Jim O’Rourke & Jos Smolders - Albumin

Moving Furniture

Patrick Bruneel17 juni 2026

Albumin

De in Tilburg woonachtige Jos Smolders heeft er al een lange en indrukwekkende carrière opzitten. Actief sinds halfweg de jaren tachtig met onder meer het online magazine 'Earlabs', medeoprichter van 'Vital (Weekly)' (dat er pas recent, na vijftienhonderd edities, mee stopte), maar ook zelf musicerend als lid van onder meer THU20 en WaSm, waarin ook Frans De Waard actief was (net als bij 'Vital Weekly', dat hij veel langer deed dan Smolders).

Doorheen de decennia werd hij een almaar belangrijkere pion binnen het experimentele elektronische landschap, en dat ook over de grenzen van zijn vaderland heen.

Jim O'Rourke is uiteraard een grote naam binnen het meer experimentele muziekveld. Afkomstig uit Chicago, maar nu al jaren in Tokio verblijvend, schreef hij geschiedenis met onder meer Brise-Glace, Gastr Del Sol en als tijdelijk lid van Sonic Youth en The Red Krayola. We beginnen zelfs niet aan een lijst van namen met wie de man samenwerkte, hoe spectaculair die dan ook moge wezen.

Dat het niet altijd grote namen hoeven te zijn, bewees O'Rourke al doorheen zijn hele muzikale loopbaan. Met Smolders werkte hij eerder samen voor het album 'Additive Inverse' (2023), dat op hetzelfde Nederlandse label verscheen als dit nieuwe duo-album 'Albumin'.

Net als bij de vorige samenwerking werkte elk vanuit de eigen studio, en wisselden ze ideeën en fragmenten met elkaar uit. Deze keer gespreid over drie jaar, zo nu en dan een dag. Het initiatief kwam hier vooral van de kant van O'Rourke en zijn Kyma System, waaraan hij een resem dwarse klanken ontlokte en die in grote hoeveelheden naar Smolders stuurde, waarna ze er beiden verder mee aan de slag gingen.

Waar veel werk, dat verschijnt op Moving Furniture, eerder minimalistisch van aard is en traag verder kabbelt in een droney universum, is dit album er eentje dat, weliswaar net zo traag als de rest van de catalogus, iets meer wringt en wriemelt en bol staat van wat velen als storende geluiden zouden bestempelen. Zelf vinden we het uitermate intrigerend hoe beiden met minimale middelen een verrassend spectrum aan samenhangende klanken weten boven te halen, die verwondering oproepen.

Beiden zijn gefascineerd door geluiden in alle vormen en mogelijkheden, en dat is op 'Albumin' zeer goed te merken. Warme oorstrelende klanken wisselen af met hardere, meer wringende geluiden, wat het werk een apart en veelzijdig karakter mee geeft.

Twee stukken van net iets meer dan achttien minuten, één per plaatkant dus, die geleidelijk opbouwen of afbreken en op onverwachte momenten geluiden laten opduiken die de relatieve rust doorbreken. Net die details maken dit tot een heel interessante plaat, die toegankelijker klinkt dan veel albums in het eerder experimentele elektronische wereldje. En dat is een kunst op zich.

← Terug naar overzicht