The Scene - 2007
V2
Kevin Vergauwen — 25 oktober 2009

Twee stellingen die we vooraf even willen poneren. Ten eerste hebben we altijd al stiekem een boontje gehad voor Thé Lau. Of het nu solo, met studiomuzikanten of gewoon in de oerbezetting van The Scene is. Altijd weet de man, zowel lyrisch als muzikaal, je een draai om de oren te verkopen waarvan je dagen lang het noorden kwijt bent. Ten tweede zijn we alles behalve voorstander van ‘Best Of’-platen, in welke vorm dan ook. Meestal catalogiseren we ze in het zwaar doorwegende ‘poenpakkerij schuifje’. Het was dus met een eerder wrang, wantrouwig gevoel dat het blauwe schijfje met versierde hakschoenen voor de eerste maal in onze cd-speler verdween.
Gevraagd naar het waarom van deze reünie antwoorden Thé Lau en de immer prominent aanwezige bassiste Emilie Blom van Assendelft in al hun interviews steevast dat ze de plaat en tournee eerder zien als “gezellig samen nog eens gas geven, net als voorheen”. Oude nummers worden in een nieuw kleedje gestoken, gastmuzikanten worden de studio binnengeloodst. The Scene staat er terug, wilder en luidruchtiger dan ooit tevoren, zo blijkt.
“Niets telt/niets werkt/niets doet wat het moet doen/zonder geloof”. Zeer zeker, zeventien jaar na datum weten Thé’s woorden in opener Geloof nog steeds te beklijven. Het geheel klinkt net dat tikkeltje bombastischer, maar de gitaar snijdt nog steeds als een flinterdun mes door merg en been. Aan de dreigende drum van Jeroen Booy in Samen is niet te ontkomen, net zo min als aan de uiterst strakke baslijnen die Van Assendelft uit haar instrument tovert tijdens Zuster. Of hoe een welgemikte schop een vastgeroeste deur doet openzwaaien alsof het niks is.
We kunnen ons niet van het gevoel ontdoen dat het toch maar een beetje bizar is om een frêle vrouw als Sarah Bettens de woorden “ik heb vannacht gedronkenen gezien/ hoe geen vrouw ooit terugkrijgt wat ze geeft” te horen prediken. Verder blijft Blauw zijn status als evergreen volledig trouw. Dat er van de drie gastzangers op de plaat twee Belgen zijn is uiteraard geen toeval. Thé Lau moet zowat de helft van zijn leven op Vlaamse podia en in Vlaamse studio’s doorgebracht hebben. Het lijkt dan ook een natuurlijke evidentie dat het net de hese Tom Barman is die Rigoreus naar een andere dimensie duwt.
Meisje Van De Dromen, één van de twee nieuwkomers, misstaat absoluut niet tussen de tien andere zorgvuldig uitgekozen klassiekers. Het is net alsof we terug in de tijd gekatapulteerd worden en ergens belanden tussen ‘Rij Rij Rij’ (1988) en ‘Blauw’ (1990). Dit is The Scene in zijn puurste vorm, poppy maar toch zo allesomvattend strak. Alkmaar –voorzien van tekst door dichteres Neeltje Maria Min– kennen we nog uit Thé’s theatertournee. Voor de gelegenheid wordt het nummer voorzien van een arrangement strijkers, wat het geheel naar een eenzame hoogte brengt. De trance waarin Open ons destijds bracht, wordt in deze uitvoering zowaar nog versterkt. Vermoedelijk heeft het te maken met het nog meer verfijnde gitaarspel en de extra boost die Otto Cooymans aan zijn toetsentafel het nummer meegeeft.
Verder vermelden we maar al te graag die andere intens melancholische hoogtepunten Wild En Luidruchtig en Brand. Om nog maar te zwijgen over de gerestaureerde en swingende versie van Iedereen Is Van De Wereld. The Scene anno 2007 staat voor één brok opgespaarde energie. Ook op het podium is de chemie van weleer duidelijk zicht- en voelbaar. Wij zien ‘2007’ dan ook als de ideale soundtrack voor een lange zwoele zomeravond op een festivalterrein ergens ten lande. Gaat dat zien en laat u bij voorkeur omringen door een schare dertigers en veertigers. Wedden dat het eindigt in een braspartij waaraan je nog jaren plezier beleeft?
