking met de ware technolover in hart, nieren én outfit. De perfecte intro voor wat een avond, nacht en zelfs vroege ochtend vol pumping technomusic zou worden.

Hoewel we eerst nog een beetje rondkuierden tussen de verschillende rooms, werd het toch al snel duidelijk dat de Green Room het best een hele avond gemeden werd. Tenzij u graag met gemak en buiten uw eigen wil nog twee dagen bleef na-jumpen. Wij niet, en dus gingen we het elders zoeken.



De eerste live act kregen we van Trentemøller, bijgestaan door gitarist en drummer. De donkere dubby sfeer die hij op zijn album ‘The Last Resort’ weet te scheppen, bracht hij zonder veel problemen over in de Yellow Room. Openen deed hij met het rustige Take Me Into Your Skin, om dan op te bouwen langs pareltjes als Evil Dub en Always Something Better. Het prachtige Moan, in zijn eigen dansvloerversie, mocht uiteraard niet ontbreken.



Er was veel te doen geweest rond de komst van Klaxons, mannen mét gitaren. Uiteindelijk kwam niets in huis van alle mogelijke voorspellingen van joelende technofans over een lege zaal. De zanger zag er uitzonderlijk goed gezind uit en met Bouncer vlogen ze op gepaste wijze in hun set. Toen nadien de 80’s intro van Atlantis to Interzone door de boksen knalde, beschouwde iedereen het feest voor geopend. Wat wel opviel, was dat je echt in het midden van de zaal moest staan. Aan de zijkant ging zowat alle klank verloren. Ondertussen bleven er maar mensen in spannende en veelkleurige leggings voorbijhuppelen. Tijdens de publiekslievelingen Magic en Golden Skans vlogen ook de eerste glowsticks door de lucht.



Op naar die andere hype van het moment. Hoewel Simian Mobile Disco bekend is van stevige smakkers als It’s The Beat, Hustler en Tits & Acid klonken ze op het podium zo mak als een lammetje. Zelfs de drie voornoemde hits verdwenen in een brij van inspiratieloze beats en bleeps. Niet één keer wist SMD de boel te doen ontploffen. Wij hadden minstens atoomkracht tien verwacht.



Ook Alter Ego kon ons niet overtuigen. Enkel Why Not? en Fuckingham Palace deden onze benen wiebelen, de rest klonk monotoon en saai. Een gemiste kans voor een groep die toch door veel dancefreaks op handen gedragen wordt.



Tijd voor het betere werk dan maar. Boys Noize bewees dat hij naast een eersteklasproducer- en remixer, ook een geweldig dj is. Een harde, maar gevarieerde set. Wij hoorden Modeselektor, The Prodigy, Justice en zelfs de klassieker Spinal Scratch van Thomas Bangalter voorbijwaaien. Afsluiten deed hij met - u raadt het al - zijn eigen versie van My Moon My Man van Feist. De zaal was nu volledig klaargestoomd voor de enige Belgische liveact op I Love Techno.

[pagebreak]

Van een opbouw was bij Goose geen sprake. Met opener Bring It On schoten ze meteen naar het hoogste kwaliteitsniveau. En daar bleven ze ook. Hits als British Mode, Modern Vision en Black Gloves deden het publiek volledig uit de bol gaan. Dat een jonge band op I Love Techno doorgewinterde technoacts naar huis kon spelen, zegt veel over de manier waarop dit evenement aan het evolueren is. Hun plek op de affiche was duidelijk verdiend.



Dat techno, naast knackworst, nog steeds een belangrijk exportproduct van Duitsland is, bewees Boys Noize vroeger op de avond al. Het duo van Digitalism komt uit diezelfde regionen. Deze editie van I Love Techno zag veel liveacts op haar affiche staan. Bij Digitalism waren we een beetje benieuwd wat we daaronder mochten verstaan. Het antwoord liet niet lang op zich wachten. ‘Jence’ Moelle stak onmiddellijk van wal achter de microfoon en jutte de hele zaal op met zijn dolenthousiaste geschreeuw terwijl ‘Isi’ Tüfekçi als een bezetene op een elektronische drum van jetje gaf. Idealistic is een perfect nummer om iedereen aan het dansen te krijgen, waarna ze ook nog eigenhandig voor een hoogtepunt zorgden door het geweldige Pogo zonder al te veel poespas door de speakers te smijten.



Al heel de avond was het een aan- en aflopen van mannelijke dj’s of bands. Maar Ellen Allien, een van de weinige vrouwen op de affiche, toonde dat ze er ook zonder Apparat in slaagt om een hele zaal wild te krijgen. En hoe?! Ze is zo iemand die het aankan om harde beats aan psychedelische geluiden te koppelen zonder dat we aan foute new wave gaan denken. Een uitgesponnen versie van Sehnlucht zorgde voor een welkom rustpunt in de set, en eigenlijk van zowat heel de avond, om dan weer snel de hevigere elektrotour op te gaan. Hoe langer ze aan haar set bezig was, hoe meer vertrouwen ze kreeg en dat resulteerde in enkele hoogtepunten waarop het publiek alleen nog uitbundiger kon worden.



Ondertussen stond in de Orange Room een ander fenomeen geprogrammeerd. De Londense dj Erol Alkan, bekend van de ondertussen opgedoekte Trash Club, schotelde ons een heerlijke brok electro(-rock) voor. Alkan wist, net als Ellen Allien, een aantal rustpunten in zijn set te steken, om dan weer genadeloos hard toe te slaan met Johannes Heil, Luke Vibert of zelfs Atlas van Battles. Respect!



Naar Justice werd door iedereen reikhalzend uitgekeken. Wie hen enkel van de singles D.A.N.C.E. of DVNO kende, ontdekte al snel dat Xavier de Rosnay en Gaspard Auge geen doetjes zijn. Achter hun bombastische muur van versterkers bouwden ze de set stevig op met samples van Phantom en D.A.N.C.E. als rode draad. Stress en Waters Of Nazareth zorgden voor een absoluut hoogtepunt.



Dat hoogtepunt zorgde er echter op zijn beurt voor dat wij en vooral onze ledematen uitgeput, maar toch gelaten zo stilaan naar een bed verlangden, al was dat wel even buiten de ellenlange rij voor de pendeltram gerekend. Met zo’n vierhonderd wachtenden voor ons was er gelukkig volk genoeg om op te warmen en het feestje zelfs tot op de sporen te laten voortduren.

← Terug naar overzicht