Guido Belcanto - Het Paviljoen Der Menselijke Driften
V2
Johan Giglot — 26 september 2026

Karma? Vast wel. Op het moment dat we ons door Guido Belcanto's autobiografie vol ‘Geheime Bekentenissen’ werken, krijgen we een uitnodiging om 's mans achttiende studioalbum te ontdekken. Jawel, achttien! Dat is zelfs op vier decennia tijd een monsterscore, waarvoor we deze unieke volkszanger enkel maar dankbaar kunnen zijn. Verrassen doet Belcanto al een tijd niet meer. Charmeren en choqueren natuurlijk wel. Op de rand van liefde en drama, met de lach en de tranen, vol menselijke driften en vooral vol passie en charme.
“Droevig is deze wereld, als je in eenzaamheid leeft.”. Een multi-vocaal, Laïs-klinkend vrouwentrio opent parmantig deze nieuwe langspeler en zet meteen de toon. Naar goede gewoonte legt Guido Belcanto zonder schroom of doekjes zijn emoties en ziel bloot. Jaja, ZIJN emoties en ziel, want een nieuwe plaat betekent voor deze senior casanova vaak een rechtstreekse spiegel van zijn hart, ook al zijn die verpakt in mooie “verhaaltjes des levens”.
Muzikaal surft Belcanto alweer tussen de hokjes van smartlap, ballade en levenslied heen met een vleugje blues, een snuifje country, enig folky spel, maar vooral met dat unieke songwriterstimbre. Met trekzak, pedalsteel, harmoniumorgel of gewoon akoestische gitaar dankzij een kruim van begeleidingsmuzikanten die vooral op dezelfde emotionele golflengte zitten als de inhoud van de liedjes: donker, maar met een aantrekkelijke melodieuze finesse. Met een reggaetune onder Pearly Spencer als zon tussen duistere wolken.
In een gezapig zwalpende tango Als Ik Je Zon Niet Kan Wezen brengt de zanger ode aan zijn muze, de legendarische Zangeres Zonder Naam, mooi in tweestemmigheid met een fabuleuze stemopname van exact een halve eeuw oud. De wonderen der techniek. Ook de carrousel van Bloeiende Twijgen of de heerlijke ballade En Ze Lachte met het Spaanse gitaartje werden rechtstreeks ontleend uit het oeuvre van Maria Servaes-Bey aka de Zangeres Zonder Naam. Over Spaans gesproken, herkennen we daar niet de echo van Will Tura in het mariachi-gekruide El Bandido?
Belcanto speelt vooral graag met emoties. De mooie momenten in pure en keiharde dramatiek. Over een vamp die haar partner dwingt tot misdaad en hem uitlacht terwijl hij in de gevangenis wegkwijnt (En Ze Lachte), over kleine Liesje die papa in de kelder vindt aan haar springtouw (een update van Papa Hangt In De Kelder van 2002) of een rechtstreekse ode aan het Einde Van De Wereld van iemand die zijn liefde des levens zag vertrekken. ‘Het Pavilioen Der Menselijke Driften’ is geïnspireerd op een neoclassistische tempel in het Jubelpark vol bas-reliëfs van menselijke uitspattingen onder toezicht van Pietje De Dood. Vertaald naar deze plaat bevat het een dozijn levensverhalen met een heerlijk stuk fatalisme. “Het leven is een geschenk van het noodlot.”, aldus de letterlijke woorden. Dat is toch weer iets anders dan een “carpe diem” of het YOLO-credo.
