Biezen - Ik ben op een leeftijd gekomen waar gemis de bovenhand begint te nemen

Liefde is een veelzijdig fenomeen. Dat beseft ook Erik Van Biesen die op dat vlak al heel wat ervaring heeft opgedaan. Zijn tweede plaat ‘Summer Of Red Roses’ is een themaplaat, geen conceptplaat. Er wordt nog steeds aan Luc De Vos gedacht – Erik was jarenlang bassist in Gorki en goede vriend van Luc – maar het rouwen overheerst niet meer. 

Erik Van Biesen (Biezen): The Birds Return’ heeft mij op de kaart gezet als Biezen. Het is raar dat je solo debuteert op je vierenvijftigste als je al zoveel andere platen gemaakt hebt. Die plaat was een verwerkingsplaat, ik moest die maken. Er staan nummers op die ik geschreven heb na de dood van Luc De Vos. Ik was heel tevreden met die eerste plaat. Ik bleek meteen mijn richting en mijn sound gevonden te hebben. Daarom ook dat er niet zo heel veel veranderd is. Het grootste verschil is dat ik nu zanger geworden ben. Ik ben rustiger als frontman.

‘Summer Of Red Roses’ is een plaat over de liefde. Heb je dan verschillende nummers met verschillende mensen in het achterhoofd geschreven?

Ja en neen. De single, I Will Remember You, heb ik geschreven de avond dat Chris Cornell gestorven is. Ik heb Cornell in een bepaalde periode heel erg gevolgd, vooral toen hij bij Soundgarden stopte en solo dingen ging doen. Ik luisterde heel veel naar de Amerikaanse radio en toen heb ik een ander facet van de artiest Cornell leren kennen dan wat hij bij Soundgarden toonde. De dood van zo'n muzikaal idool, dat doet je wel even nadenken. Als muzikant ken je veel mensen. Je krijgt applaus. Maar uiteindelijk ben je altijd alleen. De liefde, die ik voor Chris Cornell voel, is ook de liefde voor muziek.

In het titel- en openingsnummer That Summer Of Red Roses zing je “Life’s passing by / like a fine indian summer”. Mogen wij dan aannemen dat dat leven je iets makkelijker afgaat?

Ik ben er ondertussen vijfenvijftig. Dat wil zeggen dat je al een groot stuk van het leven doorgefietst hebt. Dat betekent niet dat het gemakkelijker wordt, maar je kan wel één en ander relativeren. Je weet dat dingen voorbijgaan en dat er wel weer iets anders zal komen ook. Die “indian summer” is ook een beeld voor mijn leeftijd: winter is coming. Dan wordt het pas hard. Elke zin kan je op verschillende manieren bekijken.

Het is iets ontzettend complex, de liefde. You Never Know verwoordt nog het best hoe spannend het is om verliefd te worden. Het zou over kalverliefde kunnen gaan, maar eigenlijk moet je je hele leven bij elke nieuwe liefde opnieuw beginnen zoeken. Het is een mysterie dat niemand ooit zal kunnen ontrafelen.

Iedereen wordt verliefd. Het is onlosmakelijk verbonden met het leven. En of je dan zestien, vierentwintig of vijfenvijftig bent, het gevoel is er nog altijd. Alleen al het openstaan voor de liefde geeft je voor een stuk levensvreugde. Gewoon, omdat het misschien wel eens kan gebeuren.

De andere kant van de liefde is de miserie die er soms bij hoort. Je kan ook plots compleet breken doordat je geliefde sterft of je verlaat. Er is de onbereikbare liefde. Pathfinder bijvoorbeeld gaat over een bepaalde liefde, die er geweest is, en over de geborgenheid die ik nog steeds mis. Het is een verhaal van toen ik nog heel jong was.

Het beste bewijs dat je zo’n dingen een heel leven meedraagt.

Dat is zo. En soms duurt het heel lang voor je erover begint te schrijven. Het minder direct schrijven – de beeldspraak waar Luc een meester in was – zorgt dat je over de liefde kan schrijven zonder melig te worden. Het wordt universeel. Daarom dat ik nooit teksten geschreven heb binnen Gorki; dat was zijn terrein. Ik heb altijd graag met hem gespeeld. Altijd. We trokken elkaar ook regelmatig recht, als we samen aan nummers werkten. Als je soms maar één nummer per week schrijft, dan moet je elkaar wel eens aanmoedigen. Die samenwerking, die mis ik nog altijd.

