Sebastian Hardie - Blueprint
Eigen beheer
Christoph Lintermans — 15 februari 2012

Van een sensationele comeback gesproken: de Australische symfogroep Sebastian Hardie viert dit jaar zijn vijfenveertigste (!) verjaardag met eindelijk het derde album ‘Blueprint’. Erg productief kun je dat niet noemen, maar dit is het verhaal van kwaliteit boven kwantiteit.
En dat verhaal gaat terug tot 1967, toen bassist Peter Plavsic de Sebastian Hardie Blues Band oprichtte. Maar al snel liet men "blues band" vallen en vanaf ’72 legde men zich toe op progressieve rock. De komst van gitarist Mario Millo en toetsenist Toivo Pilt gaf de groep zijn definitieve richting; Sebastian Hardie werd de eerste progsensatie “down under”.
Na twee succesvolle klassiekers ('Four Moments' in ’75 en 'Windchase' in ’76) gingen Millo en Pilt verder onder de naam Windchase, maar op het einde van de seventies leek de wind uit de zeilen - voor de meeste, progressieve groepen overigens.
In 1994 reformeerde Sebastian Hardie voor een eenmalig optreden op het toonaangevende Progfest, waar ‘Live in LA’ getuigenis van aflegt. In maart 2003 kwam men nog eens samen voor een concerttournee in Australië en Japan. Het bloed kroop waar het niet gaan kon en plannen voor een derde studioplaat werden gesmeed.
En die is er nu. ‘Blueprint’ markeert een opvallende terugkeer naar de oude vorm, met zes tracks van een constant hoog niveau. Opener I Wish laat meteen horen dat de vertrouwde, instrumentale klasse intact gebleven is. Gitaar en toetsen spelen Camel-eske melodielijnen, terwijl men in de refreinen teruggrijpt naar de originele blues. Een aardige toevoeging is de talkbox waar Millo in navolging van David Gilmour gebruik van maakt.
Vuja de (leuke woordspeling) start met sustained gitaar vooraleer een tempoversnelling ons richting jazzrock stuurt. Millo is hier alom aanwezig, maar opnieuw is het ensemblespel de echte ster van de song. De ritmetandem Plavsic (de broers Peter en Alex) nagelt alles perfect aan de grond.
De ballad Art of Life laat het licht schijnen op gastzanger Dave Wilkins, die met zijn middenregisters aardig in de buurt komt van Gilmours stemtimbre. Maar het is vooral de klasse van Millo die dit nummer boven de middelmaat optilt.
In I Remember horen we eindelijk het progressieve instrument bij uitstek, de mellotron. De keuze voor oorstrelende melodieën valt weer meteen op, alsof Millo en Andrew Latimer (Camel) de handen in elkaar geslagen hebben. De band weet hier zowel instrumentaal als vocaal een gevoelige snaar te raken. Meeslepend traag.
Uptempo en swingend gaat Another String … van start. Millo en Pilt strekken zich lekker uit over een stuwende groove. Afsluiter Shame herinnert ons door het hymnische karakter en de heldere gitaarakkoorden opnieuw aan Camel.
Maar de grijze heren van Sebastian Hardie hoeven zich nergens voor te schamen. Ondanks de beperkte output en de discontinuïteit van de band nestelt men zich met ‘Blueprint’ weer aan de top van het genre. En met een beetje geluk is dit album de blauwdruk voor toekomstige dingen.
