The Strypes - Nog steeds dezelfde kwajongens

Ancienne Belgique, 30 januari 2018

Toen in 2013 'Snapshot' verscheen, het debuut van The Strypes, waren het nog tieners. Ondertussen staan we twee platen en vier jaar verder en zijn Ross, Josh, Pete en Evan prille twintigers. Aan hun core business is in die tijd nog niks veranderd. Het zijn nog steeds kwajongens die niets liever doen dan de boel op stelten zetten.

The Strypes hadden ook een voorprogramma bij. De genaamde Max Meser bracht muziek die in het verlengde lag van wat The Strypes doen. Soms deed een nummer denken aan The Beatles, dan weer aan jongere, muzikale verwanten als Miles Kane en Arctic Monkeys.

De nummers van Max Meser waren lang niet slecht, maar toen The Strypes opkwamen met een stomende versie van Rollin' And Tumblin', een bluestraditional, wisten we meteen wat we bij hem gemist hadden: de gedrevenheid die The Strypes vanaf de eerste tot de laatste seconde aan de dag legden. Op plaat is dit een leuk bandje, maar ook snel eentonig. Live is dat niet zo. Meteen slingerde Josh de microfoon in het rond en een nog enthousiastere bassist dan Peter O'Hanlon hebben we nooit gezien. The Strypes zijn dus bij uitstek een band die je live moet meemaken.

Bij The Strypes denken we aan de film American Graffiti (1973), die gaat over de jongerencultuur uit de jaren vijftig, over rock-'n-roll, over op straat rondhangen en rijden in de auto van je ouders om het mooiste meisje van de school te imponeren. De nummers hebben dan ook titels als Cruel Brunette, (I Need A Break From) Holidays en Easy Riding en zo klinken ze precies. Je gaat naar The Strypes om je te amuseren en dat werd duidelijk, toen één van de toeschouwers een pintje ging halen. Hij stapte niet gewoon naar buiten, maar huppelde.

Het hoogtepunt van de set zat ergens in het midden, toen Freckle And Burn zonder pauze overging in Easy Riding, dat op zijn beurt gevolgd werd door de bluessleper Angel Eyes en Get Into It, het nummer dat hen ooit het dichtst bij een hitje bracht. Van hieruit ging het alleen nog maar vol gas vooruit. Er werd duchtig gesoleerd op gitaar en mondharmonica en het publiek zong ijverig de ohoohoo's mee. Die gingen trouwens na het nummer nog zo lang en zo luid door dat The Strypes er een spontaan Psycho Killer van Talking Heads uit moesten gooien om Scumbag City überhaupt te kunnen inzetten.

Met Heart Of The City van Nick Lowe kwamen ze nog het dichtst bij The Ramones. Het nummer stond ook al op de debuutplaat en is voor hen de perfect gekozen cover. Toen dan ook nog Blue Collar Jane daar achteraan kwam, werd duidelijk wat de toverformule van The Strypes was: als zij rocken, kan je niet anders dan mee rollen.

The Strypes zijn nooit echt een grote band geworden en het momentum om die stap te zetten lijkt nu voorbij, maar live staan ze garant voor topenentertainment. Er was een moshpit; er stond al eens een toeschouwer op het podium en er vloog al eens een drumstok door de zaal. En wie er was, at uit de handen van deze vier.

Dit verslag verscheen ook op Newsmonkey.be.

Bekijk alle foto's hier.

31 januari 2018
Geert Verheyen (Foto's: Charline Janssen)