Sufjan Stevens

Een geslaagde minitrip

Dieter Vandeweyer
Ancienne Belgique, Brussel25 oktober 2005

Sinds het trio ‘Greetings from Michigan’ – ‘Seven Swans’ – ‘Illinois’ zijn wij al onvoorwaardelijke fans, gisterenavond was het de beurt aan 800 anderen om voor de bijl te gaan. Getooid in vrolijke cheerleaderpakjes, pomponnetjes inclusief, kwam Sufjan Stevens en zijn gezelschap al huppelend op, ondertussen vrolijk It’s part of the act/the fifty states scanderend. Een act die ons verbluft achterliet.

Sufjan Stevens
Foto: Kevin De Ridder
Toegegeven, wanneer Stevens een nummer inleidde, had hij wat weg van een geschiedenisleraar die zijn lesje kwam opzeggen, maar gelukkig is hij wel een stuk flegmatieker dan de exemplaren die wij in ons middelbaar onderwijs voorgeschoteld kregen. Die inleidingen waar nog niet eens zo overbodig, want plaatsen als Decatur of Jacksonville behoren niet meteen tot onze favoriete vakantiebestemmingen. Na het horen van het georchestreerde, warme klanktapijt van Decatur, or Round of Applause for Your Stepmother kregen we echter haast zin om onze volgend tripje reeds te boeken, richting Illinois.

Net zoals op plaat maakt Sufjan Stevens ook live gebruik van een verscheidenheid aan instrumenten. Elk lid van zijn begeleidingsband bespeelde wel meerdere instrumenten, van trompet en trombone over xylofoon naar piano of banjo, wat leidt tot een rijk klankenpalet, dat elk nummer prachtig inkleurt.

Tussen al die vrolijkheid kwam ineens het wonderlijke Casimir Pulaski Day piepen. De hele zaal werd stil bij dit tragische verhaal van een veel te jong meisje dat sterft aan botkanker, terwijl ook de glimlach van de gezichten van Stevens’ begeleidingsband verdween. De man zelf was ook zichtbaar ontroerd wanneer hij op het einde van het nummer de tranen uit zijn ogen wreef. Hij zette daarom meteen John Wayne Gacy Jr., om pas bij de vrolijkheid van het aanstekelijke Chicago terug open te bloeien. Ondertussen was er wel een loepzuivere hattrick aan bloedmooie songs gepasseerd.

Tijdens de lange outro van The Predatory Wasp of the Palisades is Out To Get Us had Sufjan Stevens zich in zijn gewone plunje genesteld. Het Illinois-gedeelte was voorbij, zoveel was duidelijk. Terwijl de rest van de band zich ging omkleden, misgreep Stevens zich aan de R.E.M.-song The One I Love. Misgreep, jawel, want hoewel technisch perfect, bracht de holle song weinig bij tot de rest van de rijkgevulde set. Gelukkig bracht een bloedmooi All The Trees of the Fields Clap Their Hands al snel redding. Na alle vrolijkheid uit Illinois was het nu de beurt aan ‘Seven Swans’ en n enkele uitwijding naar ‘Greetings from Michigan’, waarbij Stevens veel meer teruggreep naar de eenvoud van de banjo. “An instrument I learn to love more and more everyday”, zo verwoordde hij het, terwijl hij de weerbarstige banjo trachtte te stemmen. Nummers als A Good Man is Hard to Find of Seven Swans klonken dan ook veel intiemer, maar duurden soms net iets te lang, wat zowel prachtige als slaapverwekkende momenten opleverde.

Als ultieme bis kwam hij nog terug in Illinois-tenue, met Superman als ‘special guest’, om met The Man of Metropolis Steals Our Hearts waardig af te sluiten. Echter, bij ons is het een doodgewone jongen uit Detroit die ons hart heeft gestolen.
← Terug naar overzicht