Laïs - Documenta

EMI

Tom Weyn8 november 2008

Documenta

Het belang van Laïs in het Belgische muzieklandschap is niet te onderschatten. Tien jaar geleden hoorden we voor het eerst van dit jonge drietal als support act voor Kadril, die andere nationale folktrots. Sindsdien is de groep uitgegroeid tot een fel gewaardeerde, volwaardige en veelzijdige groep die het zelfs als eerste én enige folkgroep tot op Rock Werchter schopte. Nu maakt de groep de balans op aan de hand van ‘Documenta’.


‘Documenta’ bestaat uit drie welomlijnde delen: ‘Live in Brussels 2004’, ‘Scrapbook’ en ‘A Capella 1996’. Op het eerste schijfje vinden we een registratie van enkele nummers die twee jaar geleden live opgenomen werden. Het is verschrikkelijk storend dat deze nummers telkens apart staan en dus niet als een volwaardig live-album elkaar direct opvolgen. Nieuw en oud werk staan broederlijk naast elkaar op deze plaat maar bij wijlen komt het niet echt overtuigend over, dit is zeker niet Laïs op z’n hoogtepunt. Desondanks is het nog altijd straf, mede dankzij de schitterende live-groep met in de glansrol het folkgenie Wouter Vandenabeele. Het is ook zijn bezwerende en fenomenale vioolspel dat nummers als Rinaldo zo sterk maakt.

 
Na After the Gold Rush covert Laïs nogmaals een nummer van Neil Young; Helplessly Hoping,meteen ook het onbetwiste hoogtepunt van de plaat. Young is hen duidelijk op het lijf geschreven. Een opwindende cover van een heel andere soort is die van Opzij van Herman Van Veen, ook al terug te vinden op ‘Douce Victime’.
 
Het tweede plaatje, de ‘Scrapbook’ vormt het hoogtepunt van ‘Documenta’. Dit is de alternatieve Laïs en de Laïs zoals wij ze het liefst hebben: gedurfd en onconventioneel. Hier vinden we een allegaartje van herwerkingen, samenwerkingen, covers en onbekende nummers. Babour is wereldmuziek van een topniveau, Astronaut (een samenwerking met Spinvis) is van het beste dat Laïs ooit gemaakt heeft, De Ballade van Boon is meeslepend en bloedmooi, Meisje Loos is neurotisch en chaotisch, Swedish Designer Drugs (met Daan zelve op backing vocals) is zowat de meest bizarre cover ooit en Wanhoop van een Wees werd in een rockerig jasje gestoken maar kan niet tippen aan het origineel.
 
De échte hoogtepunten van deze plaat zijn echter Qui a Tué Grand Maman van Michel Polnareff, Dorothea in een remix van Buscemi (naar ons bescheiden ordeel zowat de beste remix van Buscemi ooit) en Kalima Kadara, een nummer dat voortdrijft op een heerlijke beat, iets wat verrassend goed werkt.
 
Tot slot is er ook het korte ‘A Capella 1996’, live opgenomen in Geel in de beginjaren van Laïs. Dit zijn de vroege versies van Vlaamse klassiekers in wording, denk maar aan De Wanhoop of ’t Zoutvat. De stemmen van Nathalie, Jorunn en Annelies zijn loepzuiver en verbazingwekkend genoeg is dit een gemakkelijk verteerbaar plaatje. omdat er hier geen instrumenten aan te pas komen wordt ook de klemtoon gelegd op de teksten die zeker toen nog heel donker en af en toe bijzonder dubieus waren. Slotnummer is 2 Emmertjes, een eigenzinnige bewerking van De Veulpoepers. Pure klasse.
 
‘Documenta’ toont Laïs in al z’n mogelijke facetten en toont ook heel goed de evolutie aan die de groep de voorbije tien jaar doormaakte. Daarom is deze verzamelaar zowel een must voor de fans als een introductie voor de (folk)leken.
← Terug naar overzicht