Crammerock 2017 Dag 1: de song overwon

Festivalterrein Crammerock, 1 september 2017 - 2 september 2017
Crammerock 2017

Op 1 september begint de meteorologische herfst, maar Crammerock is de place to be voor al wie nog een verlengstuk aan zijn zomervakantie wil breien en/of de herexamens van zich af wil schudden. Dit jaar pakte de organisatie bovendien uit met een geweldige affiche. Uiteraard waren wij dus ook weer van de partij.

Rockgeisha verleidt

Voormalig Evil Superstar Tim Vanhamel is niet voor niets partner in crime van Josh Homme en Jesse Hughes. Dat bewees hij voor de zoveelste keer op een zomers festivalpodium met zijn band Millionaire. De rockgensters vlogen Stekene om de oren van zodra dit Zonhovense lovechild zijn gitaar aansloeg en de microfoon naderde. Diezelfde microfroon probeerde tijdens I'm Not Who You Think You Are te ontsnappen aan het statief, maar Vanhamel kronkelde errond en eronder terwijl een roadie het onding terug vastschroefde.

En was er seks? Uiteraard! Busy Man was een korte maar krachtige gangbang, aangevoerd door Prince, Matt Bellamy en Lenny Kravitz, en zorgde geheid voor kruisvocht in menige spijkerbroek; Love Has Eyes werd opgesierd met een botergeile gitaarsolo waarna een orgeltje je begeleidde bij het verlaten van de kerk voor het zingen; en dan die moves van de frontman: hij leek wel een rockgeisha!

Al mag zijn band uiteraard ook niet vergeten worden: Aldo Struyf, Dave Schroyen en co. brouwden I'm On A High tot een kolkende cocktail en beukten met oudje Champagne de laatste tegenstand plat. Geen twijfel mogelijk over wie hier de Alpha Male was. Millionaire was weer een keer The Good, The Bad en The Ugly in één, wat nog onderstreept werd door de verre echo van Morricone in Little Boy Blue. Geen wonder dat Vanhamel beroemde fans heeft.

Ultieme feelgoodtrip

Heel wat lichtere gekheid aan de andere kant van de tent - ja, Crammerock hield ook dit jaar vast aan de noord-zuidformule - met Crystal Fighters, de bont uitgedoste Spaanse Londenaars die met Yellow Sun de dag nog wat rekten en met Follow een feestje inzetten waartegen geen cynicus bestand was. De zomervakantie was dan wel officieel door het onderwijs ten grave gedragen, hier ging de temperatuur alsnog niet omlaag.

En ja, All Night leek in de verte op iets van K3; en de ukeleles, de neuzelige spraak van de als inca uitgedoste frontman Sebastian Pringle en de tribale drums droegen nog bij tot de kinderlijk naïeve pret, maar zangeressen Eleanor Fletcher en Louise Bagan bleken echt goed te kunnen zingen en de kleurrijke visuals en de beats zorgden bij tijden voor een energie waar zelfs Doel 3 niet tegenop kon.

Crystal Fighters bleken eenentwintigsteëeuwse hippies met een boodschap van liefde (Love Is All I’ve Got, Bridge Of Bones, Love Natural) en een vette neus voor feesten (Plage, I Love London). En Crammerock liet zich maar wat graag meedrijven op de positieve vibes van deze goed geöliede machine.

De song overwon

"Music is The power", zong Richard Ashcroft in het gelijknamige nummer, halfweg de set en dat bewees hij daarvoor en daarna met knappe songs, die hij samen met zijn driekoppige band op eenvoudige maar doorleefde manier bracht.

Vaak werden die songs ondersteund met knappe visuals waarin live beelden werden getoond alsof ze op een vintage tv-toestel werden gespeeld, maar als die al een keer ontbraken, zoals bij Space And Time, viel des te meer op hoe knap 's mans nummers in elkaar steken en wat voor een geweldig zanger en gitarist Ashcroft is. Een nieuwe song als This Is How It Feels toonde dan weer aan dat hij nog altijd songs kan schrijven waarvoor zelfs de broertjes Gallagher de klep dicht zouden houden en de pet zouden afnemen.

En natuurlijk konden de songs van The Verve rekenen op het luidste applaus, maar ook Break The Night With Colour werd, net als een solo gebracht The Drugs Don't Work, spontaan overgenomen door een zingende menigte.

Voor afsluiter Bittersweet Symphony deed Ashcroft terug zijn jasje aan en zette hij een hoodie op als moest hij in een personage kruipen om de song nog uit de strot te krijgen, maar over wat voor een strot beschikt die man! Daar zit zoveel pure emotie in, dat het ook dit keer weer ontroerde.

Toen het applaus losbarstte, was Ashcroft al lang in de coulissen verdwenen als wou hij nog één keer duidelijk maken: niet hij, maar de songs stonden centraal.

Veel wederzijdse liefde

White Lies stond vijf jaar geleden ook al eens op Crammerock en toen waren ze in grote doen. Maar met de stem van Harry McVeigh is het altijd afwachten. Bij opener Take It Out On Me vreesden we voor een mindere passage, want hij kwam niet echt door. Maar in There Goes Our Love Again leek het plots alsof de microfoon werd aangezet. En toen hij uit honderden kelen ondersteuning kreeg bij oudje To Loose My Life, waren we vertrokken.

Tenminste, dat dachten we. Maar Hold Back Your Love, Take It Out On Me, Morning in LA en Swing uit de meest recente plaat 'Friends' legden bloot dat White Lies de beste songs in het verleden schreef. De sfeer zakte en tot overmaat van ramp sloeg McVeighs stem bij Unfinished Business door en was hij in From The Stars nog amper verstaanbaar.

Maar de liefde tussen België en White Lies zit diep en dat werd door de band gewaardeerd en dus zette Mc Veigh nog eens de fles whiskey aan de lippen en persten hij en de zijnen er met Death, Big TV en Bigger Than Us toch nog een knap slottrio uit dat de tent alsnog uit het dak liet gaan.

Chase And Status en Steve Aoki mochten daarna de playground overnemen. Wij trokken samen met de White Liesfans de nacht in en lieten de tent aan de partypeople in onesies en met fluozonnebrillen op.


2 september 2017
Marc Alenus (Foto's: Karel Uyttendaele)