Death Cab For Cutie - Niet veranderen werkt

De Roma, 3 februari 2019

Eén van de thema’s op ‘Thank You For Today”, de laatste plaat van Death Cab For Cutie, was verandering; of tenminste, hoe moeilijk frontman Ben Gibbard het daarmee heeft. En eigenlijk merk je dat ook aan de show, die de band De Roma voorschotelde.

Het lijkt wel of een hele generatie jongedames tegelijk de gitaar heeft opgepakt om de eigen zielenroerselen kenbaar te maken aan de wereld. Nog niet zo lang geleden zagen we Muncie Girls al schitteren in het voorprogramma van Basement. In De Roma was het de beurt aan het liefdeskindje van Liz Stokes. Want The Beths, dat is eerst en vooral haar ding. En de frisse indiepunkliedjes gingen erin als zoete koek bij het aanvankelijk koeltjes reagerende, maar geleidelijk aan opgewarmde publiek.

Het mooie aan The Beths is die paradox die er zit tussen de muziek, die opgewekt en fruitig is en de eerder bitterzoete teksten. De plaattitel ‘Future Me Hates Me’ is dan al een eerste indicatie, maar songtitels als You Wouldn’t Like Me en Little Death geven dan helemaal de doorslag. Maar op het podium was Stokes één en al glimlach met een wintermuts en borrelden en sprankelden de songs volop. En de Death Cab-fans wisten dat wel op prijs te stellen, klapten mee waar nodig en beloonden de korte set met een stevig applaus. The Beths, onthou de naam! Wij doen dat ook.

Wie al eerder een Death Cab For Cutie-show zag, wist eigenlijk vooraf al waaraan hij zich kon verwachten: een eenvoudige show met vijf (uitstekende) muzikanten, die zonder veel tierlantijntjes (geen schermen, geen lichtshow, …) nieuwe en oude songs brengen, opgefleurd met een tikkeltje humor (de bandleden droegen allemaal Beths-T-shirts in de bisronde, net als het voorprogramma (bijna) allemaal Death Cab-merch droeg).

Nochtans is er voor de groep toch wel wat veranderd: multi-instrumentalist en producer Chris Walla zag de connectie met de songs van Ben Gibbard niet meer zitten en zei de groep vaarwel en tourbandleden Dave Depper (Menomena, Ray Lamontagne) en Zac Rae (My Brightest Diamond, Fiona Apple) werden vast ingelijfd. Maar op de scène was daar dus weinig van te merken.

Traditioneel werd de avond geopend met een reeks nieuwe songs. I Dreamt We Spoke Again en Summer Years kwamen net als op de recentste plaat eerst aan bod en verderop zouden zowat alle nummers aan bod komen. Dat maakte het voor de fans, die de band niet op de voet volgen, aanvankelijk moeilijk om in de sfeer te komen en dat liet zich ook gevoelen.

Maar geleidelijk aan slopen er ook oudere songs het statige gebouw binnen en, als je dan nummers als Crooked Teeth achter de hand hebt, smelten je toeschouwers als vanzelf weg. Dat was ook één van de eerste nummers waarvoor met de gitaren – drie stuks in dit geval – alle zeilen werden bijgezet.

Het was bovendien het sein om alles uit de kast te halen. En wonderlijk genoeg bleken de nieuwe liedjes, die waren opgespaard voor het tweede deel van de show, plotseling wel helemaal op te lichten. Autumn Love, Northern Lights en voorzeker 60 & Punk misstonden niet tussen Death Cab-klassiekers als No Sunlight, Photobooth en de schitterende versies van onder meer I Will Possess Your Heart (die baslijn worden wij nooit beu).

Uiteindelijk werd naar een einde gewerkt van de twintig nummers lange setlist met Tourist, het machtige Cath…, het uiteraard voor elk publiek onmisbare Soul Meets Body, dat luid werd meegezongen, en een prachtig Marching Bands Of Manhattan.

En wonderlijk genoeg schrok de band er ook niet voor terug om zelfs nog in de bisnummers uit te pakken met een nieuw liedje (When We Drive) vooraleer af te sluiten met twee parels als Tiny Vessels en Transatlanticism.

Er zijn er die ervan overtuigd zijn dat verandering werkt, maar dat hoeft niet per se altijd te gelden. Sommige dingen mogen gerust bij het oude blijven.

4 februari 2019
Patrick Van Gestel (Foto's: Creeping Mac Kroki)