Tutu Puoane - Knappe hommage

, 2 juli 2018

Hoe gaat dat ook al weer? Als de berg niet tot Mohammed komt, zal Mohammed tot de berg gaan? Geen begin van een zondagse preek maar wel de gedachte die ons zondagavond op weg naar de Roma door het hoofd schoot toen we ons opmaakten voor Tutu Puoane’s Antwerpse passage met haar Joni Mitchell Project.

Volgens ingewijden – en wie zijn wij omdat tegen te spreken? – is Joni Mitchell zowat het beste wat de rockmuziek van de "meer intelligente" soort de voorbije eeuw heeft voortgebracht. Zelf is deze grand lady fysiek niet meer in staat op te treden, laat staan op tournee te gaan. En dus moeten wij het stellen met durvers à la Tutu Puoane, die hun tanden zetten in het immense oeuvre dat Mitchell aan de wereld gegeven heeft.

Dat Mitchells muziek nog niets aan wervingskracht ingeboet heeft, bewees de talrijke opkomst in de Roma. Niet enkel overjaarse hippies met nog een schaarse, lange lok of grijze baard, maar evenzeer fijnbesnaarde jazzliefhebbers en - zij het niet opvallend - toch ook wat jonger publiek dat Mitchell wellicht kent via de platenkast van die toch niet helemaal foute ouders.

Puoane is een durver. Niet alleen omdat Mitchell met haar werk de standaard heel hoog heeft gelegd – het origineel riskeert voor altijd beter te blijven – maar ook omdat zijzelf in het tweede gedeelte van haar carrière steeds meer naar een jazzy benadering van haar werk opschoof. En die jazzy uitvoeringen zijn nu toevallig precies de cup of tea van Tutu Puoane. Ze kreeg een heuse jazzopleiding in Zuid-Afrika en heeft vroeger ook reeds iets gedaan met de songs van Nina Simone en Billie Holiday. Ook bij het Brussels Jazz Orchestra heeft ze intussen meer dan een voetje tussen de deur.

In Borgerhout trapte ze sterk af met River dat meteen al met een heel eigen Puoanesaus werd overgoten. Handig verweefde ze de begroeting van het publiek en de introductie van haar puike band in de strofen van dat openingsnummer. De Roma had niet meer nodig om helemaal opgewarmd te geraken. In Hissing Of The Summer Lawns kreeg gelegenheidssaxofonist Frank Vaganée voldoende ruimte om de song in te kleuren en beklom Tutu Puoane in haar improvisatievocalises moeiteloos als een roekeloze hinde eindeloze toonladders. Goodbye Porkie Pie Hat en God Must Be A Boogie Man kwamen uit ‘Mingus’, wellicht Mitchells meest jazzy project.

Puoane vermeed handig de val om te veel materiaal te gebruiken dat destijds door la Mitchell al een jazzjasje had aangemeten gekregen. Men moet de problemen ook niet gaan zoeken. De saxsolo in All I Want was overtuigend net zoals die van de contrabas van Clemens Van Der Feen. Black Crow bleek erg Zuid-Afrikaans bewerkt en dat klopte perfect, net als het aparte en originele arrangement voor Big Yellow Taxi.

Minder gecharmeerd waren we van Hejira. Geen kwaad woord over Tutu’s versie van die magistrale song, maar laat dat monument toch maar gewoon met rust. Van Der Feen deed iets heel sobers op zijn akoestische gitaar en dat was al meer dan genoeg om van I Don’t Know Where I Stand een zoveelste hoogtepunt van de avond te maken. Puoane sloot af – niet na eerst aan Ewout Pierreux, haar pianobegeleider en kennelijk ook levenspartner, en plein public eigenlijk een kind gevraagd te hebben – met het dan min of meer toepasselijke My Old Man. Hadden we reeds niet gezegd dat Puoane voor weinig terugschrikt?

Heel moedig was ook een totaal a capella-versie van Both Sides Now. Op het einde van een concert, waarin ze toch veel van haar stembanden had gevergd, werd ze overdonderd door een staande ovatie. Nog eenmaal met de hele band op het podium voor A Case Of You en toen was het feest gedaan.

Tutu Puoane heeft een respect- en kwaliteitsvolle hommage gebracht aan de grote Joni Mitchell. Iemand moet dat naar onze mening Joni in Los Angeles toch gaan zeggen.

17 januari 2017
Frank Tubex