Twenty One Pilots Attitude en tienermeisjes

Ancienne Belgique, Brussel
Twenty One Pilots

Tijd voor een schuldbekentenis. We waren niet voorbereid op wat we gisteren in de AB hebben meegemaakt. Dat de doortocht van de Amerikaanse band Twenty One Pilots energievol zou zijn, wisten we en we waren ons ook bewust dat er moeilijk een label te plakken is op het type muziek dat ze brengen. Maar dat het duo uit Ohio een band is voor gillende tienermeisjes, dat kwam als een verrassing.



Onder een oorverdovend geluid kwam een microfoon met lichtjes, tergend traag uit het plafond naar benden gezakt. Toen Josh Dun op drums Heavy Dirty Soul inzette en Tyler Joseph een snelle rap uitspuwde, werden we enkele stappen achteruit geblazen. Meteen was het duidelijk dat wat ons het komende uur te wachten stond, gelijk was aan een doorgedreven fitnesstraining. De AB stond al in lichterlaaie.

De combinatie van opgenomen tracks in combinatie met live drumwerk van Dun maakt het mogelijk voor Joseph om een echt podiumbeest te zijn. Springen, lopen, kruipen, met dingen gooien – die dan moeten worden opgevangen door een roadie - , maar vooral veel attitude. Als een echte publieksmenner weet hij perfect waar hij het zingen kan overlaten aan het publiek en waar hij zelf moet overnemen.

Zo waren we er ons pijnlijk van bewust dat we de les “gezamenlijk songteksten leren” hadden gemist. Want Stressed Out werd woord voor woord meegebruld en ook de eerste strofe van Migraine werd volledig gedragen door het publiek. En het was nog verstaanbaar ook.

In een verschroeiend tempo werden de songs aan elkaar gebreid. Tijdens Guns For Hands leek de vloer wel een trampoline, geen mens die niet stond te springen. En Holding On To You was van hetzelfde laken een broek. Met The Judge leek het tweetal een versnelling lager te schakelen, maar dat was enkel om het nummer nog steviger te kunnen eindigen. En Lane Boy kreeg een volwaardige Prodigy-sit-down die onder CO2-shooters uitmondde in een ware rave. Verder werd er ook nog gecrowdsurft, gecrowddrumd en gebackflipped.

Een echt rustpunt - tevens ook het enige - was er toen Joseph en Dun het intiem maakten. De twee kropen op een platform waar een kleiner drumstel recht tegenover een keyboard stond. In een medley, waarin stukken van The Pantaloon, Semi Automatic, Forest, Screen, Ode to Sleep en Addict With A Pen aan elkaar werden geplakt, bewees Twenty One Pilots dat ze het ook zonder opgenomen tracks kunnen. Muzikaal was dit het indrukwekkendste van de avond, maar we zijn er nog niet uit of dit concert dat nodig had.

Na dat intermezzo was het terug tijd om het gaspedaal volledig in te drukken. The Run And Go werd ingezet met tromgeroffel op een piano waarbij iedereen werd aangemoedigd om op elkaars schouders te kruipen. Tear In My Heart werd gekenmerkt door een overweldigende, elektronische bridge die je bij het nekvel meesleurde.

Als afsluiter van de reguliere set werd Car Radio opgevoerd. Voor de intro van het nummer, dat wat weg heeft van The Streets, werden de bivakmutsen aangetrokken zoals in de videoclip. Het nummer, dat gestaag opbouwt, zorgde dat de AB op zijn grondvesten daverde, letterlijk. En alsof dat nog niet genoeg was, snelde Joseph naar de achterkant van de zaal om daar vanop een pilaar, die boven het balkon uitkwam, de zaal te doen exploderen.

Twenty One Pilots grootse muzikanten noemen is wellicht een brug te ver, maar ze weten verdorie wel hoe ze een grootse show moeten brengen. En ere wie ere toekomt, daar dragen de gillende tienermeisje met een onvoorwaardelijke liefde voor “hun band” voor een groot stuk aan bij.  Zij waren Twenty One Pilots; en wij nu ook.


February 15, 2016
Bram Serpieters