Apse - Spirit

Acuarela

Jan Vael8 november 2008

Spirit

Mochten we deze zwarte parel iets vroeger opgemerkt hebben, dan had hij wellicht ergens bovenaan ons eindejaarslijstje van 2006 geprijkt. Om maar te zeggen dat sommige cd’s wel gedoemd lijken een stille dood te sterven doordat ze ergens rond de jaarwisseling uitgebracht worden, maar dat trieste lot eigenlijk helemaal niet verdienen. Dat geldt dus ook voor ‘Spirit’ van Apse, een van die steeds zeldzamer wordende plaatjes die ons reeds van bij de eerste beluistering volledig van onze sokken wist te blazen.


Na een korte intro kondigen zachte, onheilspellende drums From The North aan. Gaandeweg worden meer instrumenten, alsmede fluisterende vocalen, toegevoegd aan het apocalyptische postrockgeluid en de song eindigt met een geweldige gitaarnoise-outro. Heel emotioneel geladen allemaal en meteen het eerste prijsnummer van het album. Het zachte begin van Legions laat ons voor het eerst kennismaken met de typerende, Sigur Ros-achtige stemmetjes die her en der op de plaat opduiken. Naderhand “normaliseert” de zang - zij het met een vervormd en steevast mysterieus karakter - en ontpopt de track tot een uptempo maar donker, vrij avantgardistisch postrocknummer met (alweer) een noisy outro.

 
Ook het van bij aanvang door bas en drums voortgestuwde Shade Of The Moor is een uptempo, sfeervolle song. The Crowned bevat, naast prachtige vervormde stemmetjes, ook afgemeten drums en andere postpunkinvloeden; het resulteert in een behoorlijk rockachtig, maar duister prachtnummer. Het mooie Wind Through The Walls, waarin ook een piano te horen is, is een relatief sobere jammerklacht.
 
Het volgende hoogtepunt heet Blackwood Gates en duurt bijna tien minuten. Een bijzonder knap opgebouwd opus dat via een rustige, lange intro en spookachtige fluisterzang evolueert tot een epische, heftige climax. Roffelende drums, een toefje elektronica en donkere fluisterzang overheersen dan weer in Earth Covers Us, een track waarin de invloed van een groep als Joy Division het meest prominent aanwezig is en waarin zelfs gebruik gemaakt wordt van een drumcomputer. Het nummer wordt steeds sneller en heviger en komt ietwat abrupt tot een einde.
 
Echter, elk einde is een nieuw begin, want daar weerklinken reeds de eerste sferische klanken van het twaalf minuten durende slot- en titelnummer van deze Spirit. Overwegend rustig, donker en ijl, met mysterieuze (achtergrond)zang die daarna weer wat verstaanbaarder wordt, en naar de finale toe opnieuw wat heftiger, al komt het ditmaal net niet tot een uitbarsting.
Er zijn geen zekerheden meer, mijnheer? Toch wel: de toekomst van de postrock luistert naar de naam Apse. (Apse is op 27 mei live mee te maken in de ABClub)
← Terug naar overzicht