Conor Oberst & The Mystic Valley Band

Wisselvallige geldingsdrang

Kevin Vergauwen
Botanique, Brussel8 november 2008

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: bloedstollend en adembenemend mooi, maar bij momenten ook saai en bijzonder langdradig. Dat is de conclusie die gemaakt werd wanneer we de Brusselse Botanique buiten wandelden. Zo’n kleine twee uur lang hing een propvolle Orangerie aan de lippen van songsmid en – volgens sommigen – muzikale genie Conor Oberst, voor de gelegenheid omringd door zijn Mystic Valley Band.


Amper achtentwintig en toch al veertien langspelers op je conto hebben. Velen dromen er van, weinigen is het gegund. Zeker als je weet dat de overgrote meerderheid van deze plaatjes absolute wereldklasse zijn. Voor het eerst in lange tijd liet Oberst zijn Bright Eyes links liggen, en trok hij met enkele vrienden het Mexicaanse hooggebergte in om een solo-album op te nemen. Het resultaat mag er best zijn: soberheid en intimiteit troef, met her en der een stevige countrystamper. We hebben al slechter gehoord!

Conor Oberst & The Mystic Valley Band
 
Jammer genoeg werd er in de Botanique gekozen voor een setlist met net iets te veel nieuwe nummers, covers en rariteiten, wat het geheel soms volledig uit balans bracht. Het begon nochtans allemaal veelbelovend. Openers Moab en het rootsy Sausalito plaatsen meteen de puntjes op de i. Gevolgd door het Dylanesque Get-Well-Cards en een bijzonder intense versie van Eagle On A Pole. Verbazend hoe mooi uitgebalanceerd elke noot werd gespeeld en hoe angstaanjagend perfect Oberst schreeuwerig schelle stem klonk. Gejaagd doch uiterst geconcentreerd vloeide de ene song over in de andere.
 
Wanneer ergens halfweg de main set plots de fakkel werd doorgegeven aan gitarist Nik Freitas belandde het geheel op een dwaalspoor. Hoe hard de man ook probeerde, de magie die Oberst wist over te brengen verdween plots in het niets. Iets later bleek dat ook de rest van de vijfkoppige Mystic Valley Band even de rol van protagonist mocht opnemen, wat het niveau van de show vaak schandelijk onder de grens van respectabel bracht. Absoluut dieptepunt noteerden we in de prestatie van drummer Jason Boesel.
 
Gelukkig volgden nog uitmuntende versies van Lenders In The Temple en het stampende (maar live bijzonder kort uitgevoerde) NYC, Gone Gone. Het onderonsje tussen Oberst en bassist Macey Taylor tijdens hekkensluiter Milk Thistle was er eveneens eentje om in te kaderen, zoniet het absolute hoogtepunt van de hele set. Dan toch nog applaus op alle banken. Tijdens de bisronde echter werd er verder gegaan op het experimentele elan. Covers van Harry Nilsson (Everybody’s Talking) en Bob Dylan (Corrina, Corrina) konden amper raken en ook het stomende I Don’t Want To Die (In A Hospital) wist verbazend genoeg niet helemaal te overtuigen.
 
Wat een pracht van een optreden had kunnen zijn werd net iets te veel gehypothekeerd door de prominente aanwezigheid en geldingsdrang van The Mystic Valley band. Graag zagen wij Conor Oberst dan ook zijn solo plaat écht solo spelen. Vuurwerk met bijhorend kippenvel gegarandeerd!
← Terug naar overzicht