No Kids - Come Into My House

Tomlab

Mieke Meskens8 november 2008

Come Into My House

Het eclecticisme is al een tijdje geïntroduceerd in dit postmoderne muzische tijdperk. Op vele groepen kunnen we geen eenvoudige stempel meer plakken, want iedereen samplet erop los met allerlei muziekstijlen om toch maar iets nieuws te kunnen brengen. Ook No kids is daar geen uitzondering op. Maar meegaan met de hypes neemt zeker niet weg dat er nog steeds aantrekkelijke muziek gemaakt kan worden.


De No Kids uit Vancouver, Californië, verdienen meer aandacht dan andere popsongproducenten. Ze diepen het muzikale aspect van hun nummers meer uit en laten alles veel rijker klinken. Julia Chirka, Justin Kellam en singer-songwriter Nick Krovich zijn mensen die meer dan één instrument kunnen bespelen, van de muziekwereld hun thuisbasis hebben gemaakt en hun kennis en vaardigheden dan ook gebruiken om elk nummer anders te maken dan het vorige. Dat alles levert een album op dat zeker niet zal vervelen door een monotone songstructuur of andere gebreken. ‘Come into my house’ is de debuutplaat van No Kids en wij gaan graag op hun uitnodiging in. 

 
The Great Escape neemt je mee naar de wondere sprookjeswereld van Patrick Wolf, die "has been traveling" eenzaam zingend op een bosjesweg . Plots gaan we funky rap, klassieke instrumenten en elektro mixen in The Beaches All Closed. Qua sound kunnen we zeggen dat het erg op onze eigen Belgische Stijn lijkt en dat het refrein wat van Craig David weg heeft. In het vrolijkste nummer het hele album kondigt een dwarsfluit het weekend aan. De song geeft perfect het gevoel weer van een zonnige vrijdagnamiddag, waar iedereen na de schooluren goedgezind een terrasje meepikt. Inderdaad, I Love The Weekend

En zo kunnen we nog een tijdje doorgaan, want met The Four Freshmen Locked Out As The Sun Goes Down lijken we beland te zijn in een oude fiftiesbioscoop waar we een musical in zwartwit bekijken en het begin van The Iron Beat zou een nieuw Puerto Ricaans getint nummer van Gabriel Rios kunnen worden, al zijn de stemmen op het einde wat meer op The Klaxons afgestemd.
 
Kortom, in elke song ontdekken we een diepere bodem. Om deze te herkennen moet je de plaat zeker en vast een tweede kans geven. We zijn dezer dagen zo overweldigd door explosieve muziek dat we even moeten wennen aan de gezelligheid van al deze zoete popliedjes. Ze verbergen veel geheimen voor ons, maar eens je ze doorgrond hebt, plak je steeds meer vast aan dit album en blijven de opgewekte pianodeuntjes nazinderen in ieders hoofd.
← Terug naar overzicht