We Are Open - dag 3 - Vitrine van Belgisch talent

, 2 juli 2018

Als je wil weten wat er leeft binnen de Belgische muziekscene dan moet je op We Are Open zijn. Trix stelt gevestigde en minder bekende bands voor aan het grote publiek op een drie avonden durend festival. Ook de derde en afsluitende avond was gevuld met pareltjes van eigen bodem. 





Het nog betrekkelijk jonge Few Bits beet de spits af. De band rond singer-songwriter Karolien van Ransbeeck was meteen een schot in de roos. Op een rustige en vooral adembenemend mooie manier kon het publiek de avond beginnen en wegdromen op een muzikale wolk.

Verliefd worden op deze knappe blondine en haar geweldige stem was niet moeilijk. Het stockholmsyndroom was alomtegenwoordig toen zij iedereen ontvoerde naar haar melancholische droomwereld op de tonen van haar warme stem en fladderende gitaarstukjes in Shell. Het eerste album 'Warrior', dat volgende week uitkomt, zal alvast een schijfje van eigen bodem zijn om naar uit te kijken.

Believo! Stond al klaar op het kleine podium van de bar. Deze jongens brengen enorm toffe muziek die de rockfan wel kan aanspreken. Geen beukend gitaargeweld, maar wel snellere muziek doorspekt met opgewekte melodietjes en een wat afwezige stem. De set die Believo! bracht was er ééntje om naar uit te kijken.

Toch stelden ze hier en daar teleur. Live moeten ze nog iets aan de slordige afwerkingen doen en hun muziek klinkt, ondanks het leuke concept, soms nog wat ruw. Natuurlijk werd single Summertime Sometimes gespeeld en goed bevonden. Ook afsluiter It's Now kon op goedkeuring rekenen. Deze jongens zitten hoe dan ook op de goede weg.

Terwijl de liefhebbers van elektronische muziek zich voor de Waffle Stage tegoed konden doen aan Stacks sloot Creature With The Atom Brain perfect aan bij voorganger Believo!.

De blauwe en donkerrode lichten zorgden voor een grimmige sfeer. Een visuele voorstelling van wat komen ging, zo bleek. Gitzwarte rock overspoelde het publiek met enkele koperblazers om het op te leuken. Ook de psychedelisch en oosters aandoende deuntjes pasten perfect bij het beeld dat de langharige en vooral schorre zanger en zijn band naar buiten wouden brengen.

Opvallend waren de twee percussionisten. De een hield het uitsluitend bij de drums terwijl de ander ook wel eens een bongo, koebel of tamboerijn ter hand durfde nemen. Hoogtepunt van de avond was het oudere nummer Transylvania dat live nog altijd voor het nodige kippenvel zorgt.

Het is nooit leuk om goede bands te missen en vaak moeten er dan ook keuzes gemaakt worden. Wij kozen de gulden middenweg. Terwijl beneden het Waffle Stage volliep voor Flying Horseman gaven wij de voorkeur aan het Gentse Hong Kong Dong, een band die te leuk is om te negeren.

Hong Kong Dong staat voor een heleboel fun. Zowel op als voor het podium stond iedereen vrolijk te shaken op deze elektropop. Hong Kong Dong is tof, speels, kinderlijk en vooral een geniaal goede, creatieve mix die men in het Vlaamse Landschap niet links mag laten liggen.

Met nummers als Yoko Oh No en Lesbians Are A Girl's Best Friend werden de gezichten van de aanwezigen in een grote, gelukzalige plooi gelegd.

Jammer genoeg verdween die even snel toen het aanschuiven geblazen bleek om Flying Horseman aan het werk te kunnen zien. Maar uiteindelijk slaagden wij er toch in de zaal binnen te raken.

Dreigend en vooral intimiderend stond hij daar, eenzaam op het podium, zijn snaren strelend alsof hij een nakende apocalyps bezong. Het publiek hing aan zijn lippen terwijl je jezelf kleiner voelde worden en Bert Dockx de eerste noten van City inzette.

Hij had de rest van zijn band bij zich en het kon niemand wat schelen want die simpele jongen op dat grote podium kreeg de hele zaal stil. Als een soort rattenvanger van Hamelen bespeelde hij het publiek dat hem volgde op zijn muzikale en vooral emotionele trektocht.

“Hoeveel tijd heb ik nog?” vroeg hij, ontwakend uit de zelf opgelegde muzikale coma. “Heel de avond!” riep iemand in het publiek terug. En niemand zou er bezwaar tege, gehad hebben mocht deze gitaargod tot in de vroege uurtjes doorgegaan zijn.

BRNS was de laatste band op het lijstje. Terwijl de festiviteiten hier nog tot in de vroege uurtjes doorgingen, kwam de laatste tram ons onverbiddelijk wegkapen.

Maar dit was een afsluiter die kon tellen! Deze band brengt soft- en indierock met een twist. In zekere zin kan je hen vergelijken met een iets hardere en vooral Belgische Vampire Weekend. Een koebel en wat engelenstemmen ondersteund door wat goede gitaren, zo beschrijf je deze jongens het best.

Bekendste single Mexico werd goed onthaald, en met reden. De georkestreerde, muzikale chaos was doorprikt met geweldige stemmen en een opgewekt deuntje was de aanleiding om op slag deze Franstalige helden aan de borst te drukken.

De derde en laatste avond was opnieuw een vitrine van muzikaal talent van eigen bodem. En wij waren blij dit te hebben kunnen meemaken.

7 maart 2013
Lieze Neven (Foto's: Patrick Geens)