Ik ben ook op een leeftijd gekomen dat gemis misschien de bovenhand begint te nemen. Hoe ouder je wordt, hoe meer mensen er wegvallen. Je ouders en grootouders leven misschien niet meer; er zijn al een aantal vrienden die je moet missen; misschien zelfs al kinderen, zoals bij Nick Cave op ‘Skeleton Tree’... Het aantal mensen, dat je moet missen, wordt groter. Ik vrees dat het eigen is aan het ouder worden. Ik heb dat muzikaal proberen vertalen op de plaat. Er staan veel instrumentale, mijmerende lappen op. Stukken waar ik bewust niét heb gezongen. 

Als je één raad zou moeten geven over de liefde, welke zou het zijn?

Best niet luisteren naar mij. (lacht) Ik heb twee zonen en die hebben allebei een fantastische moeder. Door het rondzwerven overal heb ik met mijn hele hart van verschillende vrouwen gehouden. En nu nog. Het teveel aan liefde, dat gaat me blijven achtervolgen. Dat is een raad die ik kan geven: als je niet houdt van de pijn die de liefde veroorzaakt, begin er dan niet aan. Maar als je houdt van die periode waarin je zweeft en vliegt, doen!

Het is eigenlijk hetzelfde als de keuze tussen muziek als beroep en muziek als hobby. Ik heb gekozen om helemaal voor de muziek te gaan en dan hoort het erbij dat je af en toe met je bakkes op de grond belandt. 

Op 29 november 2017 was het drie jaar geleden dat Luc gestorven is. Je was toen te gast bij Nostalgie. Je hebt daar Lieve Kleine Piranha gezongen.

Eigenlijk is het nog te vroeg voor mij om nummers van Gorki te brengen. Er zitten veel pareltjes in het oeuvre van Gorki die dreigen vergeten te worden. De meeste mensen kennen Anja, Mia, Lieve Kleine Piranha en met een beetje geluk nog Soms Vraagt Een Mens Zich Af. Ooit wil ik iets doen dat de schijnwerpers op die andere nummers zet; singles en niet-singles. Tijdbom bijvoorbeeld is een fantastische, die ik soms thuis speel.

Ik heb bij Nostalgie Lieve Kleine Piranha op zo'n manier gespeeld dat het anders binnenkomt dan dat het bij Gorki op plaat staat. Ik ben Vos niet, mijn stem is anders, mijn intonatie is anders.

Je was daar samen met een zangeres, Eline Aussems, die ook in de videoclip van I Will Remember You te zien is. Wie is zij? Hoe ben je bij haar uitgekomen? Wat wordt haar rol in Biezen?

Eline is een beetje mijn "compagnon de route" geworden. Eerst en vooral omdat onze stemmen goed bij elkaar passen. Ze zingt dezelfde melodieën als ik, maar met een vrouwenstem; en dat werkt. We hebben elkaar leren kennen aan de rockschool in Ternat, Noise Gate, waar we allebei lesgeven. Op de vorige plaat zong ze ook al trouwens, alleen minder prominent. Op dit moment zit ze bij mij. Ze is gegroeid van iemand waar ik één keer mee repeteerde naar iemand die ik soms drie keer in de week zie. Ze heeft ook haar eigen band, Josie, en die plaat ga ik producen. Het wordt een wisselwerking.

We hebben de vergelijking tussen jou en hedendaagse crooners als Richard Hawley en Mark Lanegan al aangehaald...

Dankjewel, ik hoor die mensen ook wel graag. Er zijn andere crooners die ik minder fijn vergelijkingsmateriaal zou vinden, maar zij zijn fijn gezelschap. Wat niet wil zeggen dat ik altijd bij dit soort muziek zal blijven. Ik wil ooit nog een noiseplaat maken. Iets dat ik ergens onderweg heb ontdekt. Want toen ik vroeger muziek begon te schrijven, waren The Sex Pistols zowat het hardste dat er te vinden was. Dat klinkt vandaag als popmuziek (lacht). Wat er vandaag aan harder werk beschikbaar is, is wel wat anders.

Wat is je wens met deze plaat?

Simpel: meer spelen; op meer podia staan; blijven werken. Wat kan je anders doen als muzikant?

'Summer Of Red Roses' is nu uit bij Starman Records. De concertdata van Biezen zijn hier te bekijken.

5 maart 2018
Geert Verheyen