Freaky Age Inner Stranger

Fuzz
Inner Stranger

We waren het bestaan van Freaky Age een beetje vergeten. Vier jaar lang had de band rond Lenny Crabbe niets meer van zich laten horen. Maar ze hebben die tijdsspanne duidelijk zinvol ingevuld, want op hun nieuwe plaat, ‘Inner Stranger’ - zowaar de vierde al op amper vijfentwintigjarige leeftijd - klinken ze beter dan ooit.

Eigenlijk is het verhaal van Freaky Age materiaal voor een goed boek. Amper veertien waren ze in 2006, toen ze doorbraken op Humo’s Rock Rally. Vier broekjes voor wie het schrijven van potige rocksongs even doordeweeks leek als het oplossen van wat rekensommen. Het succes volgde meteen, de clips waren amper weg te branden van TMF, de zender die toen nog bestond en zelfs relevant was. Ze schopten het tot op het podium van Rock Werchter en Pukkelpop. Het hoedje dat nooit week van Lenny Crabbe, lijkt zelfs te zijn uitgegroeid tot voorbeeld van pakweg James Bay. Maar plots werd het stil rond de band uit Ternat.

Nu lijkt het wel alsof ze een jarenlange tournee minérale achter de rug hebben, de kerels van Freaky Age. Want ze klinken op ‘Inner Stranger’ erg fris van de lever. Al wordt die illusie van een alcoholloze periode al snel doorprikt. Song drie heet ‘Drink About It’. Fijne song ook, met een vleugje Arctic Monkeys.

Sowieso klinkt Freaky Age zeker niet wezenlijk anders dan voorheen. Ook toen gooiden ze vele rockinvloeden bij elkaar in een blender om daar eigen, dansbare rocknummers van te maken. Maar misschien is het songmateriaal nu nog net dat tikkeltje beter dan vroeger. Opener All For Nothing is een visitekaartje dat je in stijl mag gaan afgeven bij menig radiozender.

En dat geldt eigenlijk voor veel nummers die volgen: gewoon goeie rechttoe rechtaan-rock; de beuk erin met niet te veel tierlantijntjes. Single Like A Machine heeft u mogelijk al horen passeren en vat het treffend samen. Al schatten we enkele songs nog wat hoger in, misschien niet toevallig de twee nummers waarin Freaky Age net iets anders klinkt dan anders. Het iets meer ingehouden en daardoor net wat meer dreigende Waste No Tears scheert hoge toppen. Het meest experimenteel klinkt de band in Someone Else. Daarin proeven we wat Band of Horses bij het Ternatse kwartet. En dat is zeker een compliment.

Die twee songs maken een optreden van Freaky Age wellicht ook de moeite waard voor pakweg vader én zoon. De vader zal met genoegen wat flarden van zijn grote idolen terughoren in wat Freaky Age op het podium brengt, terwijl ze bij de jongeren ongetwijfeld zullen scoren met pretrock à la Lobotomy.

Was ‘Inner Stranger’ het vier jaar lange wachten waard? Wel, het is geen wereldschokkende plaat, maar het is er zeker eentje dat je zin geeft om te dansen (en wij dansen niet graag). Het is oneerlijk om naar hun leeftijd te blijven verwijzen, maar toch geloven we vooral ook dat Freaky Age nog een serieuze groeimarge heeft. Wordt dus ongetwijfeld vervolgd. 


2 april 2017
Bjorn Borgt